Voorraad

januari 7, 2017

Bij de drogist. Mijn favoriete badolie is in de aanbieding: twee halen, één betalen. Ik pak vier flesjes. In mijn kast staan ook minstens vier flesjes deodorant. Daar kan de badolie mooi naast.

Ik denk aan het vriendje dat ooit mee ging naar het huis van mijn ouders. ’s Ochtends kwam hij de keuken binnenlopen en riep uit: “Nou ja, weet je wat ik nou gezien heb? In de badkamerkast? Wel zes tubes tandpasta en vier flesjes deodorant. Dat is toch raar? Je kunt er toch maar eentje tegelijkertijd gebruiken?”

Mijn ouders en ik keken hem met open mond aan.

Ik zie dat de Oral-b tandenborstels eveneens in de aanbieding zijn. Ik neem er acht mee.


Laat het los

mei 2, 2016

Ik koop een goed afsluitbare en razend hippe drinkfles zodat ik mijn kefir mee kan nemen als ik op reis ga. Ik test de fles. Kefirkorrels, water, gedroogde abrikozen en vijgen, limoen. Vijf uur later draai ik het deksel los. Een flinke straal bruisende kefir spuit naar buiten. De fles werkt prima. Maar ik denk niet dat het een goed idee is hem mee te nemen in het vliegtuig.


Gezond begin

april 2, 2016

Het is vroeg. Ik besluit een groene smoothie te maken om de dag goed te beginnen. Ik snij een stuk groene mango klein. Ik pak spinazie. Ik trek een blik kokosmelk open. Ik zucht. Het blik dat ik open heb gemaakt bevat artisjokken. Ik pak een nieuw blik. Een blik met een deuk in de bovenkant.

Ik doe spinazie, mango en wat kokosmelk in de blender. De blender raast. Ik denk even aan T die nog ligt te slapen.

Ik neem een slok van de smoothie. Hij smaakt raar. Ik neem nog een slok. Hij smaakt vies. Ik word misselijk. Als ik de rest van de kokosmelk in de gootsteen giet zie een grote brok weg glibberen.


Waterkefir

januari 28, 2016

Van een vriend krijg ik kefir korrels. Nu kan ik zelf waterkefir maken. De vriend zegt dat dat lekker is. En gezond. Het is met name goed voor de darmflora.

Ik koop een grote weckpot en een fles met beugelsluiting. De kefir gaat in de pot, samen met gedroogde abrikozen, pruimen en een stuk kaneelschors. De pot gaat de gangkast in. Dicht, maar zonder rubberen ring en niet afgesloten, zodat opgebouwd koolzuur kan ontsnappen.

Vier dagen later pak ik de pot uit de kast. Ik zeef de inhoud met een metalen zeef-trechter. Volgens internet mag dat niet. Metaal en kefir gaat niet samen. De kefir smaakt prima.

Ik train in de trapeze. En voel me zo sterk als Popeye.


Keukenmachine

december 6, 2015

Ik heb een keukenmachine besteld. Een goede. En een dure. Zodat ik courgette-tagliatelle kan maken en eindelijk weer eens een soort pasta kan eten. En koolsla kan maken. En falafel. En vast nog veel meer.

De keukenmachine is gearriveerd. In een grote doos. De doos staat in de gang. Al twee dagen.

Ik ben moe. Als ik terugkom van mijn werk wil ik niets meer. Alleen wat hangen in mijn bed. Met mijn laptop of een boek.

Als ik nu de keukenmachinedoos openmaak en er klopt iets niet – of er lijkt iets niet te kloppen – ga ik gegarandeerd huilen. Ik laat hem nog maar een dagje in de gang staan.


Beesten

september 28, 2015

Ik pluk een trosje druiven van de rank boven mijn voordeur. Neem het mee naar mijn kamer. Ik zie een bruin beest op een druif. Een oorwurm. Ik loop naar het raam en schud hem van de tros af.

Ik ga naar de badkamer. Ik houd de tros onder de kraan. Het is de eerste keer dat ik druiven was. Acht oorwurmen en een kleine slak spoelen van tussen de druiven.

Ik vraag me af of ik de afgelopen weken wellicht oorwurmen gegeten heb.


Thee-ei

september 27, 2015

Ik zoek een thee-ei. Een thee-ei dat door de opening van mijn thermosfles past. Ik kijk in de dure keukendbenodigdhedenwinkel in het dorp. Ik kijk bij de Marskramer. Het Marskramer-ei is goedkoper. Ik koop het dure ei omdat er geen verpakking omheen zit.

Ik wil het ei afwassen voordat ik het gebruik. Ik probeer het open te krijgen. De schroefsluiting geeft geen krimp. Ik sla met het ei op het aanrecht. Het helpt niets. Ik leg het ei weg.

Een uur later probeer ik het nog een keer. Weer zonder resultaat. Ik loop naar mijn trainingsruimte en spuit vloeibare hars op mijn vingers. In een wip is het ei open.


De druppel

september 21, 2015

Ik sta bij de kassa. Ik reik over mijn boodschappen heen om een volgende-klant-bordje te pakken. Ik voel dat er iemand in mijn persoonlijke ruimte komt staan. Ik kijk opzij. Een man staat naast me. Dat vind ik wat ongemakkelijk. Aan de kassa hoort de volgende klant achter me te staan. Liefst op wat afstand. Ik kijk nog eens naar de man. En hoop dat mijn blik hem een stap achteruit doet stappen. Ik zie een druppel aan zijn neus hangen. Ik kijk snel voor me.

