De grootstad

november 30, 2012

Rotterdam. Ik logeer in het huis van een vriend. Voor het eerst in maanden. Ik zie dat zijn bruine yucca plaats heeft gemaakt voor een groene ficus.

Het is november. De stad is al gehuld in kerstsfeer. In de etalages hangen eindeloos veel glitterdecoraties. Overal is koopwaar uitgestald. Ik word er duizelig van. Ik laveer door de cadeau-kopende menigte naar een stoffenwinkel en koop de organza die ik nodig heb voor de nieuwe act. Verder wil ik niets hebben. De protserige etalages schrikken me alleen maar af.

Ik loop met een boog om een ranzige Piet met collectebus heen. Hij is slordig geschminkt en nog wat witjes rond de ogen. Zijn te kleine pruik staat voor op zijn hoofd, waardoor zo’n tien centimeter bruin nekhaar zichtbaar wordt. Onder zijn knie-lange Pietenbroek draagt hij een trainingsbroek en gympies.

Ik ben blij als ik weer in de woonkamer van de vriend zit. Naast de nieuwe groene ficus.


Ukulele

november 26, 2012


Groene man

november 25, 2012

Ik vond een vreemde man in mijn achtertuin.


Muur

november 24, 2012

Soms wil je weten wat zich achter de muur bevindt.

Soms ook niet.


Feest op de zaak

november 23, 2012


Leeg

november 21, 2012

Het regent. Ik rijd het parkeerterrein van de kringwinkel op. De winkel ligt aan het eind van een mager industrieterrein langs de expresweg. Hij is gloednieuw. Ik passeer een leeg fietsenrek. Ook gloednieuw. De winkel is groot. En slecht gevuld. In de heuphoge boekenschappen vind ik een Engels boek. Ik neem het mee.

Op een grijsgroene stoel met franjes, onder het tl-licht, zit een oude mevrouw met een kopje koffie. Ze kijkt naar de andere klanten. Ze houdt haar jas aan.

Als ik buiten stap regent het nog steeds.


Geduld

november 20, 2012

Tijd creëert harmonie..


Wennen

november 19, 2012

Mijn nieuwe lucht-speeltje is een beetje eng. Het schommelt en draait en heeft een grote haak waar ik in mijn fantasie al talloze keren op gespiest ben. Ik ben in het verken-stadium. Net zoals in het begin van mijn rvs mast-training en ongetapete ring-training, denk ik ook nu met momenten dat ik nooit iets interessants zal kunnen laten zien. Ik herken de gedachte en probeer hem los te laten. Klim gewoon tien keer omhoog in de stalen steel. Ik laat mezelf wennen aan de constructie. Ik ontdek, beetje bij beetje, de mogelijkheden. En begin er plezier in te krijgen.


Piet

november 18, 2012

Den Haag. De intocht van Sinterklaas. Een meisje. Blond haar. Grote blauwe vragende ogen. Verlegen. Blijft dicht bij haar vader. De Pieten zien haar niet. Lopen haar met hun goedgevulde zakken voorbij. De vader moedigt haar aan: “Ga maar naar Piet en vraag hem netjes om een pepernoot.” Ze verzamelt haar moed, loopt op de dichtstbijzijnde Piet af, kijkt naar hem op en zegt: “Piet, mag ik een pepernoot?” De overjarige Piet blaft: “Kinderen die vragen worden overgeslagen,” en deelt ostentatief snoepgoed uit aan alle kinderen behalve het blonde meisje.


Luchtschip

november 17, 2012

Je hoeft niet veel verbeelding te hebben om het plafond als schip te zien, 180 graden te kantelen en weg te varen.


Telefoon

november 16, 2012

Telefoon. Een vrouw die zich voorstelt als M. Ze vraagt of ik ook weet waar T is. T is haar vriendje. Ik ben T’s collega. En ex. Ik weet niet waar T is. M wordt zenuwachtig. Zegt dat ze hem al zo lang niet gezien heeft. Hem niet kan bereiken. Dat dat natuurlijk ook niet gek is, zo na de dood van zijn moeder. En T is een gevoelige man. Had er zoveel last van. Zoveel verdriet. Ze heeft een gedicht voor hem geschreven. Om hem te steunen. Weet ik echt niet waar hij is? Haar dochtertje mist hem. Is dol op hem. En hij op haar.

