Jong en inhalig

september 30, 2013

Hij is 17 jaar oud en vindt rijk worden het belangrijkst in het leven. Als je geld hebt heb je alles, volgens hem. En als je het niet hebt kun je het kopen. Je legt de lat gewoon steeds hoger en koopt steeds duurdere auto’s. Bijvoorbeeld.

Bij een volgende opdracht wordt hij keihard door zijn klasgenoten genaaid.


Wind

september 30, 2013

Het waait. Hard. Zodra ik de doeken los heb gemaakt van de buiteninstallatie werken ze als zeilen. Het kost me moeite op de been te blijven. Terwijl ik niets meer doe dan ze simpelweg vasthouden. Tijdens het rustige begin van de act rukt de wind me woest uit mijn evenwicht. Er zijn momenten waarop ik aan mijn handen hang en erop moet vertrouwen dat de doeken wel weer eens mijn kant op zullen komen. Ik knoop mijn spagaat op een wel erg onconventionele manier. Mijn vleermuis wordt een zeilschip. Ik kan het redelijk laten waaien.


Macadamia

september 26, 2013

De noten van de notenkraam zagen er anders uit dan die van de supermarkt. Lichtbruine macadamia’s in plaats van crèmewitte. Ik vroeg me af of dat misschien zo hoorde. Want de notenboer is immers expert. Ik proefde. De smaak was vreemd. Ik kocht een zakje.

In de auto op weg naar huis eet ik de macadamia’s. Ze smaken naar oud frituurvet. Soms bijt ik in een zompig exemplaar met de consistentie van een bitterkoekje. Het kauwen doet pijn aan mijn kaken. Maar na het schamele avondeten op locatie ben ik niet meer kieskeurig. En hap dapper door.


Vol verwachting

september 25, 2013

We zijn volledig geïnstalleerd. De fotocamera staat op een statief in de boomgaard. Een trap leunt tegen de stoofperenboom. Ik jaag een schaap weg van de cameratas. Mijn vriendin houdt de energieke en bijzonder lelijke bok in de gaten. Het licht is mooi, maar wordt snel minder. Waar blijft de man met de hoed?

schwungwachten


Tas

september 24, 2013

Ik erger me aan mezelf. Vlak voor het optreden ontdek ik dat de tas waar ik mijn doeken in vervoer kwijt is. Vervelend. Maar niet desastreus. Toch kan ik het niet van me afzetten. Ik wil mijn doeken schoon houden bij het vervoer. Ik heb de tas zelf gemaakt. Ik heb herinneringen aan de stof. Ik baal.

Op weg naar het toilet vraag ik overal naar de tas. Er wordt meegedacht. En mee gezocht. Ik vind hem uiteindelijk zelf. Onder een tafel waaraan mensen staan te eten en vooral drinken. Ik ben blij als een kind.

Weer thuis pak ik de doeken uit om ze netjes op te vouwen. Van tussen de plooien tuimelen vier gebakvorkjes en twee lepeltjes.


Even wuiven

september 23, 2013

Langs de weg naar Watervliet staat een oud mannetje. Hij heeft een steelpan in zijn hand. Als ik hem met mijn auto passeer wuift hij vrolijk. Daarna loopt hij behoedzaam naar de overkant van de weg. Waar hij zijn pannetje leeg kiepert in de berm.

blad


Ei

september 22, 2013

We staan voor de Orangerie in Den Bosch. Klaar om een rustig café op te zoeken, een glaasje te drinken en de act na te bespreken. Op de stoep spreekt een man met een glas pils in zijn hand ons aan. “Ik wil je graag bedanken voor de gezelligheid,” zegt hij tegen me. “Hoe je daar naar boven klom, zo. En toen je in dat ei ging zitten. Dat ei, zo vier meter van de grond. Weet je wat ik dacht? Weet je wat ik dacht hè? Ik dacht dat je daar zou blijven zitten, in je ei. Dat het dan het eind was. En dan een hele tijd later dan kom je uit je ei. Dat dacht ik.”