Ik zet mijn boodschappenmand in de auto. Een stukje verder laadt de man een net aangekochte schuurmachine in zijn auto. Zelfs op afstand zie ik de druppel. Ik ga achter het stuur zitten. Ik wacht tot de druppel valt. De man verdwijnt achter zijn auto. Met druppel. Ik start mijn motor.


Thuis op zondag

september 20, 2015

De buurman maait het gras. Ik zie hem, door de heg heen, op een neer bewegen over zijn minuscule gazon. Zijn grasmaaier knettert.

Ik hang de was op. Ik knijp mijn ogen dicht om niet verblind te worden door de felle zon. Er zitten nieuw, blankhouten knijpers in de ton. En oude bruine.

Ik loop met mijn mand naar het landje. Ik steek mijn sleutel in het hangslot, maar krijg hem niet omgedraaid. Ik klim over het gaas. Ik pluk appels. Ik raap peren. Ik klim terug over het gaas en loop naar huis.

Ik bak appelperentaart.


Rode appeltjes en recept

september 5, 2015

Ik heb prachtig glimmende rode appeltjes van mijn eigen appelboom. Bijna elke appel is het huis van een worm. En de appeltjes zijn niet rijp. Dus maak ik appel-frambozentaart.

Ik gebruik:
– mijn rode appeltjes
– amandelmeel
– kastanjemeel
– gebroken lijnzaad
– kokosmeel
– kikkererwtenmeel
– zout
– halve theelepel groen steviapoeder
– kwart bakje kokosolie
– kaneel
– appelciderazijn
– diepvriesframbozen

In een grote kom schud ik uit de losse pols amandelmeel, kastanjemeel, gebroken lijnzaad, kokosmeel en kikkererwtenmeel. Als ik denk dat de meelhoop hoog genoeg is smelt ik een kwart bakje kokosolie van de Aldi. Intussen maal ik zout boven de meelhoop en meng er een halve theelepel groene stevia doorheen. Als de kokosolie vloeibaar is roer ik hem met een vork door het meelmengsel. Er moet een vettig kruimeldeeg ontstaan. Is het niet vet genoeg, dan gaat er olie bij. Te vet kan bijna niet.

In een ronde siliconen bakvorm stort ik de inhoud van de kom en plet het deeg met een vork gelijkmatig over de bodem en tegen de opstaande rand. Appelplakjes, met schil en al, gaan op de bodem. Daaroverheen komt een laag frambozen. De rest van de appels gaan in plakjes in de kom. Ik strooi flink wat kaneel. Ik sprenkel flink wat azijn. En zorg dat het min of meer verdeeld raakt over de appelschijfjes. Dan gaat er zoveel mogelijk appel de vorm in.

In de oven, 55 minuten op 180 graden en een uurtje later staat er een mooie taart op het aanrechtblad.


Regen en water

augustus 28, 2015

Het regende en bleef regenen. Ik spoelde het toilet met regenwater. Het niveau in de watertank daalde nauwelijks. Ik liet voorzichtig water wegstromen. Regen vulde het weer aan. Ik gebruikte twee emmers regenwater in mijn bad. Nog zit de tank te vol. Vanavond ga ik de planten nog maar eens extra water geven.


Water

augustus 26, 2015

Een tijdje geleden kocht ik een waterton. Omdat planten regenwater lekker vinden. Omdat een ton leuk staat in de tuin. Ook al is hij van donkergroen plastic. En omdat het handig is om water dichtbij de planten te hebben.

Laatst kregen we twee enorme 1000-liter vaten van de buurman. De 50-liter ton valt erbij in het niet. Bij de eerste fikse regenbui keken we met ontzag hoe snel het eerste vat zich vulde. Emmer voor emmer bracht T water over naar vat nummer twee.

T is voor een paar weken weg. Het regent veel. En hard. Het eerste vat vult zich in een razend tempo. Ik begin de dag met emmers overzetten naar het andere vat. Na twee dagen is vat twee vol.

Ik maak me zorgen over wat er kan gebeuren als het eerste vat vol raakt. We hebben nog geen overloop geïnstalleerd. Ik besluit mijn toilet met regenwater te gaan doorspoelen.


Strijken

juli 19, 2015

Ik strijk. En erger me. Niet alleen strijkt mijn strijkbout de kreukels niet uit de vintage jurken, hij morst ook nog eens dikke druppels op de stof. Niet al te lang geleden heb ik hem ontkalkt. Hij lijkt het iets beter te doen dan voorheen.

Tijdens het strijken dooft het lampje op de bout. Ik kijk in de stoppenkast. Ik duw de doorgeslagen stop weer naar boven.

De strijkbout sputtert wat. Als ik hem terug op de jurk zet spuugt hij een hele straal water met kalkresten over de stof heen. Ik zet hem uit, pak mijn computer en bestel een nieuwe strijkbout.


Paardebloemen

april 15, 2015

Ik lees op internet dat paardebloemgroen gezond is. Een mevrouw loopt over van energie sinds ze elke ochtend een paardebloem-mango-smoothie drinkt.

