Psychopaten en krankzinnigen

februari 12, 2017

Ik jog op het fietspas langs de provinciale weg. Een wit bestelbusje nadert. En claxonneert. Ik zie de bestuurder enthousiast zwaaien. Ik denk aan de schrijver die beweerde dat alle bestuurders van witte bestelbusjes psychopaten zijn. Ik zwaai terug.

Ik bekijk mezelf. Ik ben verkouden dus ik draag twee broeken, beenwarmers, een te groot knalrood vintage trainingsjack, een gehaakte omslagdoek die ik drie keer om mijn hals heb gewikkeld en waardoor ik mijn hoofd nauwelijks meer kan bewegen, en een blauwe seventies schaatsmuts met kwastje. En roze handschoenen. En oranje hardloopschoenen.

Mijn vriendin vertelde me ooit dat haar familie raar is, maar de mijne krankzinnig. Wellicht ben ook ik krankzinnig. En heeft de psychopaat in de witte bestelbus dat herkend.

Dan bedenk ik dat mijn vriendin ook soms in een witte bestelbus rijdt.


Liever niet

februari 9, 2017

Ik loop door Gent. In mijn spijkerbroek, mijn blauwe leren jack en de UGGs van mijn moeder. En met mijn te lange korte haar. Ik heb een loopneus en moet om de haverklap niezen. Ik ontwijk spiegelende winkelruiten. Ik heb mijn handen diep in mijn broekzakken gestoken. Ik ben slechtgehumeurd.

Een dikkige man van een jaar of vijftig stapt op met af. Hij kijkt wat wazig uit zijn ogen. In zijn handen heeft hij een groot fototoestel.
“Mag ik misschien een foto van u maken?”
“Nee, liever niet. Sorry.”
“Oké.”


In de mist

januari 24, 2017

Zag ik een zwangere ballerina.

dame


Nooit Gedacht

december 24, 2016

nooitgedacht-kopie


In de wachtkamer

mei 18, 2016

Ik houd de deur van de huisarts open voor een oudere dame. “Zo hard als u loop ik niet meer,” zegt ze. “Mijn tijd zal nog wel komen,” antwoord ik. “Twee jaar geleden liep ik anders nog goed,” zegt de dame. Er ontstaat een gesprek over hartproblemen, beklemde zenuwen, hoop en toekomst.

Ik kijk naar de kitscherige foto’s aan de muur van de wachtkamer. Vrouw in trouwjurk in en aan de zee. In sepia. In zwart-wit. Zwoel kijkend. Overbelicht.

“Wat een mooie foto’s hè?” zucht de dame. “De vorige keer dat ik hier zat heb ik er ook al zo van genoten.” Ik weet niets meer te zeggen. We zwijgen tot de assistente de dame binnen roept.


Nieuwjaar

januari 1, 2016

Het is drie uur in de middag. Ik lig in mijn bed. Niet omdat ik een kater heb. Ik heb gisteren mijn 35 cl flesje prosecco gedronken en dat was dat. Niet omdat ik het laat heb gemaakt. Om half twaalf lag ik warmpjes onder de veren. Geen vuurpijl heb ik gezien. Ik lig in bed omdat ik een middagslaapje heb gedaan en er niet meer uit wil. En dat is een probleem. Omdat ik moet trainen. Omdat ik volgende week een duotrapeze-optreden heb. Omdat ik het niet kan maken tegenover S om niet in conditie te zijn. Omdat ik een angsthaas ben.

Als ik denk aan buikspieroefeningen zakt de moed me in de schoenen. Als ik denk aan hardlopen ook. Ik sta op, hijs me in mijn hardloopoutfit, zet mijn seventies schaatsmuts op en ga naar buiten. Het voordeel van hardlopen is dat ik mijn verstand op nul kan zetten en alleen maar hoef te gaan.

Gisteren werd ik tijdens het lopen ingehaald door een wit bestelbusje. De chauffeur toeterde. Ik keek strak voor me uit. Ooit las ik dat alle witte busje-bestuurders psychopaten zijn.

Op de Goudenpolderdijk werd ik ingehaald door een wit bestelbusje van de Post. Het busje reed erg langzaam. En reed gelukkig door. Vlak bij huis werd ik weer ingehaald door het witte postbusje. Ik wist niet wat ik ervan moest denken.

Vandaag rijden er geen witte busjes. De psychopaten hebben een rustdag.


We blijven doorgaan

december 21, 2015

De weg naar Terneuzen bestaat uit rotondes. Bij elke rotonde rij ik rechtdoor. Ook als ik eigenlijk linksaf had gemoeten. Ik rij kilometers om.

In de Inloop sta ik met de sleutel van El Cantina in de hand klaar om weg te gaan. Op de weg naar buiten steek ik de sleutel in het sleutelgat van de Inloop. En warempel, de sleutel past.

Een halve minuut nadat ik gebeld heb ben ik mijn telefoon kwijt. Het zoeken duurt vijf minuten.

Op de terugweg van Terneuzen naar Waterlandkerkje moet ik even huilen.

Het is tijd voor vakantie.

De komende twee weken moet ik hard trainen voor een duotrapeze optreden in Duitsland, begin januari. Vooruit met de geit.


Voorrang

december 3, 2015

Net buiten Waterland Oudeman staat een kraan op mijn gedeelte van de weg. De ruimte rondom de kraan is afgezet en ik zie een bord. Rechthoekig, donkerblauw en met een witte en een rode pijl. Dat zou betekenen dat ik voorrang heb op het tegemoetkomende verkeer. Ik wacht toch maar even tot mijn tegenligger gepasseerd is voordat ik om de kraan heen manoeuvreer. Ik kijk over mijn schouder en zie aan de andere kant van de kraan een identiek blauw rechthoekig bord met pijlen staan.


