Westvlaamse rommelmarkt

juli 31, 2012

Of het nu gedragen schoenen zijn, een gebruikt elektrisch broodmes of een warmte-lamp, van verbazingwekkend veel spullen hebben de verkopers op deze rommelmarkt nog de originele verpakking. Ik stel me zo voor dat in elk Vlaams huis een grote kast moet staan vol met lege dozen. Die jaar in jaar uit wachten tot de inhoud oud en moe genoeg is om – weer terug in de doos –  van de hand gedaan te worden.

DJ Dany heeft geen dozen. Wel een arsenaal aan Nederlandstalige hoempapamuziek die uit zijn boxen blèrt. Zijn overbuurvrouw, de twee poten van een overmaats pluche kuiken en haar vuisten klemmend, deint vrolijk mee op de maat.


Hufter van middelbare leeftijd

juli 30, 2012

Ik sta in de hal van de Albert Heijn. Buiten regent het. Als ik me tussen de wachtende mensen door naar buiten wurm schudt een binnenkomende man zijn paraplu uit. Ik sta in de vuurlinie. Ik zeg “Dank u wel.” Hij zegt met een koude blik en zonder greintje humor “Graag gedaan.”


Totaalfestival Bladel

juli 30, 2012

MasTango

Fotografie: Auke Seuntjens


Oplossing

juli 29, 2012

Een kleine verandering van kostuum en niemand zal nog een vinger naar de mast uit durven steken.


Jaarmarkt

juli 27, 2012

Ik zit op een stoel naast mijn kledingrek vol vintage jurken. Hoofd op buikhoogte. Ik zie een man met ontbloot bovenlichaam. Zijn enorme buik loopt uit in een vetschort die voor voor zijn gulp bengelt. Ik zie een jongetje – ook met ontbloot bovenlichaam – met twee ferme tieten. Ik zie vlezige vrouwen met wandelwagens waarin ze kleine, hijgende hondjes voortduwen. Ik zie een vrouw met maar één arm. Een moddervette vrouw in gemotoriseerde rolstoel komt over de kinderkoppen langsgesnord. Ik zie haar schoudervlees lillen.

Mijn jurken lijken opeens erg klein.

Mijn naar alcohol riekende buurman, die veel te dichtbij komt, vraagt wanneer mijn man en kinderen komen. Ze laten mij hier toch niet zomaar alleen zitten? Hij zou wel weten wat hij met me zou doen. Ik zeg hem dat man en kinderen vanmiddag andere bezigheden hebben.


Zomerochtend

juli 26, 2012

Ik hoor een duif. Ik open het luikje boven mijn bed. Ik zie zon.

Beneden zet ik het espressokannetje op het gas. Ik loop naar buiten.

De zon op mijn blote huid. Alles is groen. Ik zie een courgette. En een grote gele bloem.

Ik ruik de koffie en ren naar binnen. Net iets te laat.


Hoe zou het zijn

juli 25, 2012

Wat als ik veertig of vijftig jaar eerder was geboren? Dan was ik wellicht getrouwd. Met de buurjongen. Of de eerste andere die me durfde te kussen. Of misschien had ik me niet laten kussen. Omdat dat niet hoorde. En als het na een paar jaar huwelijk bergafwaarts gegaan was met de liefde dan zou ik misschien wel niet scheiden. Omdat je dat niet deed. En ik zou kinderen hebben. Of de risee van het dorp zijn omdat ik geen kinderen kon krijgen. Ik zou aardappels schillen, brood snijden en vlees bakken. Ik zou wassen, bleken en stijven.

Of ik zou schijt hebben aan alles en iedereen. Met het circus meegaan, roken, drinken en een serie minnaars hebben.


Zomer in Gent

juli 24, 2012

Weinig geslapen. Brandende zon. Pijnlijke voeten. Heet beton. Gent.


Liftster

juli 23, 2012

Langs de weg loopt een vrouw. Af en toe draait ze zich om en steekt ze haar duim op. Ik geef een ruk aan mijn stuur, trap op de rem en kom naast haar tot stilstand. Ze wil naar Waarschoot. Zo’n kilometer of zes verder.

Als ze zit vertelt ze dat ze tijdens het winkelen ruzie kreeg met haar vriend. Dat hij met auto, huissleutels, geld en telefoons is weggereden en haar op de parkeerplaats achterliet. Dat ze aan de buren een ladder zal moeten vragen om door een raampje naar binnen te klimmen.