Onze tuin wordt geteisterd door paardebloemen. T bestrijdt ze onvermoeibaar. Tot onder de stoeptegels.

Ik vertel hem over wat ik heb gelezen. Als ik later die dag buiten kom heeft hij een zinken teil omgetoverd tot paardebloemkwekerij. “Als je de bloemen er maar uit knipt voordat ze zaad maken,” zegt hij.

Die avond maak ik rucola-pesto met paardebloemblad. Het smaakt als rucola-pesto. En van een energie-boost merk ik ook niks.


Groenbak

februari 22, 2015

Het yoghurt-emmertje voor het groenafval dat op het aanrecht staat is vol. Ik loop ermee naar buiten. Het is koud. Er ligt ijs op de groenbakken. Ik probeer de rechter groenbak. Het deksel zit vastgevroren. Ik probeer de linker. Hetzelfde. Ik sla met mijn vuist op het deksel van de linker groenbak. En warempel, ik krijg het naar boven. Ik zie dat de bak leeg is. Dus sla ik met mijn vuist op het deksel van de rechter bak, licht het op en gooi de inhoud van het yoghurt-emmertje bij de andere groenresten.


Afvoer

februari 16, 2015

Van het ene op het andere moment stroomt het water in de gootsteen niet meer weg. Ik haal de plopper. Plopper mezelf nat met spuitend water uit de overloop. Het water in de gootsteen blijft staan. Ik draai de zwanenhals los. Water spuit half in de klaarstaande emmer en half in het gootsteenkastje. En op mijn vintage peignoir. De zwanenhals is schoon. Ik zet alles weer in elkaar. Het water stroomt niet weg. Ik giet gootsteenontstopper de afvoerbuis in. Ik laat de boel vijf uur werken. Ik giet kokend water in de gootsteen. Het metaal van de gootsteen maakt een plopgeluid. Het water stroomt niet weg. Ik haal een ontstoppingsveer bij de Gamma. Ik draai de hele drie meter de afvoerbuis in. Het water loopt niet weg.

Morgen komt de loodgieter. Om acht uur. Met een blazer. En een zuiger. En een heel lange veer.

Het vervelendst vind ik dat ik het niet snap. Hoe kan het ene moment een gootsteen als een tierelier doorstromen om daarna volledig verstopt te zitten? Ik denk dat ik me daar tot morgen acht uur maar eens het hoofd over ga breken.


Vlek

juli 31, 2014

Ik mors koffie op mijn witte dekbedovertrek. Het laatste beetje drab van onderin het kopje. Ik kijk naar de vlek. Bedenk dat er nu waarschijnlijk ook een kleinere vlek in het dekbed zelf zit. Ik kan er niet zo mee zitten.

Ingespoten met vlekkenspray en ondersteund door vlekkenpoeder gaat de overtrek een week later de wasmachine in. Als ik hem aan de waslijn hang zie ik dat de vlek er nog steeds in zit.


Rubber ring

juli 29, 2014

Ik laat de meneer in de ijzerwarenzaak mijn sproeier zien. En de rubber ring die niet niet meer helemaal “je dat” is. De man pakt een bak rubber ringen. Graait er wat in. Zegt dat het een lastig ringetje is. Dat hij dat niet heeft. Hij vraagt waar ik de sproeier gekocht heb. De sproeier komt uit Indonesië. “Niet verder weg?” vraagt de man. Hij ontbloot zijn tanden en ik zie brede, zwarte rouwranden om zijn tandhalzen zitten. Volgens hem moet ik contact opnemen met de fabriek. Ik groet hem.

Bij de Gamma koop ik een nieuwe slang. Mèt ring. Die perfect op de sproeier past.


Naald

juli 14, 2014

Al dagen hik ik aan tegen het herstellen van een vintage jurkje. In de winkel zag ik een klein gaatje en een versleten stukje over het hoofd. Het is een klusje van niets. Ik heb er geen zin in. Toch pak ik vanochtend het jurkje, naald, draad en een knoopje. Ik herstel het gaatje. Naai de knoop erop. Het eindproduct is lelijk. Ik probeer de knoop van het jurkje af te krijgen zonder de draad te breken. Het lukt me niet. Ik knip de knoop van de jurk. Ben de naald kwijt. Zoek mijn hele bed af. En vind hem niet.


Onvolmaakt

maart 16, 2014

Op een cowgirlblouse horen parelmoeren knopen. Vind ik. Ik heb een prachtige blouse. Ruitjes. Licht rekkende stof. Western cut. Maar met saaie witte knopen. Ik heb nog een blouse. Met franje. Oud. Te groot. Maar met parelmoer knopen. Ik besluit de knopen te verwisselen. Tel ze uit. Merk dat ik er eentje te weinig zal hebben voor de mooie blouse. Ik zoek in de knopendoos en vind een ijzeren knoop van het juiste formaat. Die mag bij de hals. Omdat de knoop daar toch nooit dicht gaat en dus onzichtbaar is. En omdat op Western shirts de bovenste knoop vaak afwijkt.