Goed nieuws

november 4, 2015

Voor de vrouw.

schommel


Versteend

oktober 25, 2015

popje


Verloren

oktober 23, 2015

Het is laat als ik klaar ben met de vorming in Westmalle. Ik ben moe. Mijn schouders gaan hangen bij de gedachte dat ik nog boodschappen moet doen voor morgen in het restaurant. Ik besluit naar de Colruyt te rijden om daarna recht op huis af te kunnen koersen.

Ik rij. En rij. De Colruyt is niet waar ik hem verwacht. Ik keer terug. Weer kom ik geen Colruyt tegen. Ik geef het op en rij naar Oostburg. Waar ik hoop dat ik de Lidl nog kan vinden.


Tochtje

oktober 6, 2015

huisje


De druppel

september 21, 2015

Ik sta bij de kassa. Ik reik over mijn boodschappen heen om een volgende-klant-bordje te pakken. Ik voel dat er iemand in mijn persoonlijke ruimte komt staan. Ik kijk opzij. Een man staat naast me. Dat vind ik wat ongemakkelijk. Aan de kassa hoort de volgende klant achter me te staan. Liefst op wat afstand. Ik kijk nog eens naar de man. En hoop dat mijn blik hem een stap achteruit doet stappen. Ik zie een druppel aan zijn neus hangen. Ik kijk snel voor me.

Ik zet mijn boodschappenmand in de auto. Een stukje verder laadt de man een net aangekochte schuurmachine in zijn auto. Zelfs op afstand zie ik de druppel. Ik ga achter het stuur zitten. Ik wacht tot de druppel valt. De man verdwijnt achter zijn auto. Met druppel. Ik start mijn motor.


Koffer met boekje

juli 10, 2015

Bij Sint Jacobs vraag ik de man hoeveel hij voor een oude beige koffer wil hebben. Hij pakt de koffer en zegt dat het een schoontje is. Vijf euro moet hij kosten. Terwijl ik in mijn portemonnee kijk haalt de man boeken en ander koopwaar uit de koffer en legt het op een tafel. “Hier, dit boekje krijgt u erbij,” zegt hij. Hij wijst op een blad dat in het lingerie-vak van de koffer zit. “Dank u wel,” antwoord ik. “Het is een mooi boekje.”

boekje koffer


Scharen

juli 8, 2015

Zal dat ene rode schaartje vallen als ik het karton optil?

scharen


Het was warm

juni 25, 2015

Ik droeg de chocoladereep voorzichtig van de auto naar de koelkast. Bang dat ik was dat hij uit de wikkel zou lopen.

warm


In het dorp

juni 24, 2015

Ik ga naar de ijzerwarenzaak. Ik koop er drie magneetsysteempjes om kastdeuren te sluiten. Los uit een bakje. In plaats van per twee, in plastic en op een kaartje.

Ik koop verse knoflook op de markt bij de groentenkraam. Naast me staat een norse man. Hij graait kersen uit een bak en steekt ze in zijn mond. De pitten gooit hij op de grond. De verkoper gunt hij blik noch woord.

Bij de apotheek word ik verrast door twee in zwart met geel geklede mannen die vragen waar “hij” is. “Hij is zich aan het wassen bij de fontein,” antwoordt de vrouw achter de balie. “Hij zal wel weer methadon willen,” zegt een van de twee mannen die politieagenten blijken te zijn. “Kun je hem geen apotheekverbod geven?” vraagt hij. De vrouw schudt het hoofd en zegt dat ze zorgplicht heeft. “Dan komt-ie weer terug,” weet de agent.

Ik rij naar huis door de polder. En scheld op de zoveelste auto die stil staat op een kruispunt.


Trots

juni 17, 2015

Op je lila muur.

ruine


Er steekt iets

juni 15, 2015

In mijn keel.

leeuw


Koffer of naaimachine

mei 16, 2015

Op de rommelmarkt koop ik een elegante witte Samsonite koffer. De verkoopster vertelt dat ze hem ooit in California gekocht heeft. Met de koffer in de hand beweeg ik me over de markt. Ik word aangesproken door een oudere man. “Naaimachine gekocht?” vraagt hij, terwijl hij naar mijn koffer wijst. “Nou nee,” antwoord ik, “hier ga ik lekker mee op reis.” Ik voeg eraan toe dat de koffer ook wel erg smal is om een naaimachine te herbergen. “Zulke smalle naaimachines bestaan anders wel,” zegt de man.


Geen bos

mei 3, 2015

En ook geen huis.

huisjeboom


Schelden

april 23, 2015

Ik scheld op Bernard. Bernard is mijn tomtom. Hij kan er niets aan doen dat de Vlaamse overheid op de dag van de treinstaking besluit om 15 kilometer expresweg af te zetten en het verkeer over de vluchtstrook te loodsen. Bernard kan er ook niets aan doen dat in Wachtebeke de doorgaande route naar Lokeren afgezet is. Het is niet zijn schuld dat zelfs de route naar Moerbeke versperd is. Wat ik hem kwalijk neem is dat hij zegt dat er geen andere wegen zijn om in Lokeren te komen. Dat hij me op zijn tomtom-manier vertelt dat ik naar de hel kan lopen.

Te laat kom ik aan in Lokeren. Het is markt. De school waar ik moet zijn is onbereikbaar. Net als de gratis parkeerplaatsen waar collega V me over vertelde. Ik parkeer mijn auto naast een parkeerautomaat. En zie dat ik hier, als ik betaal, maximaal twee uur mag staan. Behalve als ik een geldige invaliditeitsverklaring zou hebben. Ik pak de invalidenkaart van mijn overleden vader uit het dashboardkastje en leg hem achter de voorruit. Ik ren naar de school.