Limbo

september 21, 2013

Ik span een koord op 1,60 meter hoogte tussen twee bomen. De groep veertienjarigen kijkt toe. “Gaan we limbodansen mevrouw?” “We gaan een tactische samenwerkingsopdracht doen,” antwoord ik. “Limbodansen?” hoor ik naast me. “Is limbodansen samenwerken?” vraag ik. Een jongere zegt van niet. Een paar anderen scanderen “Limbodansen! Limbodansen! Limbodansen!” We gaan niet limbodansen. En de tactische samenwerkingsopdracht mislukt.


Vogeltje in den vreemde

september 20, 2013

vreemdvogeltje


Koffiemomentje

september 19, 2013

Ik sta voor de koffieautomaat in de lerarenkamer. Ik pak een kopje. “De machine is stuk,” zegt de leraar van wie ik een paar uur eerder oploskoffie kreeg. “Al vijf jaar. Er komt alleen heet water uit.” “Ik dacht dat leraren niet konden overleven zonder koffie,” antwoord ik. Hij knikt en maant me mijn kopje goed hoog te houden omdat ik anders heet water op mijn hand gespetterd zal krijgen. Ik tap zonder ongelukken heet water en kijk om me heen. Speurend naar de oploskoffie. “Ik heb nog wel in mijn kastje staan,” biedt de leraar aan. Dan pas zie ik in alle vakjes van de wandkast verschillende soorten oploskoffie staan. Ik knipper met mijn ogen. Ze staan er nog steeds.


Irritatie

september 18, 2013

Al snel is iets teveel. De schilferige man die te dicht achter me staat bij de kassa. Die met zijn wagentje tegen mijn mand op rijdt. Die bij het aanpakken van het volgende-klant-bordje met zijn lange kalknagels over mijn hand schraapt. Die als ik mijn batterijen vergeet heel hard “Hééé!” roept. Ga toch weg, man.


Tong

september 17, 2013

Mijn tong doet pijn. De punt is gevoelig en rood. Ik mail bijna de vriend die eerder op bezoek was dat het maar goed is dat we niet wild hebben gezoend. Maar ik houd me in.

kruis


De donkere kamer

september 16, 2013

Nog even en de luiken gaan open.

donkerekamer


Tafelmomentje

september 15, 2013

Door een goed uitgeruste keuken loopt een muis. Hij volgt zijn neus en vindt een muizenval met daarin een aantrekkelijk geurend en ogend stuk kaas. Net als hij een hap wil nemen klinkt een schelle stem: “Niet doen muis! Dat is gevaarlijk!” De muis kijkt geschrokken op en ziet een sprinkhaan op zich af komen. “Kaas is van melk gemaakt en melk is niet bedoeld voor volwassen dieren. Melk is voor kalfjes. En misschien wel voor kleine muisjes. Maar niet voor zo’n grote muis als jij.”

De muis tippelt naar een zak graan, waarachter een kat ligt te slapen. Juist als hij een graankorrel op wil peuzelen schreeuwt de sprinkhaan: “Niet doen muis! Dat is gevaarlijk! Het meeste graan is tegenwoordig genetisch gemodificeerd. Als je het eet krijg je gegarandeerd de meest enge ziektes!”

De kat is wakker geworden van het geschreeuw van de sprinkhaan, staat voorzichtig op en spant zijn spieren om op de muis te springen. “Niet doen poes!” gilt de sprinkhaan. “Deze muis zit gegarandeerd vol ziektes en giftige stoffen. Als je zou weten wat hij allemaal van plan was te eten zou je wel drie keer nadenken voordat je hem de kop af beet.”

De kat en de muis kijken elkaar aan. De muis rent naar de frituurpan en zet hem aan. De kat pakt vliegensvlug de sprinkhaan in zijn bek en laat hem in het kokende vet vallen. Even later doen de kat en de muis zich tegoed aan knapperig gefrituurde sprinkhaan.