Als ik bij de laatste manchet aankom blijk ik nog een knoop tekort te hebben. Ik zucht. Rommel weer wat in de knopendoos. En vind een koperen knoop van het juiste formaat. Ik bevestig de laatste knopen en kijk naar het eindresultaat. Met de afwijkende manchetknoop vind ik de blouse nog mooier.


Januari

januari 1, 2014

De bomen zijn kaal. Behalve de appelboom achterin de boomgaard. Daar hangen nog een stel donkerrode appels in. Ik trek mijn laarzen aan. Ik klim over het schapengaas en loop naar de boom. Afgezien van een enkele spetter vogelpoep en wat bruine vlekken, zien de appels er goed uit. Ik pluk er acht. Ze ruiken heerlijk. Vandaag bak ik appeltaart.


Bodypaint

oktober 10, 2013

Mijn bodylotion laat een dikke vette laag achter op mijn benen. Dat is lastig met trainen. Vooral met duo-werk en het hangen aan voeten. Het gaat me te ver de fles – die nog zeker halfvol zit – weg te gooien.

Vanochtend vette ik mijn benen in, ging koffie zetten, liet de koffiebewaarbus vallen, ving hem toch weer op, strooide tegelijkertijd een flinke hoeveelheid gemalen koffiebonen over mijn benen en kwam als een donkerbruin luipaard uit de strijd. Van onderen dan.


Slaap zacht

oktober 5, 2013

Ik sta met dekbed, deken en kussen in mijn armen en staar naar het grijze hoeslaken waar ik de komende twee nachten op ga slapen. Want ja, aan een eigen hoeslaken meenemen had ik niet gedacht. Ik leg voorzichtig mijn spullen op het bed. Het hoeslaken ziet er niet echt vers-uit-de-was uit. Ik durf er niet aan te ruiken. Het duurt even voordat ik de verschillende bruine stukjes en kruimels, waarvan ik niet wil weten wat ze zijn, van het bed heb afgeveegd. Ik dek mijn bed.

Ik slaap in een nachtpon. Daar waar mijn been bloot is ontdek ik midden in de nacht uitslag. De volgende ochtend is er niets meer te zien.


Woensdag gehaktdag

augustus 23, 2013

Een dag lang voerde mijn vriendin de scepter in mijn keuken. Ik was buiten en gaf les. Als ik toch even binnen moest zijn negeerde ik wat er in mijn heiligdom gebeurde. Vooral de gehaktballetjes in mijn blauwe braadpan heb ik hard genegeerd. In mijn pannen zit nooit vlees.

Een paar dagen later vind ik een makreelfiletje in mijn koelkast. Ik ben blij verrast en eet het met smaak op. Even later valt mijn oog op een met aluminiumfolie omwikkeld pakketje in de deur van mijn koelkast. Vol verwachting open ik het. In mijn hand heb ik een lading koude gehaktballen. Met weke groene plekjes.

Met mijn arm zover mogelijk voor me uitgestrekt loop ik naar het kippenhok en kieper de ballen in de ren. De kippen vliegen erop  af en in een mum van tijd is alles verdwenen.


Dierenvriend

augustus 4, 2013

Ik zit in mijn bed te lezen. Opeens hoor ik een hard, ratelend gezoem en zie een groot, helicopterachtig insect recht op me af vliegen. Ik spring mijn bed uit om het te ontwijken. Het beest landt precies daar waar ik even tevoren nog zat. Ik sluip richting bed en zie een enorme groenglanzende tor zitten. Ik pak mijn elektrische foetsie-insekten-racket en plaats het snel over de tor. Ik druk op de stroomknop. Ik hoor geknetter. De tor beweegt nog. Ik blijf op de knop drukken. Er verschijnt een rookpluimpje. Voorzichtig schuif ik een ansichtkaart onder de tor zodat hij gevangen zit tussen racket en karton. Onder de kaart duw ik voor de zekerheid nog een schrift. Ik loop met het hele zaakje naar buiten en gooi het in een keer zo ver mogelijk van me vandaan. Ik ren terug naar binnen.

Als ik een kwartiertje later buiten kijk is de tor gevlogen. De ansichtkaart stop ik bij het oud papier. Mijn beddengoed gaat linea recta de wasmachine in.


Verspilling

augustus 2, 2013

Eten weggooien vind ik moeilijk. Ik ken mensen die zonder met hun ogen te knipperen driekwart van hun afhaal-roti in de vuilnisbak kieperen. Ik kan dat niet. Restjes gaan de volgende dag op. Of de dag erna.

Gisteren maakte ik courgette-broccoli-soep. Met courgettes uit de tuin en broccoli uit de koelkast. En met champignons die echt op moesten. De broccoli was al wat geel uitgeslagen. En rook ook niet meer echt fris. Bij het snijden ontdekte ik wat bijna vloeibaar geworden, bruine deeltjes.