Uw dromen

april 20, 2015

En uw angsten.

dromen


Omweg

januari 20, 2015

Vrolijk rij ik door Vlaanderland. Bernard, mijn Vlaams sprekende tomtom zegt me waar ik naartoe moet. Ik volg zijn instructies keurig op. Ik kom wegwerken tegen. En mag niet linksaf slaan. Terwijl Bernard zegt dat ik dat toch echt moet doen. Ik sla linksaf. Bernard beveelt me om de eerste afslag rechts te nemen. Ik zie de afslag. Hij is onbereikbaar. Tussen mij en de weg ligt een berm met daarachter een vers gelegde asfaltweg. Bij de eerstvolgende gelegenheid keer ik om en probeer op een andere manier in de richting van mijn eindbestemming, een kringwinkel, te komen. Vijftien kilometer later zie ik de afslag waar ik niet op kan weer voorbij komen. Hij is nog even onbereikbaar.

In de kringwinkel aangekomen vind ik niets wat ik ook maar enigszins begeer.


Paniek

augustus 10, 2014

In de Ecoshop wil ik mijn twee plastic kratten afrekenen. Roze, babyblauw en vuil. Maar wel handig. Ik open mijn handtas. Geen portemonnee. “Ik ben gerold,” piep ik tegen M. Hij vraagt of de portemonnee ergens anders kan zijn. Ik kijk nog eens in de handtas. In de auto. Ik tril. Wie kan het gedaan hebben? Wie is er zo dicht op mijn lijf geweest? Wie is er zo intens met iets van mij bezig geweest zonder dat ik het merkte? De huid van mijn gezicht staat strak. Ik zweet. Ik denk aan de hoeveelheid geld die ik kwijt ben. Dat ik dat beter achter de rits had kunnen bewaren. En de pasjes. Ik moet gaan bellen. Aanvragen. Intussen is het warm. De kratten wil ik niet meer.

M duikt achterin de auto. Vindt in een dun plastic zakje de wijn uit de Spaanse winkel in Brussel. En de bol schapenkaas. En de portemonnee. M gaat de kratten halen. En geeft ze me cadeau.


De grote stad

juli 16, 2014

Ik parkeer mijn auto en betaal voor een dagkaart. Ik loop door Gent. De zon schijnt. Ik drink een kopje koffie. Koop jurken. En een handtas. Ik voel me goed. Overal wordt druk gewerkt aan de opbouw van de Gentse feesten. Na twee uur grote stad heb ik genoeg. Ik haal diep adem als ik weer tussen de landerijen rijd.


Tante

juli 7, 2014

“Wil jij een kaart hebben als ik dood ben?” vraagt mijn tante. “Je broers hebben ja gezegd.” “Dat is goed hoor,” antwoord ik. “Maar ik weet niet waar je dan woont.” “Ik ook niet, tante.”


Nee dank u

juni 26, 2014

knuffel

Ik wil liever geen knuffel. Dus loop ik tussen 8u en 18u een blokje om.


Vreemd toilet

juni 10, 2014

Ik zoek met mijn hand over de tegelwand naar een lichtknop. Bijna geef ik het op. Is het een toilet zonder licht. Dan vind ik de donkerbruine knop. Haast onzichtbaar op de even donkerbruine tegels. Op zo’n 50 cm hoogte.

Ik zoek toiletpapier. Rechts van me hangt een toiletrolhouder. Een kastachtig, typisch openbaar-toilet-model. De houder is leeg. Links van me hangt een identieke toiletrolhouder. Met toiletpapier.

Zo komt alles toch nog goed.


Scoot

juni 7, 2014

Een smal polderweggetje. Een bejaarde. In gemotoriseerde rolstoel. De bejaarde hoort de auto aankomen. En gaat midden op de weg rijden.


Tourtje

juni 6, 2014

Hij zit op zijn rood-suede sta-op-stoel. Hij kijkt ongelukkig. Ziet bleek. Hij zegt ongedurig te zijn. We besluiten na het avondeten een stukje door Zeeuws Vlaanderen te rijden.

Hij kent weggetjes die ik nog niet kende. We zien vijf konijnen. We horen een merel. Een reiger staat achter een hoop afgereden gras.

Als we terug de pad oprijden is het zonlicht geler dan toen we vertrokken.


Uitvaart

mei 21, 2014

Het lied “The Parting Glass” klinkt. De familie begeleidt haar kist naar de zwarte Mercedes Benz. De kist rolt geluidloos naar binnen. De achterklep zoeft dicht. De Mercedes Benz zet zich in beweging. De familie volgt. Daarachter komen de andere rouwenden. Bij de dijk houdt de stoet stil. De auto rijdt zachtjes voort. Gaat de bocht om. Komt gedeeltelijk weer terug in het zicht. Lijkt als een schip door het landschap te glijden. De lucht is blauw. Met enkele hitte-temperende wolken. De zon schijnt. Het is stil. Een witte vlinder fladdert om de mensen heen.

Een kennis van de kersverse weduwnaar vindt het schandalig dat niemand mee ging naar het crematorium. Zo kil. Als ze haar auto mee had gehad zou ze erin zijn gesprongen. Achter de Mercedes Benz aan. De uitvaart van haar eigen man was toch duidelijk beter geweest. En persoonlijker.