Ze kijkt strak voor zich uit. En vertelt dat het niet de eerste keer is dat hij haar heeft laten staan. De vorige keer gebeurde het in Cadzand. Na een lange strandwandeling. Ook toen nam hij haar geld en telefoon mee. Ze heeft er twee uur over gedaan om thuis te geraken.

Ik vraag of ze hem niet verteld heeft dat hij dat nooit meer moet doen. Ze zegt van niet. Daarna zegt ze, met zachte stem, dat ze dat dit keer maar wel gaat doen.


Aurélie huilt

juli 22, 2012

Fotografie: Eric T’Kindt

 


Aantrekkingskracht

juli 21, 2012

Iedereen wil aan de mast zitten. Met vette handen, begespte schoenen of modderlaarzen. Dronken of nuchter. Man, vrouw of kind. Het maakt niet uit.

Kinderen willen daarnaast ook nog eens paardrijden op de tuien. Of eraan gaan hangen. Of ertegenaan schoppen. Tussen de voorstellingen door, maar soms ook gewoon tijdens MasTango. Zodat ik met mast en al heen en weer schud.

Bij de afbouw bleken de meter lange ankers laatst zo ver losgereden dat ik ze met mijn pink uit de grond kon trekken.

 


Bloemen

juli 20, 2012

Ik zoek regelmatig naar blogs die me een kijkje in iemands leven gunnen. Een echt leven. En dat is lastiger dan het lijkt. Ik hoef niet te weten wat de schrijver elke dag eet, of er weer een lading peren, vlaggen en appels gehaakt is en hoe je enveloppen kunt vouwen van leuke papiertjes. Dat vind ik één keer leuk en daarna zet de irritatie in. Of ik een kerstbal wil haken? Nou nee. Een visje dan? Ook niet nee. En ik wil ook niet weten waar de nieuwste crafty markten zijn en waar je die leuke decoratieband online kunt kopen.

Ik wil weten wat mensen ècht doen. Naast het koffie drinken, froebelen, trendy marktjes bezoeken en fabuleuze maaltijden koken. Naast het huis opruimen, stapels maken en leuke “give-aways” bedenken. Of leven die lui werkelijk een leven in pasteltinten? Ik moet er niet aan denken. De ontiegelijke verveling. De peper-en-zoutloosheid. De agressie die dat bij mij los zou maken.

Maar vandaag maakte ook ik me schuldig. Ik heb bloemen gemaakt. In pasteltinten.


Spin

juli 19, 2012

Midden op de witte muur zit een grote, harige, zwarte spin. Ik blaas. Hij maakt zich klein. Ik pak mijn trainings-shirt en wapper met een mouw. Hij reageert niet. Ik veeg met de mouw langs de spin. De spin is weg. Ik heb hem niet zien vallen. Ik klop voorzichtig het shirt uit. Niets. Ik hang het shirt buiten over een paaltje. Ik train vandaag wel in iets anders.


Bij de apotheek

juli 18, 2012

– Maar jij kent mij toch wel?

– Ja, vanzelf.

– Maar ik jou niet!

– Jij was toch tegelzetter?

– Maar ja, zeventien jaar.

– Nou ja, ik was schilder.

– Ik ben al tachtig. Dan werkt de computer niet zo goed meer hé?

– Ja maar ik ook hoor.


Afblijven

juli 17, 2012

Tussen de optredens dek ik de mast met een doek af. Ik moet wel. In een blote mast klimt, als ik maar even mijn kont keer, een kind. Of een vader. Of een dronken vrouw. Ik leg uit. Dat ik de mast ontvet met aceton. Dat ik hem daarna inspuit met hars. Dat iedereen huidvet op zijn handen, vezels aan kledij en vuil onder schoenen heeft en dat als dat op mijn mast komt ik op die plaatsen minder grip heb. Ik zeg dat de mast van mij is, om in te werken. Niet van het kind, de man, of de vrouw. Niet om in te spelen. Ik vraag of ze met rust kunnen laten wat niet van hen is.

Ik zeg niet dat ze met hun godverdomde teringpoten van mijn spullen af moeten blijven. Maar denk het wel.


Perfecte kleedkamer

juli 16, 2012

In onze kleedkamer vonden we een regiment bedden. Tussen de optredens door knabbelde ik – liggend en met twee kussens in de rug – op mijn gemak een zakje chips leeg.