T heeft een andere vriendin. Waar hij mee gaat trouwen. T’s moeder is, voor zover ik weet, niet dood. M huilt. Zegt dat ze misschien zwanger van hem is. Ze hebben het zonder bescherming gedaan. Ze vraagt of ik denk dat ze nu aids kan hebben. Als ze aids heeft gaat ze hem kapot maken.

Ik heb T aan de lijn. Zeg dat M hem zoekt. Hij zegt M niet te kennen. Ik zeg dat ze misschien zwanger van hem is. Hij zegt alleen maar met haar gegeten te hebben. Ik zeg dat ze verdrietig is. Hij zegt alleen maar met haar gegeten te hebben. Ik zeg dat ze een gedicht voor hem geschreven heeft vanwege de dood van zijn moeder. Hij zegt triomfantelijk dat zijn moeder nog springlevend is.


Belasting

november 15, 2012

Er wordt aangebeld. Hij – bejaard – opent de voordeur en vraagt: “Meneer?” De aanbeller zegt: “Hondenbelasting.” Hij antwoordt: “Ik ben geen hond.”


Luikende ogen

november 14, 2012


Wanhoop

november 13, 2012

Als je niet meer weet wat te doen kun je nog altijd gaan bandwerpen.


Sprong

november 12, 2012

Ooit vertelde een choreografe waar ik mee werkte me dat je soms, net als Indiana Jones, de “Leap of Faith” moet durven nemen. Ik weet niet meer in welke context het precies was, maar van tijd tot tijd pas ik het toe op mijn leven. Af en toe moet je een sprong in het ongewisse durven nemen om vooruit te komen, te ontdekken, te groeien. Meestal gaat dat goed, soms ook niet, maar altijd ben je na de sprong weer een ervaring rijker.

Om me hieraan te helpen herinneren – en me tegen vastroesten te beschermen – heb ik Fabian, die met zijn rode cape en zevenmijlslaarzen door mijn huiskamer zweeft.


Reactor

november 11, 2012

Lunch: brood uit de reactor.


Circus

november 10, 2012

Ik zit in mijn bed met een boek en een bord zwarte oogbonen, geraspte kaas en guacamole. Een boontje valt van mijn lepel, stuitert op mijn dekbed en springt terug op mijn bord. In de guacamole. Allez-hop!


Kijk naar de vogel

november 9, 2012

Op zoek naar het kostuum voor de nieuwe act.


Action man

november 8, 2012

Als je een truc in de doeken niet meer precies weet pak je een touw en een pop. Je knoopt het touw aan een “ophangpunt” vast en laat de pop erin klimmen om de truc te doen. Je haakt, daar waar het moet, het been van de pop om het touw, doet de nodige wikkelingen en als het om een valletje gaat begeleid je de pop rustig naar beneden, zodat je precies kunt zien wat er gebeurt en kunt checken of je de truc op de juiste manier hebt voorbereid.

Action man staat erom bekend dat hij de beste doekenpop is. Zijn verhoudingen kloppen goed en hij buigt zijn ledematen op de juiste plekken. Ik heb geen action man. En toen ik op de rommelmarkt drie woeste exemplaren zag liggen voelde ik ook niet de behoefte er een aan te schaffen. Ik vind ze een beetje eng. Laat mij maar spelen met mijn lappenpop.


Waar is de vogel

november 7, 2012

Een man reageert op een van mijn zelfportretten: “Leuk!! Weer eens wat anders, je moet alleen lachen naar het vogeltje!” Het eerste wat in me opkomt: “Ik moet helemaal niets.” Het tweede wat in me opkomt: “Ik moet zelfs niet reageren.” Het derde wat in me opkomt: “Kijk naar je eigen vogeltje.”

Ik moet inderdaad helemaal niets. Zijn er regels voor fotograferen? Daar mogen vogeltjes-mannen zich van mij naar hartenlust mee vermaken. Als je het fijn vindt om binnen kaders te werken moet je dat doen. Ik vind dat niet fijn. Dus ik doe dat niet. Ik maak beelden die ik zelf interessant vind. Of grappig. Als toevallig anderen mijn smaak delen is dat leuk. Zo niet is het ook goed. Maar ik wens geen instructies te krijgen.