Hoofdloos

mei 9, 2014

Als mijn man geen hoofd op zijn schouders had zou ik ook wat pipsjes kijken.

zonder hoofd


Wachten

april 23, 2014

Tot de dag begint.

barber


Spookkasteel

maart 28, 2014

Soms zijn er meerdere werkelijkheden.

spookkasteel


Schrikken

maart 15, 2014

Gisteren de auto APK gekeurd. Vandaag op weg om een vorming te geven in Vlaams Limburg. Alles veilig. Alles onder controle. Op de expresweg geef ik gas.

Vanuit het niets een enorme knal. En mijn voorruit zwart. In een flits stuur ik de auto de pechstrook op en de berm in. Ik hijg uit. Door de klap is mijn tomtom uit zijn ring geschoten. Mijn achteruitkijkspiegel staat scheef. Ik kijk aan tegen mijn motorkap die over de voorruit ligt gevouwen. In de ruit zelf zit een flinke barst.

Trillend stap ik uit de auto. Ik probeer de motorkap dicht te doen. Stukken plastic springen in het rond. Het zwart plastieken rooster bij de ruitenwissers is stuk. En verschoven. Ik leg de resten goed. En probeer de verwrongen kap weer dicht te krijgen. Zelfs als ik er met al mijn gewicht op leun is er nog een kier van zo’n dertig centimeter. Ik klim op de motorkap en hops op en neer. Tevergeefs. Hij blijft open.

Met alarmlichten aan rij ik naar de afslag. Zet de auto in een veiligere berm. Ik kijk of ik iets in de kofferbak heb liggen waarmee ik de kap wat kan dichtbinden. Ik vind alleen een fietsband. Met de fietsband in de hand hops ik nog een paar keer op de kap. Die nu warempel wel sluit. Ik trek eraan om te testen of hij echt dicht is. Ik ruk uit alle macht. De kap blijft dicht. Ik rij door naar Limburg.


Elk nadeel

maart 10, 2014

Hep z’n voordeel. Vroeg opstaan. Autorijden door het Vlaamse land. Moeten stoppen voor een stoplicht.

waarschoot kopie


Versterken

maart 3, 2014

Met een passend verloopstuk kan ik vast veel sterker.

versterkers


Luisteren

februari 26, 2014

Naar muziek.

concert


Op de dansvloer

februari 25, 2014

dansen


Slaap

februari 24, 2014

Op het vliegveld van Philadelphia houden ze niet van slapers. Alle stoelen in de lange, grijze rijen bij gate 24 hebben stalen leuningen die liggen voorkomen. Ik drapeer mijn jas en sjaal over een van de leuningen als ondersteuning voor mijn hoofd, en schuif mijn lichaam onder twee andere leuningen. Ik denk er nog even over om mijn cowboyhoed over mijn gezicht te leggen maar doe het niet.


Vliegen

februari 24, 2014

Ik sta in de rij voor speciale check in. Ik mag mijn laarzen aan en cowboyhoed op houden. En ik hoef mijn ipad niet uit mijn tas te halen. Iedereen in Austin weet dat ik geen terrorist ben.

We mogen het vliegtuig pas in als onze zone wordt omgeroepen. De purser knauwt kauwgum tijdens de veiligheidsinstructies. We worden gesommeerd niet te roken in het vliegtuig. En als we de rookmelder in het toilet expres vernielen zullen we gestraft worden.


Asleep at the Wheel

februari 23, 2014

De oudste dance hall van Texas, in Gruene, is vol. Het concert van Asleep at the Wheel is uitverkocht. Via C konden we nog binnen met een plaatje op de guest list.

Ik ken de band niet. Maar mijn vriendin is erg enthousiast over ze. Ze schijnen al decennia lang een begrip te zijn. Wereldwijd.

In het voorprogramma krijgen we muziek te horen die me doet denken aan de Muppet Show. Muziek die goed bij Amerika past. Meisjes met korte rokjes en cowboylaarzen zwieren elkaar verbeten over de dansvloer. Ik kijk naar de laarzen. Vergelijk ze met de mijne. Ik vraag me af of mijn schachten niet te wijd zijn.

Asleep at the Wheel trekt zowel ouderen als tieners. De ouderen kennen de teksten van alle songs en zingen regelmatig mee. De jongeren lijken nauwelijks aandacht voor het podium op te kunnen brengen. Ze maken vooral foto’s van elkaar en lachen en gillen luidkeels door de muziek heen.

Ik zie veel cowboyhoeden. En prachtige western shirts. De mannen in het publiek staan achter hun vrouwen. Meestal met een arm om hun vrouw heen. Als ze overmand worden door de behoefte draait de vrouw zich om en begint het koppel een dansje. Losse vrouwen dansen soms alleen. Losse mannen drinken.

De band houdt het lang vol. Het publiek ook. Ik verkleum bij de open ramen en de zoevende ventilatoren. Er wordt enthousiast gelinedanst op Cotton Eye Joe. Ik kijk. En bedenk dat dit wel echt Amerika is.


Gun range

februari 22, 2014

image

De pistolen en geweren liggen in de achterbak van de Subaru. De clips zijn geladen. We rijden naar een drive in bank. Om geld op te halen. Daarna geeft C gas richting gun range. C vraagt me een zwart geweer naar binnen te dragen. Het geweer is zwaar. Ik houd de loop angstvallig op de grond gericht.