Je begrijpt het natuurlijk al. De broccoli is gewoon in de soep gegaan. Bruine deeltjes en al. De soep was niet zo lekker. En ik voelde me, na het eten ervan, niet heel erg goed. Vanmorgen heb ik, volledig tegen mijn gewoonte in, de paar liter die nog over was door het toilet gespoeld en ervoer een gevoel van bevrijding.

meloen


Kokosmelk

juli 2, 2013

Ik besluit maar eens gezond te doen. In de blender gaan aardbeien, witlof, komkommer en peterselie. Ik herinner me een blik kokosmelk in de koelkast. Als ik het uit z’n plastic zakje haal zie ik met halve aandacht dat de bovenkant licht gebruind is. Ik giet het vloeibare gedeelte in de blender. Bij de vreemd uitziende kokosroom twijfel ik. Ik doe het bij de rest van de smoothie-ingrediënten. Ik proef een beetje. Ik voel acuut misselijkheid opkomen. Ik schep de kokosroom weer weg. De vloeibare kokosmelk zit onderin de blender. Daar kan ik niet bij. Dus draai ik de knop op smoothie-maken, pas mijn verwachting qua gezondheid enigszins aan en drink een minuutje laten een best wel smerig drankje.


Van horen zeggen

mei 17, 2013

Ze maakt schoon bij andere mensen. Om een centje bij te verdienen. Ze komt overal. Bij gewone mensen, bij rijke mensen, bij oude mensen, bij vreemde mensen. Ze vertelt over een echtpaar. Tweeverdieners. Ze maakte schoon als het echtpaar werkte. Tijdens het stofzuigen vond ze foto’s op de salontafel. Die zo duidelijk in het zicht lagen dat ze er niet overheen kon kijken. Naaktfoto’s. Waarop de vrouw te zien was met een stofzuigerhulpstuk in haar meest intieme lichaamsopening.


Eten

april 19, 2013

Ik ben het zat. Al die geraffineerde en bewerkte producten. En ook de koolhydraatbommen die we in onze cultuur gewend zijn te eten. Ik wil niet meer. Dus. Ik koop een oventje. En bakvormen. En koolhydraatarme meelsoorten. En een verzameling zaden. En gedroogde vruchten. En kruiden. Ik ga mijn eigen brood bakken. En nog veel meer.

Vanaf nu regel ik zelf wat ik eet. En dat is geen McDonald’s.


Zomerjurk

februari 26, 2013

Ik heb een vintage jurk van ongebleekte India-katoen. Met van die leuke crêpepapieren rimpels. En met hippie-borduurwerk. Jammer genoeg is de jurk van een über-mutsige lengte. Hij reikt tot net boven mijn enkels. Daarbij bestaat het rokgedeelte uit een saaie lap stof zonder enig versiersel.

Ik zet de schaar in de jurk. Knip een strook van een boeklengte breed (liedteksten van Lennaert Nijgh) van de jurk af. En begin aan een nog breder stuk. Dan bedenk ik dat het wellicht slimmer is dat ik het op perfecte lengte knippen op mijn spiksplinternieuwe paspop doe, waar een speciaal rok-armpje aan zit. Ik begin te knippen. Het armpje zakt en ik knip scheef. Ik weet niet hoe het kan – maar heb wel een vermoeden – maar als ik uitgeknipt ben ziet de jurk er alles behalve recht uit. Dus haal ik de jurk van de pop, meet met een meetlint en knip voor de derde keer. De rok is eng kort. Soit. Gedaan is gedaan. Op de naaimachine naai ik de boeklengte-strook weer onderaan de rok. Gewoon met een beetje uitrekken. Voor aanrimpelen heb ik, na het drie keer knippen, geen geduld meer. Het resultaat ziet er niet echt florissant uit, dus naai ik op de naad een strook golfband. En zie, de perfecte zomerjurk is geboren.


Hout

februari 22, 2013

Het is koud. De wind snijdt. Ik sta in de carport blokken hout in plastic zakken te laden. Twee zakken passen in een kruiwagen, leert de ervaring. Doe ik er drie in dan gaat er altijd een schuiven en moet ik alle zeilen bijzetten om hem binnenboord te houden. Met de kruiwagen rij ik naar de achterkant van de boerderij. Daar open ik de deur en zeul ik de zakken naar binnen. Bij de eerste lading viel de kruiwagen om toen ik er een zak uit sjorde. Bij de tweede lading verloor ik een blok tijdens de hobbelpartij op de kinderkopjes. Bij de derde lading deden de toppen van mijn vingers zoveel pijn van de kou, dat het leek dat ze af zouden sterven.

Mijn vingers hebben het overleefd. In de boerderij brandt een vuur. En ik heb twee dagen vrij van houtdienst.

stammen


De boor

februari 21, 2013

Ik ben altijd bang geweest voor boren. Als mijn vader of vriend een boor ter hand nam stak ik steevast mijn vingers in mijn oren en kneep ik mijn ogen dicht. Ik zag de borende man al in mijn gedachten als een cartoonfiguur in een propeller veranderen, aangezwengeld door een op hol geslagen boor. Of hem geëlektrocuteerd worden omdat hij een elektriciteitsleiding raakte.

Vandaag wil ik per sé een oranje vintage kapstokje ophangen. T is niet thuis. Dus er is niemand aan wie ik met goed fatsoen kan vragen het voor me te doen. En dat maakt het simpel. Ik pak de Bosch-koffer met boormachine, vind het blik met dunne houtboortjes, schroef het kleine boortje vast in de kop, plug de stekker in het stopcontact en boor. Twee mooie kleine gaatjes waarin ik zo de schroeven van het kapstokje draai. Klaar is Kees en een angst is overwonnen.