“Ik ben blij dat ik dankzij de sprinkhaan vandaag nog een gezonde hap binnen krijg,” zegt de muis. De kat likt zijn snorharen af en laat een boertje.


Vleermuis

september 14, 2013

We trekken de schuurdeur open en horen een piep. Het gepiep houdt aan als de deur open is. “Oh jee,” zegt P en wijst naar de grond. We kijken naar een stuiptrekkend vleermuisje. “Durf jij hem dood te maken?” vraag ik P. P antwoordt niet. We stappen in de auto en rijden weg. Als ik later poolshoogte neem is het vleermuisje verdwenen. Ik verdenk de katten.

We trekken de schuurdeur open en horen een piep. We kijken meteen naar de grond. En verdorie, daar ligt het broertje van de eerste vleermuis. Morsdood.


Het is donker

september 11, 2013

En ik kijk liever niet in de spiegel.

behangspiegel


Kraan

september 10, 2013

De kraan staat op ons te wachten op de optreedplek. Hij is oranje en groot. De kraanmeneer is wat onwennig. Hij bekent geen technieker te zijn. Na veel gemanoeuvreer kan mijn doek ingehaakt worden en de precieze speelplek worden bepaald. Ik oefen het begin van de act. En hoor waarschuwende kreten. De arm van de kraan beweegt. Op en neer, maar ook heen en weer. De kraanmeneer weet niet hoe de heen-en-weer-beweging voorkomen kan worden. Hij belt met zijn techniekers. Niemand weet raad.

De act start. Ik word overvallen door een kermisgevoel. Dat langzaam omslaat in wanhoop als ik merk dat de extreme op-en-neer-beweging het klimmen dubbel zo zwaar maakt. Na de voorstelling duurt het een klein uur voor mijn gezicht weer zijn normale kleur heeft.


Hotel

september 9, 2013

Ik sta voor een bordje in de ontbijtkamer. “Hoe wilt u uw eitje?” zegt het. Ik wil wel een gekookt eitje. Ik speur het buffet af. Geen eitjes te zien. In de keuken klinkt gerommel. Er verschijnt niemand. De rommelaar drukt zijn snor. Ik leg wat plakjes kaas op mijn rechthoekige bord. Neem een mes uit de goed verstopte bestekbak en voel dat er opgedroogde etensresten aan het metaal vastgekoekt zitten. Ik schenk mezelf een kopje oploskoffie in.

huis


Waves

september 8, 2013

In Jezus Eik.

waves jezus eik


Vogeltje

september 7, 2013

Hij loopt naar het toilet. Het is donker. In het toilet brandt licht. Het wc-matje ligt verkreukeld in een hoek. Er bovenop ligt een pantoffel. Hij gaat naar de keuken. Ook daar brandt licht. Hij vindt haar in de hoek achter de deur. “Ik kon niet meer opstaan,” zegt ze. Hij vraagt of ze iets aan haar been heeft. Ze antwoordt niet. Hij zet haar met moeite op een stoel. Ondervraagt haar. Ze lijkt onbereikbaar. Na een tijdje wandelt ze zelf naar de slaapkamer.

De volgende dag besluiten ze haar slaappillen meteen als ze uit de verpakking komen te halveren.


Rust

september 2, 2013

Ik ren als een razende door het huis, naar de milieustraat, naar de supermarkten, naar de schuur, naar de boerderij. Ik laat een glazen pot op de stenen keukenvloer stuk vallen, ik maak schoon, ruim op, koop in, bereid voor. En ik probeer te denken. Hoop dat ik niets vergeet. En dat ik wat rust in mijn hoofd kan krijgen voor de komende week.

rust


Filmmoment

september 1, 2013

Ik ben moe. Zet een film op. “A Perfect Murder.” De film start met een korte seksscene. Ik word nog moeër.