In de ontvangst van de range. Stoere mannen, veel schietgerei en harde knallen. We krijgen instructies. C koopt munitie. Met gehoorbescherming en plastic bril op gaan we twee deuren door naar baan tien. Zelfs met bescherming zijn de knallen oorverdovend. Lege hulzen vliegen rond mijn oren. C plaatst een papier met het silhouet van een man tussen twee knijpers en stuurt het met een druk op de knop naar het midden van de baan. Ze plaatst een clip in een pistool met bruin handvat. Schiet. Het pistool steigert in haar hand. Ze kijkt vragend. Ik schud nee. Ze pakt een klein pistool met parelmoer handvat. Laadt. Vraagt. Ik pak het pistool. Richt. Schiet. De terugslag kneust de duim van mijn linker hand die ik verkeerd geplaatst heb. Ik heb geen idee of ik het papier met de man heb geraakt. C geeft me het grote pistool. Ik wil niet. Ik wil weg. Ik pak het grote pistool en schiet.

Terwijl C met een soort kanon gaten van drie centimeter doornee in het mannetje ragt sta ik achter haar. Naast de bak met lege hulzen. Zover mogelijk van alles weg. Op baan negen is een eng uitziende man bezig. Ik zie zijn dikke, rode nek met acne-putten, een zwart t-shirt met doodshoofd dat spant over een enorm brede rug, een zwarte pet met zilveren pin, boomstronken van armen, kleine varkensogen. Hij schiet met een groot zwart geweer. De knallen echoën door de baan. Mijn broekspijpen flapperen. Stofwolken verschijnen op de achterwand. De man kan eng goed schieten. Ik vraag me af waar de man voor oefent. Voel paniek opkomen.

Met de grote geweren wil ik niet schieten. Hoe stoer het ook is. Het bruine pistool is oké. Ik plaats een papier met normaal doelwit en schiet warempel vlakbij de roos.


In de keuken

februari 21, 2014

Miss Lavelle White staat in de keuken. Ze maakt haar befaamde collard greens. We mogen niet helpen. We zouden alleen in de weg lopen. We weten toch niet wat we moeten doen. Sterker nog, we mogen niets doen omdat haar recepten geheim zijn. En de mensen eropuit zijn ze te stelen.

Ik vind het niet erg om op de veranda te zitten lezen. Het is nog lekker warm buiten. En ik ben een beetje bang voor Miss Lavelle.

Ik kan haar gesuikerde cornbread niet eten. Gelukkig vindt ze dat niet erg. Als ik alleen maar collard greens op mijn bord schep vraagt ze of ik vegetariër ben. En zegt dat ze dat al gezien heeft. Aan mijn huid. Zelf eet ze niets.

Er vliegt een helikopter over. Om Miss lavelle in de gaten te houden. Net als al de mensen die langs het huis lopen. En haar willen betrappen op het roken van een joint.

Miss Lavelle is moe. Ze wil naar huis. Slapen in je eigen bed is het fijnst. We zoeken haar spullen bij elkaar en brengen haar naar de auto. Ze besluit toch te blijven slapen. We brengen alles weer terug naar binnen. Miss Lavelle vraagt om een flink bord eten.


Miss Lavelle

februari 19, 2014

Miss Lavelle zingt. Ze praat. Ze swingt. Ze draagt een smaragdgroene jurk met fijne kanten bandjes. Een lang, doorzichtig, crèmekleurig vest met veel glinsters. Ongetwijfeld authentiek jaren vijftig. Er hangen wat losse draden aan haar mouw. Ze heeft een lauwerkrans van zwarte veren in haar haar.

“You’ve gotta get up to go down.” Het is een persoonlijk bevel om te dansen. Zeker als ze in mijn richting kijkt en wijst. Ik blijf zitten. Gefascineerd. De wijn in de Saxon Pub lijkt me te verlammen. “Take your drawers off,” zingt de vierentachtigjarige Miss Lavelle. Ik verwacht een karrenvracht slipjes het podium op geworpen te zien worden.


Cowgirl

februari 17, 2014

image

 


Amerika

februari 17, 2014

Ik blijf het vreemd vinden. De caissière bij de supermarkt met latex handschoenen. Door iedereen gevraagd worden hoe het ermee gaat. Opeens onderdeel van de “guys” te zijn. Niet te weten wanneer prijzen nu precies met of zonder tax orden aangegeven. Mensen op straat met sloffen aan. Een overvloed aan kerken. Het feit dat het enige betaalbare voedsel pizza en taco’s is. De lagen foundation op de gezichten van jonge meisjes. Waar de acne doorheen schijnt. Een poedel met een luier. Laarzen van twaalfhonderd dollar. Reclameborden voor casino’s met tegelijkertijd het telefoonnummer voor hulp bij gokverslaving. Krampachtig lachende mensen. Het geblafte bevel een andere kassa te nemen als je in een langzame rij aanschuift. De schuimplastic koffiebekers. De kerstversiering die nu nog veel tuinen opleukt. De afwezigheid van geitenkaas in de supermarkt. De kinderlijke kunst. De vrij verkochte boksbeugels. De uniformiteit.


Ochtend

februari 16, 2014

Het is vroeg. Niemand is nog op. Ik heb me gewassen aan een spoelbak met spuitslang bovenin de annex. Ik kleed me aan. Kijk wat ik nodig heb. Sluip naar beneden. Passeer de slapende S. Pak de koffie. Trek mijn laarzen aan. Krimp ineen bij de herrie die de voordeur maakt. Voel buiten dat het een warme dag gaat worden. Loop de garage in. Hoor het gegil van het lijk dat als alarm fungeert niet. Loop stilletjes de keuken in. Spied naar hondendrollen. Vind niets. Ik zet koffie.


Leesville

februari 15, 2014

image

In een klein dorp langs de Texas Forest Trail stappen we uit. We willen koffie. Lekkere koffie. We weten inmiddels dat daar een sjieke espresso-machine voor nodig is en dat er geen thermoskannen met drukhendel in zicht mogen zijn. We vinden een koffiehuis dat niet alleen heel erg stinkt, maar waar ook de thermoskannen prijken. We maken rechtsomkeer.

