De cyberpester

oktober 18, 2016

Ik krijg een bericht op mijn blog. De schrijver vraagt me of ik met mijn blog de wereld rijker maak. Vraagt me of mensen echt op mijn posts zitten te wachten. En vertelt me dat dat in zijn geval zeker niet zo is.

Ik kijk naar de blogpost waar hij op gereageerd heeft. Het is geen bijzondere post. Ik vertel niets schokkends. Doe geen sappige bekentenis. Heb het niet over wereldleed of politiek. Ik heb het gewoon over iets kleins. Iets alledaags. Iets waar ik tegenaan gelopen ben die dag.

Ik krijg weer een bericht. De schrijver vraagt me of ik dit echt nodig heb. Of ik een soort Facebookje over mezelf wil maken. En eindigt met de opmerking dat mijn leraar Engels van de middelbare school niet trots op me zou zijn. Hij ondertekent met zijn naam. M.

Ik herinner me M. Tijdens de Engelse les van de leraar waar hij het over heeft zat hij aan de schoolbank achter me. Ik kon het goed met hem vinden.

M gaat door: “Echt, je bent het zielige zogenaamd artistieke zeikwijf geworden, wat ik al zag aankomen op het KWL. Ga lekker zo verder.” En later: “Lekker ip adressjes met commentaar blokkeren, toch? Lekker echt, Esther, fijn zo, hahaha, als gedacht, hihi.”

Ik heb een tijdje niet meer geschreven. Het voelde niet meer goed. Of het nu helemaal door M kwam of niet kan ik moeilijk zeggen, maar zijn berichten hebben me zeker niet vrolijk gemaakt.

Ik stel me voor hoe het moet zijn: tegen de vijftig lopen en de behoefte voelen om iemand die je meer dan dertig jaar niet hebt gezien te gaan cyberpesten. Ik word er een beetje grauw van.

 

Advertenties

Walging

december 24, 2015

Op Facebook kom ik een foto tegen van een zeer dikke vrouw die ondersteboven in een paaldanspaal hangt. Daarnaast prijkt een foto van een kip aan het spit.

In het commentaar onder de foto’s lees ik hoe onsmakelijk de vrouw is. Dat ze de eetlust bederft. Hoe durft ze.

Ik ben blij dat de vrouw durft. Dat ze, ondanks de handicap van haar kilo’s in bikini die paal in is gegaan. Dat ze zo lang getraind en doorgezet heeft tot ze ondersteboven kon hangen. Dat is iets om trots op te zijn.

Ik van walg van die mannen die laf vanachter hun computer de vrouw – die ze niet eens kennen – beschimpen. En die daarmee alleen zichzelf belachelijk maken.


Commentaar

december 18, 2015

Ik zet een vintage jurk op mijn Vrolijk Vintage Facebookpagina. Er komt reactie: “Wat een verschrikkelijk lelijke jurk.” Iemand die ik niet ken vind het nodig om vanuit het niets negatief te zijn op mìjn Facebookpagina. Waarom?


Zorgen

november 14, 2015

De klastitularis maakt zich zorgen. Een jongen en een meisje hebben gekust. Het meisje was echt verliefd. De jongen versierde haar echter alleen vanwege een weddenschap met zes van zijn klasgenoten. Hij won een bak bier. Het meisje was zwaar gekwetst. Binnen de kortste keren wist, via Facebook, iedereen hoe ze zich erin had laten luizen.

Ik weet wie de jongen is. Ik heb het niet over het voorval. Dat zou te pijnlijk zijn voor het meisje. Op een gegeven moment vraagt de jongen me hoe ik over vluchtelingen denk en zegt dat het toch vreselijk is. Ik antwoord dat het inderdaad vreselijk is en dat als ik in gevaar zou zijn ik het erg fijn zou vinden om ergens opgevangen te worden. “Maar ze kunnen alleen pakken, mevrouw,” zegt de jongen en maakt een graaigebaar met zijn hand. Hij vertelt me dat de vluchtelingen in Koksijde twee vrouwen hebben verkracht. “We zijn niet meer veilig,” benadrukt hij.

Thuis google ik op “Koksijde” en “verkrachting.” Ik vind een nieuwsbericht met de boodschap dat een tennisleraar verdacht wordt van een brute verkrachting. Ik lees niets over vluchtelingen.

Ook ik maak me zorgen. En niet over vluchtelingen.


Roggecrackers

oktober 26, 2015

De roggecrackers die ik altijd eet hebben een andere verpakking gekregen. Papier heeft plaatsgemaakt voor dun plastic. Ik knip de verpakking open. Zie dat de crackers een slag kleiner geworden zijn. En gladder. Ik vertrouw het niet. Kijk op het oude pak. 100% volkoren roggemeel. Ik kijk op het nieuwe pak. 83% volkoren roggemeel en 17% tarwemeel. Ik loop naar buiten en kieper de crackers in de groenbak.


Keurslijf

oktober 14, 2015

Ik schrijf een stukje op Mijn Voeten. Zomaar, een grappig verhaal uit tweede hand. Ik krijg commentaar. Ik hoor dat ik het beter had kunnen verwoorden. Er worden suggesties gedaan.

Ik schrijf een stukje over vervreemding. Over het gevoel dat ik soms heb niet te passen in deze wereld. Het gevoel een alien te zijn. Ik krijg een woedende reactie.

Ik schrijf over de moeite die ik heb met trainen. Met mijn dag door komen. Het stuk wordt gebruikt om mijn competentie als artiest in vraag te stellen.

Ik schrijf over een lief briefje dat ik kreeg tijdens een vorming. Er wordt me verweten dat dat niet kies is. Dat ik mezelf niet op mag hemelen.

Ik schrijf. Ik krijg te horen dat het leuker is om dingen rechtstreeks te horen. En niet via een blog.

Het keurslijf dat om me heen gespannen wordt past me niet. Ik krijg er rugpijn van.


Rijstkorrel

september 26, 2015

De tafels in de refter zijn afgeruimd. Twee van de drie tafels zijn ook al schoongemaakt. Op de derde tafel is de vaatdoek stil komen te liggen bij de leerkrachten. Ik loop ernaartoe en haal het doekje zigzaggend over de tafel heen totdat het voor een grijzende leerkracht ligt. De leerkracht kijkt me aan en wijst naar een rijstkorrel die tien centimeter van het doekje af ligt. Zijn blik commandeert me de rijstkorrel op te rapen. Ik kijk de man in de ogen. Mijn blik vertelt hem dat hij dat zelf mag doen. Ik draai me om om mijn collega’s te helpen met het prepareren van de tafels voor de volgende maaltijd.