Voldoening

februari 17, 2013

Iets kopen wat niet werkt. Het hele ding uit elkaar schroeven. Het probleem ontdekken. Het probleem oplossen. Alles weer in elkaar schroeven. En het licht aandoen. Dat geeft nou eens voldoening.

lamp


In de kreukels

februari 11, 2013

Theater Dakota. In de kleedruimte. Ik kijk in de spiegel. Zie grote kreukels in de rok van mijn vintage optreedjurkje. Ik ga tegen de strijkplank aan staan. Schakel de strijkbout in. Trek het rokje over de plank. Plant de strijkbout erop. Het rokje blijft half aan de bout plakken. En wordt, waar de bout geweest is, een fikse tint donkerder. In de spiegel zie ik nu een lubberende bobbel. Ik slaak een vloek.

stRINGsdakota


Het heilige moeten

januari 30, 2013

Ik ben hard aan het trainen voor een optreden met de evenementversie van stRINGs in Den Haag. Als ik train zie ik vintage jurken hangen die nog gerepareerd moeten worden. Als ik repareer zie ik mijn gitaar en voel me schuldig dat ik niet vaak speel. Ik bedenk dat ik nog mijn kostuum voor de volgende act moet naaien. En dat ik de pruikenmaakster moet bellen. Ik ben bang dat ik in de ring mijn kracht niet genoeg train. Als ik de mast in mijn kamer opzet om mijn kracht op pijl te houden zie ik stofvlokken over de vloer glijden. Ik raap er een paar op. Stofzuigen doe ik over een paar dagen wel.


Etentje

januari 25, 2013

Ik kook voor drie mensen. Curries. Waarin ook komijn moet. In de kruidenkast van de boerderij vind ik een potje Conimex djintan. Als ik het open komt het bruine plastic dopje los van het flesje. Ik kijk naar de datum die op de dop gedrukt staat. 10/97. Ik ruik aan de gemalen komijn. En ruik komijn. Niets mis mee, lijkt me.


Tulband

november 5, 2012

Ik lees dat er halverwege de vorige eeuw vrouwen waren die elke dag krulspelden zetten. Om er goed uit te zien als hun man van zijn werk thuis kwam. In een leerboek van een katholieke huishoudschool voor vrouwen uit 1960 staat:

“Laat u van uw beste kant zien als u gaat slapen. Probeer er innemend uit te zien zonder uitdagend te zijn. Als u gezichtscrème moet gebruiken of krulspelden wilt draaien, wacht dan tot hij slaapt want een dergelijke aanblik zou hem in de war kunnen brengen bij het inslapen.”

Met mijn ontembare haar zou ik geopteerd hebben voor een kekke tulbandmuts. Alles om de man te behagen, natuurlijk.


Hoedje

september 6, 2012

Ik heb een poederblauw vintage hoedje. Zo’n kleintje dat je op je hoofd vast moet spelden. Dat spelden is zo simpel nog niet omdat de binnenkant van het hoedje hard is en de spelden alleen vat hebben op de kwetsbare, stoffen buitenkant. Het hoedje ligt op een bureaulamp die bij mijn voordeur staat. Als soortement decoratie. En, eerlijk gezegd, omdat het hoedje te vies is om op te zetten.

Vandaag besloot ik daar iets aan te doen. Sinds kort ben ik in het bezit van een fantastische vlekkenverwijderaar. Eigenlijk alleen bedoeld voor gasstellen en tegels, maar werkend als een tierelier op alle textiel waarop ik hem tot nu toe heb uitgeprobeerd. Ik spuit wat wondermiddel op de vlekken aan de buitenkant en op de ranzige bruine rand aan de binnenkant. Masseer het in de stof. Krabbel wat met mijn nagels aan aangekoekt vuil. Krabbel verder een oude tandenborstel. Spuit met de kraan de vlekkenverwijderaar weg.

Het hoedje zakt in mijn handen ineen. Het verliest alle vorm. Ziet eruit als een pannenkoek met een bedekking van lichtblauw microverzeldoekje. Met nog wel een leuk stukje voile en een broche met strass-steentjes. Ik vraag me af wat er gebeurd zou zijn als de vorige eigenaresse – die van de bruine randen – met hoed op overvallen zou zijn door een stortbui, en moet lachen.

’s Avonds wil ik mijn tanden poetsen met mijn nieuwe tandenborstel. Hij is niet in zijn gele beker op de wasbak. Hij ligt op het aanrecht. Kraakhelder.


Stamper

juli 13, 2012

Ons dorp heeft een keukenbenodigdhedenwinkel. Alles in de winkel is schreeuwend duur. Ik loop er binnen. Ik groet de eigenaresse die nog bij mijn broertje in de klas heeft gezeten. Ik vind binnen de minuut wat ik zoek. Een koffie-aanstamper voor mijn espresso-potje. Hij is mooi. En schreeuwend duur. Ik ga veel stampplezier tegemoet.

De volgende ochtend pak ik mijn espresso-potje. Ik vul het onderste gedeelte met water. Schep goed veel koffie in het filter. Pak de stamper. En ontdek dat hij niet past.