We komen langs een pawn shop. Alles in de winkel heeft een hoog natuurlijk vintage-gehalte. We zien o.a. zadels, gitaren, een dwarsfluit, minstens veertig jaar oude stofzuigers, ringen en werkkleding. Een oude man vraagt of hij ons kan helpen. En vraagt of we misschien Duitsers zijn. We ontkennen. In het gemeentehuis hangen schilderijen die nog door een Duitse krijgsgevangene gemaakt zijn. Die willen we vast zien.

Ik ben meer geïnteresseerd in een sixties sleutelhanger van een afgekloven appelklokhuis en vraag hoeveel hij kost. “You can have it,” is het antwoord. “I hate it.”


Eten

februari 14, 2014

Amerika is een mijnenveld. Overal zit suiker of geraffineerd meel in. De cottage cheese spugen we meteen uit. Zoet. Synthetisch. Vanille. In veel melk zit zoveel suiker dat ik geen cappuccino kan drinken. Na groentenchips piek ik naar ongekende hoogte. Kaas is gevaarlijk. Rondom de zalm zit een laagje suiker. Koffie kan een “flavour” hebben waardoor hij niet te drinken en zoet wordt. Grapefruits zijn nog zoeter dan sinaasappels. Na een theetje suizen mijn oren.


Swinger

februari 14, 2014

Ik dacht dat het een lifter was, de man met het bord langs de weg. Daarna dat het een bedelaar moest zijn. Maar het bleek een sign swinger. Iemand die ingehuurd wordt om met een reclamebord met handvatten langs de weg te staan en er wat mee te zwaaien als er auto’s langs komen gereden. Ik vroeg een Texaan of ze ook bij veertig graden de hele dag staan te zwaaien. En ja, dat staan ze.


Trailer trash

februari 13, 2014

New Orleans. Net boven nul. We slapen in een trailer. Waar het ook net boven nul is. Het beloofde kacheltje blijkt een ventilator te zijn die de zaak alleen maar kouder maakt. De onderhoudsman wordt erbij geroepen. Hij hoest zijn longen uit zijn lijf maar verzekert ons dat we ons pas zorgen moeten maken als hij niet meer beweegt. Hij regelt een ufo-achtige roterende kachel voor ons. De beloofde wifi werkt niet. We moeten naar de receptie om bereik te hebben. En de douche doet het ook niet. Maar we mogen die in het doucheblok gebruiken. Honderd meter lopen door de snijdende kou. Het doet me met weemoed denken aan de badkraan van gisteren met heerlijk warm water waar we op onze knieën onder moesten zitten omdat hij niet verbonden was met de douche.


Walmart

februari 13, 2014

Bij de uitgang van de Walmart hoor ik een enthousiaste uitroep “Hello! How nice to see you!” en het geklapper van zoenen. Een vrouwenstem. Een mannenstem antwoordt knauwerig Texaans en chagrijnig. “I don’t remember your name.”


Kakkerlak

februari 12, 2014

Tijdens het eten bij een vriendin vertellen we over de kakkerlak. Ze vraagt of we zeker weten dat het een echte is. We kijken elkaar aan. Daar hadden we nog niet aan gedacht. “Bewoog hij?” vraagt de vriendin. Nee, we hebben hem niet zien bewegen. Maar de rechter voelspriet stond wel in een heel rare hoek. Zou het een grap van onze gastvrouw zijn? We achten de kans zeker aanwezig.

Terug in onze kamer inspecteren we het bad. De kakkerlak is er nog steeds. En hij beweegt. We overleggen over een strijdplan. Mijn vriendin verstopt zich achter de badkamerdeur terwijl ik de doucheslang pak. Ik richt en draai de heetwaterkraan open. Het water komt uit de badkraan gespoten en de kakkerlak rent de verkeerde kant op. Snel trek ik aan de hendel die het water overzet naar de douchekop. De kakkerlak stribbelt tegen. Langlauft tegen de stroom in. Slaat om en sliert richting afvoerputje. “Waar ie-ie?” roept mijn vriendin. De kakkerlak verdwijnt in het putje. Ik spuit nog wat na en prop een wasdoekje in de afvoer. Zodat hij geen wraak kan komen nemen.


Budget Inn

februari 12, 2014

In Jennings draaien we de highway af. Het onweert en stortregent. We stranden bij de Budget Inn. De glimlachende jongeman bij de balie kijkt naar mijn paspoort. Hij vraagt uit welk land we komen. En wat in het paspoort precies mijn naam is.

We zijn opgewonden. “Het is er zo een als in de film!” roepen we in koor. Mijn vriendin rijdt de knalrode huurauto voor de deur van onze kamer. Een hond blaft. Door de open deur van de kamer naast ons zien we de buren. De vrouw zit wijdbeens op bed. Haar benen hebben minstens vijf etages vet en haar buik hangt over de bedrand. Achter haar brillenglazen is haar lege blik op de regen gericht. In het voorbijgaan zie ik ook nog een heel dikke man. “Hi!” roept het paar enthousiast als we ze groeten.


Kakkerlak

februari 11, 2014

“Kom kijken, kom kijken!” hoor ik vanuit de slaapkamer. Ik volg mijn vriendin die haar hoofd voorzichtig om de hoek van de badkamerdeur steekt. “Daar, daar zit-ie!” In de badkuip zie ik een gigantische kakkerlak zitten. We staren zonder iets te zeggen. Tegelijkertijd draaien we ons om en lopen de badkamer uit. “Zullen we boodschappen gaan doen?” vraagt mijn vriendin.