Aan mijn voeten

juli 15, 2012

Deze zomer durf ik geen hakken meer te dragen. Ik zal me moeten inhouden en mijn voeten alleen in lage schoenen schuiven.


Treurnis

juli 14, 2012

Het is rommelmarkt in een dorp vlakbij. Het regent. Ik heb geen zin om te gaan. Ik ga toch. De regen verandert in geplens. Het is koud. Twee meisjes zitten naast hun met ondoorzichtig groen zeil en twee peddels afgedekte koopwaar. Een Chinees zit glimlachend met paraplu in de hand op een stoel. Een bejaard echtpaar schuilt in regenkledij onder de luifel van het oude stadhuis. Ze verkopen een hengel.


Stamper

juli 13, 2012

Ons dorp heeft een keukenbenodigdhedenwinkel. Alles in de winkel is schreeuwend duur. Ik loop er binnen. Ik groet de eigenaresse die nog bij mijn broertje in de klas heeft gezeten. Ik vind binnen de minuut wat ik zoek. Een koffie-aanstamper voor mijn espresso-potje. Hij is mooi. En schreeuwend duur. Ik ga veel stampplezier tegemoet.

De volgende ochtend pak ik mijn espresso-potje. Ik vul het onderste gedeelte met water. Schep goed veel koffie in het filter. Pak de stamper. En ontdek dat hij niet past.


Angst

juli 12, 2012

Met een schok word ik wakker. Verdorie, ik ben mijn medicijn vergeten! Ik knip het licht aan. In de bovenste la van het kastje naast mijn bed, aan de linker kant, naast de peru-stick. Daar moet het liggen. Hoeveel dagen heb ik het nu al niet geslikt? Gaat het nog goed komen? Heb ik alles verpest? Kan ik nog werken? Word ik nog beter?

Als een bezetene graai ik in de la.

Ik slik helemaal geen medicijnen. Ik heb geen enge ziekte. Er ligt niets in de la. Mijn hersenen ontstressen. Mijn lichaam ontkrampt. Ik knip het licht weer uit. En probeer te slapen.


Communicatie

juli 11, 2012

Het kost meer dan twee weken, drie telefoontjes en een bezoek aan de Gamma om een afspraak met een wasmachinemonteur te krijgen. Het kost weken, telefoontjes en mailtjes om nog steeds geen afspraak met een riggingbedrijf te hebben. Het kost mailtjes en telefoontjes om nog steeds geen oplossing voor mijn websiteprobleem te hebben.

Het zal in de lucht zitten. Het gaat vast onweren.


Gillend schaap

juli 10, 2012

Vijf uur ’s ochtends. In mijn halfslaap hoor ik schapen mekkeren. Ik draai me om in mijn bed. Ik hoor duiven koeren. Ik draai me nog eens om. Ik hoor een schaap meer gillen dan mekkeren. Ik ga rechtop zitten. Ik vloek. Het schaap gilt.

Ik trek mijn ochtendjas aan. Ik loop naar de wei. Het schaap gilt. Andere schapen antwoorden. Ik zeg: houd je bek. Het gilschaap staat aan de andere kant van de wei. Het gaat liggen. Het gilt. Ik loop ernaartoe. Ik glij uit in een groene drol. De schapen kijken me aan.

Met het schaap is niets aan de hand. Het zit niet vast. Het is niet gewond. Het smeert alleen zijn keel.

Ik veeg mijn slipper af aan het natte gras. Ik ga maar koffie zetten.


In trance

juli 8, 2012

Ik zit al uren achter het stuur. Ben wazig van de pijnstillers. De straat waar ik volgens de tomtom in moet is afgesloten. Half Antwerpen is eenrichtingsverkeer en waar ik in mag leidt steevast naar de opgebroken weg waar ik nou juist omheen moet.

De auto staat in een parkeergarage en ik sta voor een rek vintage jurken. Ik kies zonder twee keer te kijken jurken, een rok en twee blouses. Trillend stap ik in de auto. Ik heb het gevoel een grote stommiteit te hebben begaan.

Thuis pak ik de jurken uit en herinner me van de helft niet dat ik ze uitgekozen heb. Ik ben blij verrast.


Op de rem

juli 8, 2012

Expresweg richting Oostende. Snelheidslimiet 120 km/uur. Plotseling wordt er geremd en uitgeweken naar de linker rijstrook. Er rijden twee tractoren op de weg. Met een vaartje van 40 km/uur.