Ochtend in de buiten

mei 28, 2012

Ik ben vroeg wakker. De zon schijnt. De lucht is strak blauw. Ik drink koffie op de tuinbank. Naast me rekt een kip zijn nek en springt naar een laaghangend pruimenboomblaadje. In de wei staan paard en pony rustig te grazen. Op het land van de buurman dartelt een haas.

Uit mijn moestuin-heuvelruggen groeien heel kleine plantjes. Uit de gisteren begieterde klei komen in de felle ochtendzon minuscule dampwolkjes. Ik pak een spitvork en ga aan de slag.


Tuinieren

mei 20, 2012

Na een weekje spitten, pollen uitkloppen, kluiten verkruimelen, stenen opgraven en onder de boom gooien, harken en schoffelen begin ik het werk in de moestuin leuk te vinden. Dat is niet helemaal waar. Het resultaat vind ik leuk en omdat dat het resultaat is van zwaar werk is het werk, vooral in retrospect, ook leuk.

Ik heb tuinhandschoenen gekocht.

Voor zaaien zijn ze niet echt handig. Misschien omdat ik niet weet hoe je moet zaaien. Ik doe wat ik denk dat goed is. Ik maak heuvelrijen waar ik om de tien cm op een vingerlengte diepte wat zaadjes stop. Dat is nog best lastig omdat het zaaigat zo goed als meteen weer afbrokkelt en volloopt met aarde. Na twee rijden ingezaaid te hebben bedacht ik dat als de zaadjes plantje worden, het met z’n tienen in een gaatje – zoals bij de pastinaak – wellicht wat krap wordt. Bij de schorseneren, die trouwens graag zanderige en goed losgemaakte grond hebben – geen van beide kan ik ze bieden – ben ik overgegaan tot het maken van een soort zaaigootje over de heuvelrug. Ik doe maar wat.

Ik heb nu drie van de zeven zakjes met zaden in de grond zitten. De zaden natuurlijk, niet de zakjes. Dat betekent dat ik nog minstens zo’n stuk als dat wat ik nu heb bewerkt moet ontginnen. Geeft niks. Het hoeft ook niet allemaal in één keer.

Elke week koop ik nu een vast plantje voor in de tuin. Vooralsnog zijn het kruidenplantjes, maar ik wil ook graag bloemen. Alleen moeten het meerjarige en onderhoudsarme planten zijn. Ik heb geen idee wat er mogelijk is. De plantenman, woensdag op de markt, zal me vast kunnen adviseren.

Intussen staan de tuinspullen klaar voor nog heel wat graaf- en schoffel-plezier.


Moestuin

mei 14, 2012

Ik vraag hoe ik het aanleggen van een moestuin aan moet pakken. Hij zegt dat hij alleen ervaring heeft met siertuinen. Ik zeg dat dat alvast veel meer is dan mijn ervaring. Hij zegt dat siertuinen en moestuinen twee totaal verschillende dingen zijn en tikt met zijn vinger tegen zijn voorhoofd.

Ik zoek in de schuur en vind een spa, een spitvork en een hark. Ik loop naar mijn tuin en zie dat het onkruid ziek-geel van kleur is. Doodgespoten. Niet door mij. Het lijkt me niet erg gezond om in de gifgrond te gaan zaaien. Soit. Dat stadium heb ik nog lang niet bereikt.

Ik ga aan de slag met de spitvork. Stuit op talloze stenen die ik, als ze boven komen, onder de boom voor mijn voordeur gooi. Ik trek giftige pol na pol uit de grond. Ik vind scherven van kopjes. Ik ontbloot vette wormen. Ik vind een klein bot. Een kat?

Ik drink een kopje espresso op mijn tuinbank. De omgewoelde plek ziet er pathetisch uit in de grote dode jungle van mijn achtertuin. Ik doe mijn trui uit en werk verder met de spitvork. En met de hark. Ik gooi de pollen op de mesthoop. Er zijn mensen die dit werk leuk vinden.


Kijk uit

maart 2, 2012

Niets is makkelijk. Geraffineerde suiker eten is bewezen ongezond, maar die suiker helemaal uit je dieet verbannen is bijna onmogelijk. Vlees eten is onnodig en soms ronduit ongezond. Maar als je verder leest is koemelk en koeienkaas ook niet best. Voor soja worden regenwouden gekapt. Voor de visconsumptie worden zeeën leeggevist en de bodems van diezelfde zeeën kaal geschraapt. Dolfijnen worden gedood bij tonijnvangst, tilapia bevat gif uit de Mekong-delta en kweekzalm zit vol huidziektes. Voor echt gezond eten lijkt de macrobiotische keuken interessant, maar daar mag de nachtschade-familie niet gegeten worden. En die vind ik nu juist zo lekker. Zeewier is gezond en ook nog eens lekker, maar de zee rond Japan wordt nog steeds radioactiever.

Zelf groenten kweken leek me ook wel wat. Maar nu ben ik erachter gekomen dat je het best “Heirloom Organic Seeds” of iets navenants kunt planten omdat veel nieuwe planten onvruchtbaar zijn gemaakt of anderszins gemanipuleerd.

Ik moet mijn best doen om er niet moedeloos van te worden.