Thrift

februari 10, 2014

We rijden naar de Goodwill Blue Hangar. Dat klinkt makkelijker dan het is. We worden uitgescholden door een Dennis-Hopper-tomtom-stem omdat we niet afslaan wanneer hij dat wil. Dennis denkt dat we naast de highway rijden in plaats van erop.

Als we eindelijk de hangar binnen stappen kijken we onze ogen uit. Hij staat vol met grote blauwe bakken waar voornamelijk kleding in zit. We zien een horde bezoekers achter een lijn staan. Als het startsignaal gegeven wordt storten ze zich op vers aangevulde bakken en graaien wat ze graaien kunnen. Wij vinden de meeste kleding te vies om aan te raken. We gaan weg als ik gekriebel op mijn hoofd voel.


Booby trap

februari 9, 2014

’s Ochtends ben ik onverschrokken. Of misschien gewoon dom. Ik stap uit het bed met blote voeten de keuken in. Ik heb geluk. De hoogbejaarde hondjes hebben hun behoefte netjes op een van de in de keuken verspreid liggende absorbtie-doeken gedaan. Vandaag geen gecamoufleerde hondendrol die als klei tussen mijn tenen plakt. Of een natte voet.

Wel word ik verrast door een nep-vuurvliegje dat tegen de binnenkant van een jampot ratelt zodra ik aan de ronde eettafel ga zitten. Ik kijk achterdochtig naar de objecten op de tafel. Naar het varken dat als je hem indrukt een kerstliedje knort. Het rendier dat jelly beans schijt. Het pluche biggetje dat bij aanraking beledigende teksten brult. Bij het roze beest met groene snuit blijf ik uit de buurt. Daar kwam gisteren een kogel uit gevlogen die ternauwernood mijn linker oog miste.


Frustratiemoment

februari 8, 2014

De vlucht naar Austin gaat een uur langer duren dan gepland. Als dank mogen we klant worden van Barclay’s. Beter gezegd: onze Amerikaanse medereizigers mogen dat. Wij natuurlijk niet. En ik al helemaal niet. Ik krijg in eigen land niet eens een credit card. Omdat ik niet genoeg verdien. Omdat ik een pauper ben. Jammer genoeg is de credit card het enige geaccepteerde betaalmiddel hier op het vliegtuig. En is er niets van eten voorzien op de nu vijf uur durende vlucht. Gelukkig heb ik acht uur geleden nog een heerlijke dubbele boterham met drie schijfjes komkommer en drie schijfjes tomaat gekregen. Waarvan ik de boterham niet kon eten.

De airco staat op full blast. Mijn lippen barsten en mijn keel en neusgaten drogen uit. Ik heb een dikke gebreide sjaal en trek de capuchon van mijn bodywarmer over mijn hoofd. De man voor me kiepert zijn stoel zover achterover dat ik met mijn benen wijd moet zitten om ze kwijt te kunnen. Onze stoelen kunnen niet achterover omdat we voor de nooduitgang zitten. Als ik rechtop zit, zit ik met mijn schouders tegen het hoofdkussen. Voor onderuitzakken is geen ruimte. In geen enkele positie zit ik comfortabel.

Over drie uur landen we. Het zal een blije aankomst zijn.


Vliegen

februari 7, 2014

Voor de tweede keer deze week staat de wekker op vroeger dan zes uur. Zodra hij gaat spring ik uit bed. Ik hoor een andere wekker overgaan in de kamer naast me. Ik rep me naar de badkamer. Niet veel later zitten we in de auto naar het station. Waar we erachter komen dat de trein waarop we mikten om op tijd bij de luchthaven te geraken de Thalys is waar we niet in mogen. We wachten een extra 25 minuten met een beker koffie.
Op de trein zitten we in een balkon-vierzits, tegenover een morsige man. De man draagt zakenkleren maar geeft de indruk dat hij net uit bed gerold komt. Met grote regelmaat hoest hij zijn hand nat en wrijft hij door zijn haar. Hij eet een chocolaatje. En smakt. Hij eet een banaan. En hoest.
Een zware vrouw met ongekend diep decolleté loopt langs. Haar enorme borsten lillen. Ze trekt een spoor van parfum.
Iets te laat maar zijn we op het vliegveld. Zodra we door de controles zijn doden we de tijd met koffie en een krantje. Juist als we besluiten dat we op het vliegtuig water zullen nodig hebben horen we onze namen omgeroepen worden. Final call. The gate closes.

image


Weg versperring

februari 1, 2014

De vrachtwagen voor me stopt abrupt. Ik trap op de rem. We staan een poosje stil. Als er weer gereden wordt zie ik dat we hebben gewacht voor een stoplicht. Achter het stoplicht staat een dranghek met een pijl. Naast het hek staat een schichtig kijkende man in fluovest. Eenmaal voorbij de versperring zie ik, in mijn achteruitkijkspiegel, de man het hek naar de overkant van de weg sleuren. Daarna sprint hij terug, pakt het stoplicht op zijn schouder en rent ook daarmee naar de overkant. De weg is leeg.


Lifter

januari 21, 2014

Net buiten Sint Laureins rent een man door de berm van de weg. Hij steekt moedeloos zijn duim in de lucht. Ik stop. Een lifter. Die zie je niet veel meer. De man kijkt verbaasd. Hij probeert de achterdeur maar komt toch door de voordeur naar binnen. Hij moet naar Eeklo. Dat kan.