Geen slachtoffer

november 6, 2012

Na het telefoongesprek met de vrouw die zei de vaste en zwangere vriendin te zijn van T, de man die zei mijn vaste vriend te zijn, en spoedoverleg met mijn vriendin annex therapeute die me inpeperde dat ik moest weigeren slachtoffer te zijn, sprong ik in de auto, de boot en de trein naar Amsterdam. Aldaar kaapte ik de dikke Landrover Discovery van mijn niet-exclusieve vriend, waar ik toevallig de sleutels van had omdat hij me een paar dagen eerder had gevraagd hem op Schiphol af te zetten en zijn auto op de zaak te parkeren. Daarna dronk ik koffie met een andere vriend en wachtte samen met hem op de terugkomst van T in diens appartement.

Ik vertelde T dat ik een telefoontje van L had gehad, dat hij wel wist waar dat over ging en wel snapte dat ik afscheid nam. T zat op de rand van zijn bed en perste een paar tranen uit zijn ogen. Ik liep naar buiten, plengde ook wat tranen, en begon aan de lange terugweg naar het zuidwesten.

Na een tijdje kreeg ik telefoon van T. Of ik zijn auto had. Ik bekende. Hij zei zijn auto nodig te hebben. Ik vertelde hem dat hij hem terug kon krijgen als hij zijn schuld bij mijn vader en die bij zijn zwangere vriendin had afgelost. T strubbelde nauwelijks tegen.

Thuis stalde ik de auto bij een bevriende boer. T betaalde de schulden af. De inmiddels niet meer zwangere L stuurde een bos bloemen.


Tulband

november 5, 2012

Ik lees dat er halverwege de vorige eeuw vrouwen waren die elke dag krulspelden zetten. Om er goed uit te zien als hun man van zijn werk thuis kwam. In een leerboek van een katholieke huishoudschool voor vrouwen uit 1960 staat:

“Laat u van uw beste kant zien als u gaat slapen. Probeer er innemend uit te zien zonder uitdagend te zijn. Als u gezichtscrème moet gebruiken of krulspelden wilt draaien, wacht dan tot hij slaapt want een dergelijke aanblik zou hem in de war kunnen brengen bij het inslapen.”

Met mijn ontembare haar zou ik geopteerd hebben voor een kekke tulbandmuts. Alles om de man te behagen, natuurlijk.


Hersenkronkel

november 4, 2012

Midden in de nacht word ik wakker. Doe mijn ogen half open. Zie lichtgevende groene cijfers. Schrik. Denk: shit, wat doet de koelkast in mijn slaapkamer? Word helemaal wakker. Kijk naar de rode cijfers van mijn wekker. Sta op en ga naar het toilet. Beneden loop ik langs mijn koelkast. Die gewoon een koelkast is. Zonder display. Zonder lichtgevende cijfers.


Nieuwe act

november 3, 2012

Een nieuwe act begint altijd met eindeloos zoekwerk. We zijn al een eind op weg. We hebben een prachtig object dat aan een kraanwagen of motortakel opgetrokken gaat worden en waarin we zullen acrobatieken en spelen. We hebben een flink stuk verhaallijn. De ideeën over instrumenten en techniek beginnen vorm te krijgen. En we weten in welke tijd de act gesitueerd zal zijn.

Ik heb al een beeld van de kostuums, maar speel ook nog even met de verschillende dingen die ik al in huis heb.


Achter het raam

november 2, 2012

Zo’n dag waarop je al bibbert als je de luiken open doet. Waarop je besluit het huis niet te verlaten. Waarop je mails verstuurt vanuit je bed. Waarop je uit je raam kijkt naar de natte stoep.


Te dicht

november 1, 2012

Ik sta bij de kassa. Mijn spullen liggen op de band. Ik voel dat iemand dicht achter me staat. Te dicht. Ik kijk om en zie een groen gemouwde arm een volgende-klant-bordje pakken. De arm veegt tegen me aan. Ik doe een stap schuin naar voren. Sta oncomfortabel tegen het sigarettenrek gedrukt. De man die bij de arm hoort volgt. Hij pakt iets. Staat vlakbij me. Weer die arm, die me nu net mist. Ik zeg: “Zou u alstublieft niet zo bovenop me willen gaan staan? Ik vind dat heel vervelend.” Hij kijkt me nors aan en zegt, langzaam pratend en goed articulerend, alsof hij het heeft tegen een klein kind of iemand die niet goed bij z’n verstand is: “Oh sorry hoor. Ik pakte alleen maar wat. Ik wist niet dat u daar niet tegen kon.” Ik knik.