Zwierige zigeunerjurk

augustus 17, 2011

Even dacht ik dat ik een miskoop had gedaan, maar toen ik beter keek bleek dat het elastiek langs de hals en de mouwen van de jurk compleet vergaan was en het lijfje daarom zo lusteloos en weinig flatterend om mijn bovenlichaam hing. In mijn naaikist zat nog precies genoeg elastiek van de juiste breedte, en voilà, hier is-ie, een fraaie zigeunerjurk. Nu nog een accordeon voor de buik en het plaatje is compleet.


Aardbeien-bramenjam zonder suiker

augustus 16, 2011

Ingrediënten:

2 kilo aardbeien

voor de hand zijnde bramen, recht van de struik

300 ml appeldiksap

2 zakjes agar agar

citroensap

In mijn zeer huisvrouwelijke bui van vanmiddag krijg ik opeens de behoefte aardbeienjam te maken. Ik begin met 4 bakken supermarktaardbeien die ik voor de zekerheid maar even goed was.

Daarna volgen de vers geplukte bramen, compleet met eventuele kleine insecten. Kroontjes verwijderen (al bespeur ik toch nog een stukje groen op de foto) en in de pan met het appeldiksap.

Koken maar! En wel een half uur.

De agar agar in water oplossen, wat vergeten citroensap erbij sprietsen en nog twee minuten door laten koken. Daarna de jam in de van tevoren met soda uitgekookte jampotjes lepelen en potjes, met deksel, ondersteboven keren tot de jam afgekoeld en gestold is.

De kleur is in ieder geval geslaagd.


Pruimenjam

juli 28, 2011

Zonde vond ik het, al die ooit mooie gele pruimen die nu rottend onder de boom lagen. Het meer dan een kilo pruimen per dag naar binnen werken had geen zichtbaar resultaat gehad. De takken hingen nog steeds vol met glanzende gele jongens. Dus ben ik er vanmiddag eens aan gaan staan en heb voor het eerst in mijn leven jam gemaakt. Jam zonder suiker, maar met appeldiksap en bij de natuurvoedingszaak bestelde agar-agar.

Op internet had ik een recept gevonden voor aardbeienjam zonder suiker en heb dat op de pruimen toegepast. Met wat onbedoelde variaties. Begonnen moest worden met het uitkoken van de jampotjes en dekseltjes. Grote pan geleend, soda erin, potjes en dekseltjes erin, water erbij en de vlam eronder. Al snel werd het water lichtgoorbruinig van kleur – waren de potjes zo vies? – en kwamen de etiketten die ik natuurlijk niet van tevoren had verwijderd bovendrijven. Na een paar minuten koken hengelde ik met een mes potjes en deksels uit de pan om ze ondersteboven uit te laten lekken op een schone theedoek. Ik zag dat de potjes een witte waas over zich heen hadden gekregen en vroeg me af of dat aan de soda of aan de lijmresten van de etiketten te wijten was. Ach ja, bedacht ik, de binnenkant zou wel proper worden als de kokende jam erin gegoten werd en de buitenkant kon ik na afloop van de jammakerij altijd  nog met een doekje schoonmaken.

Met een emmertje toog ik naar de pruimenboom en had het in een mum van tijd vol geplukt. Weer met nauwelijks zichtbaar effect op het totaalaanzicht van de boom. Tweeënhalve kilo had ik nodig volgens het recept. Ik stelde de keukenweegschaal in op drieënhalve kilo (rekening houdend met het gewicht van de emmer en de pitten) en zag dat het geheel nog flink wat zwaarder was. Om geen tijd te verdoen heb ik dat maar zo gelaten en heb bij het ontpitten regelmatig een halve pruim in mijn mond gestopt om toch nog een beetje in de richting van het aangegeven gewicht te komen. Toen de pan – waar ik een witte aanslagrand uit had moeten krabben – al goed vol was besloot ik dat het wel genoeg was, zette het vuur aan, gooide er iets meer dan de aanbevolen 250 cc appeldiksap bij en liet het geheel aan de kook komen. Een half uur lang heeft het mengsel mijn huis met pruimendamp doordrenkt voordat ik de drie zakje agar-agar erbij mocht ‘sprenkelen’. Het eerste zakje kende een snelle metamorfose van poeder naar geleiklonten, dus heb ik de andere twee zakjes (tip van de kok) maar aangelengd met water voordat ze de pan in gingen. Na wat gerommel met de houten spaan waarmee ik probeerde de klonten tegen de wand van de pan uit te smeren gaf ik het op en lepelde ik de jam in de potjes die netjes op een houten plank stonden te wachten. De potjes ondersteboven gezet en klaar was Kees.

Jammer genoeg zag mijn jam er niet echt jammig uit maar leek meer op een vruchtensaus. Ik met een paar potjes naar mijn ouders die toevallig net aan het toetje toe waren en warempel, mijn vader wilde wel wat warme jam in de kwark. Hij vond hem wat aan de zure kant (ik had er flink wat Lidl-citroensap in gesprietst) maar verder niet slecht. Ach ja, voor in de kwark en ’s ochtends in de muesli is vloeibaarheid best handig.

Toen ik daarnet echter de potjes die op mijn aanrecht waren achtergebleven weer rechtop zette, wat volgens het recept mocht zodra ze afgekoeld waren, was alle vloeibaarheid verdwenen. De potjes staan nu in de kast, jam tot aan het deksel en onderin een hardnekkige twee cm lucht.