Kracht

juli 7, 2012

Met ontbloot bovenlijf en met een moker losjes in de hand kwam W door de regen aangelopen. “Waar wil je ze hebben?” vroeg hij. Ik keek vanonder mijn capuchon en wees de plekken voor de grondankers aan. W begon te rammen. “Mogen ze nog een beetje dieper?” vroeg ik na een tijdje. Dat mochten ze.

Na de voorstelling was W verdwenen. Een paar festivalmedewerkers klopten halfslachtig met de moker tegen de ankers. Ze schudden hun hoofden. Er werd gezucht. Er werd heen en weer gebeld.

Door de backstage-uitgang werd een heftruck het terrein op gemanoeuvreerd. De lepelbladen klemden zich, na verschillende tevergeefse pogingen, om de ankerkop heen. Van alle kanten werden instructies gegild; “Trekken maar!” “Beetje naar voren nog!” “Rustig nou!” “Nog effies!” Langzaam maar zeker kwam het anker naar boven, een flinke bonk klei met zich meenemend. Het publiek dat om de heftruck heen was komen staan joelde en applaudisseerde. De jonge bestuurder bloosde.


Ezel

juli 6, 2012

Het wordt wat pathetisch. Bijna iedere keer als ik optreedt vergeet ik iets. Mijn hoofd is zo vol van alles wat met de act te maken heeft dat ik de rest van de wereld vergeet. Zo heb ik eens bij aankomst bij het theater de deur van de auto achter me op het slot gegooid terwijl de sleutel nog in het contact zat. Ik ben opwarmmatjes vergeten, mijn statief kwijtgeraakt, heb een ratelspanner aan een boom laten hangen, een anker in de grond achtergelaten en verschillende spuitbussen met hars op de optreedplek laten liggen. Maar de autosleutels zorgen voor de meeste stress. Vorige zomer ben ik anderhalf uur bezig geweest met de Vlaamse ANWB om mijn auto open te krijgen terwijl mijn sleutels gewoon naast de geluidsinstallatie op de grond lagen. Vorige week was ik ze weer kwijt en bleken ze in de zak van de jas te zitten die in ik in een restaurant had laten liggen.

Gisteren schaamde ik me toen ik P moest vertellen dat ik voor de zoveelste keer mijn sleutels kwijt was. Ze zaten niet in mijn tassen, waren niet in de kleedkamer en lagen niet bij de geluidsinstallatie of in P’s auto. Ze zaten zelfs niet in het contact van mijn auto. Ik kreeg het spaans benauwd. Zeker nadat ik het grote gat in de zak ontdekte waarmee ik die middag over het festivalterrein had gelopen. Drie kwartier zijn we ermee kwijt geraakt. Drie kwartier waarin ik flink gezweet heb. De sleutels waren op het terrein gevonden, maar ik vraag me nu werkelijk af wat het is waardoor ik niet lijk te leren. Waardoor ik me elf keer moet stoten aan dezelfde steen.


Klikspaan

juli 4, 2012

Een dorp hier dichtbij. Een doopfeest. Een feestganger zegt tegen de kersverse vader “’t Is nie van u, ’t is van de patron.” De toch-geen-vader pleegt zelfmoord.

Zou die feestganger nog in de spiegel kunnen kijken ’s ochtends? Of krijgt de vrouw de schuld in de schoenen geschoven?


Met de muziek mee

juli 3, 2012


Slikken

juli 2, 2012

K stond in de jongleerwereld bekend om zijn onwelriekendheid. Op een driedaags festival stak hij zich doorgaans in festival-t-shirt en bleef daar het hele festival in rondlopen. Hij jongleerde erin, hij acrobatiekte erin en betranspireerde het overvloedig.

A’s passie was acrobatiek. Partneracrobatiek. Toen K zich tijdens een workshop aandiende als partner twijfelde A even, maar zette zich over zijn weerstand heen. Ze acrobatiekten. Alles ging goed tot A, liggend op de grond, K op zijn voeten balanceerde en wilde overzetten naar een handstand op handen. K kuchte luid. A, die vanwege de inspanning zijn mond open had, voelde iets zijn mond in getorpedeerd worden, panikeerde een moment en wist niets anders te doen dan te slikken.

Het fenomeen K had er weer een dimensie bijgekregen.


MasTango

juli 1, 2012

Soms spreken mensen ons aan in het Engels, denkend dat we uit Argentinië komen. Zo ook vandaag in Doetinchem.

Fotografie: Frank Bassleer