Afscheid

november 30, 2014

Mijn huisje echoot. Ik kampeer op een oud matras in wat nog een dag mijn slaapkamer is. Gisteren begaf het peertje van mijn bedlampje het en had ik alleen nog licht van de afzuigkap. Ik kan nog koffie zetten. En doe dat ook.

Het huisje voelt al niet meer als van mij. Het nieuwe huis voelt al helemaal niet als van mij. Het idee dat ik daar ga wonen is onwerkelijk.

Ik sprak al met mijn toekomstige overbuurman. Hij is jong. Ik voel me eeuwen oud. Toen ik weg reed zwaaiden we naar elkaar.

Advertenties

De leegte

november 29, 2014

karretje


Verf

november 28, 2014

“Rechtsachter!” zeg ik en wijs de plek aan waar ik denk dat de emmer muurverf staat. T staart peinzend naar de berg dozen, tafels, tjokvolle plastic zakken en koffers. “Hoeveel liter is-ie?” Vraagt hij. “Vijftien,” antwoord ik. “Denk ik.”

De achterkamer is de eerste kamer die we gaan aanpakken. Als die geverfd is kunnen de eerste zes kasten geplaatst worden en kan ik een de berg in het bijgebouw een flink stuk laten slinken. We beginnen met het weghalen van dozen, zakken, tafels en koffers. Zonder verf kunnen we maandag niets. Na een tijdje beklim ik de berg. De emmer is nog niet in zicht. Ik vloek.

Ik vind de emmer aan de linker kant van de berg. Ik sleur hem onder een stel zakken met kleding vandaan. De inhoud is tien liter.


Laatste dagen

november 27, 2014

Er staat een ladder middenin mijn huis. En een mast. En er hangt een trapeze. Er staat een blauw kastje naast mijn bed. Het is nog donker.

Als ik morgen wakker word zullen de ladder, de mast, de trapeze en het kastje weg zijn. En zal ik de leegte in kijken.


Dozen

november 26, 2014

Ik ben het zat om steeds naar de Gamma te gaan voor weer een pakket verhuisdozen. Wat doe ik ermee als ik straks over ben? Weggooien? Gebruiken voor zes eeuwen oud papieropslag?

Ik ga naar de Albert Heijn. Voor lege dozen. En roggecrackers. Het enige graanproduct dat ik kan eten. De opbrengst uit de lege-dozen-bak van de AH is schamel. Een man komt naast me staan. En kijkt me aan met een verdedigende blik. Hij is groot, te zwaar, grijs, besnord en heeft een vadsig, roodaangelopen gezicht. Naast hem, net buiten de lege-dozen-bak, zie ik een stapel van wel zes grote bananendozen die ik eerder over het hoofd had gezien. Ik vraag de man of de dozen van hem zijn. “Jaaa,” antwoordt hij lijzig en met een Hollands accent. Ik heb geen zin meer in roggecrackers.


Kortsluiting

november 25, 2014

Tijdens de vorming hoor ik een suizend geluid. Het geluid zit in mijn hoofd. Ik sta in het midden van een cirkel stoelen. Op de stoelen zitten leerlingen en leerkrachten. Ze kijken me verwachtingsvol aan. Twee seconden duurt het suizen. Twee seconden ben ik half van de wereld. Ik vraag me af of ik flauw ga vallen. Ik val niet flauw en stel de volgende vraag.

Ik rij achter een tractor. Ik erger me. Ik zie de tractor in mijn achteruitkijkspiegel. Ik kan me niet herinnenren dat ik hem heb ingehaald.

Ik rij met groot licht door Waterland Oudeman. Ik merk het pas als ik bijna het dorp uit ben. Ik schakel mijn groot licht niet uit. Ook niet als er een tegenligger komt.


Wachten

november 24, 2014

kast