Mijn auto ruikt naar rook. De geur komt uit de man. De man spreekt een beetje Engels en een beetje Nederlands. Ik spreek Engels en Nederlands, maar zeg niet veel. In Eeklo zeg ik dat hij maar aan moet geven waar hij eruit wil. Hij vraagt of ik boodschappen ga doen. Ik zeg dat ik naar Gent ga. Hij zegt dat hij ook naar Gent wil. Dus rijdt hij mee naar Gent. In Gent stop ik voor een stoplicht. Een goede plek om uit te stappen. De man stapt uit. Hij zwaait nog even voor het zijraam.


De trap

december 27, 2013

Was steil. Mijn bovenbenen brandden. Ik was blij dat er niemand in de weg liep.

trap


Klein maken

december 9, 2013

Of klein gemaakt worden.

stencil


Waar

december 1, 2013

In de spiegel.

trein


Onderweg

november 20, 2013

kaal


Klem

november 11, 2013

De metro is vol. Mijn vrienden zijn al binnen, maar als ik instap lijkt er opeens geen plaats meer te zijn. De vertrektoeter klinkt en tegelijkertijd schuiven de deuren dicht. Met grof geweld. Voor ik goed en wel in de gaten heb wat er gebeurt sta ik vastgeklemd tussen de metrodeuren. Of beter gezegd: de metrodeuren èn de schuifdeuren van de poortjes op het perron hebben me in een verpletterende houdgreep. Mijn vriendin kijkt verschrikt. Mijn vriend probeert uit alle macht de deuren open te krijgen. Zonder succes. Ik bedenk dat als de metro gaat rijden ik overdwars in tweeën zal worden gereten.

Na veel te lange tijd gaan de deuren open. Ik wankel naar binnen. Zoek mijn twee tassen die door de klap uit mijn handen geschoten zijn. Een week later zijn mijn heupen donker-paars-blauw met strepen. Waar de deuren me gepakt hebben.

metro_fhdr


November

november 10, 2013

Ook in Brussel wordt het kouder.

jas


Ontspannen plezier

november 5, 2013

We besluiten niet meer naar buiten te gaan. Ook al zijn we ver van huis. Middenin een bruisende stad. En regent het niet. We hebben drank en eten. En heel veel plezier. We zakken steeds verder onderuit. Wat oké is. Lopen hoeven we niet meer. Met mijn laatste energie poets ik mijn tanden. Hijs me in mijn nachthemd. En kruip onder het dekbed bij mijn vriendin. Omdat de vriend op mijn bed ligt. Volledig gekleed. Inclusief hoed. Ik reik over mijn vriendin heen en duw hem. Hij beweegt niet.

plafond


Parijs

november 3, 2013

In de vintage winkel vind ik een sjaal. Ik vraag hoe duur hij is. De meneer achter de toonbank zegt “Deux” en steekt twee vingers op. Ik geef hem een briefje van tien. Hij geeft me zeven euro terug. Hij zegt “Oké.” Ik kijk naar de muntstukken in mijn hand en vind het niet oké. Ik besluit niets te zeggen. Buiten ontdek ik gaten in de sjaal.


Ooievaars

oktober 5, 2013

Als we langs de vuilverbrandingsoven rijden zien we een ooievaar bovenop een lantaarnpaal zitten. We rijden zo goed als onder hem door en ontdekken op de volgende lantaarnpaal nog een ooievaar. Dit betekent vast iets.


Slaap zacht

oktober 5, 2013

Ik sta met dekbed, deken en kussen in mijn armen en staar naar het grijze hoeslaken waar ik de komende twee nachten op ga slapen. Want ja, aan een eigen hoeslaken meenemen had ik niet gedacht. Ik leg voorzichtig mijn spullen op het bed. Het hoeslaken ziet er niet echt vers-uit-de-was uit. Ik durf er niet aan te ruiken. Het duurt even voordat ik de verschillende bruine stukjes en kruimels, waarvan ik niet wil weten wat ze zijn, van het bed heb afgeveegd. Ik dek mijn bed.

Ik slaap in een nachtpon. Daar waar mijn been bloot is ontdek ik midden in de nacht uitslag. De volgende ochtend is er niets meer te zien.


De weg kwijt

oktober 4, 2013

Ik rijd het parkeerterrein van de Lidl op. Ik moet stoppen voor een uitgezakte oudere man. Hij draagt een rood plastic boodschappenmandje. Ik kijk hem verstoord aan. Hij kijkt versuft terug. Zijn mond hangt open.

In de winkel kom ik hem weer tegen. Midden in een gangpad. En nog even versuft kijkend. Ik zie met witte letters C1000 op zijn boodschappenmandje staan.


Lift

oktober 2, 2013

In de lift houd ik mijn ogen op de vloer. Ik zie mezelf niet graag in de liftspiegel. Met tl-licht van bovenaf. En een grijze, troosteloze achtergrond. Anderen kammen hun haar. Of checken hun make-up. Ik haal pas weer adem als de dubbele metalen deuren openschuiven.

lift


De geest

oktober 1, 2013

Uit de fles.

f


Macadamia

september 26, 2013

De noten van de notenkraam zagen er anders uit dan die van de supermarkt. Lichtbruine macadamia’s in plaats van crèmewitte. Ik vroeg me af of dat misschien zo hoorde. Want de notenboer is immers expert. Ik proefde. De smaak was vreemd. Ik kocht een zakje.

In de auto op weg naar huis eet ik de macadamia’s. Ze smaken naar oud frituurvet. Soms bijt ik in een zompig exemplaar met de consistentie van een bitterkoekje. Het kauwen doet pijn aan mijn kaken. Maar na het schamele avondeten op locatie ben ik niet meer kieskeurig. En hap dapper door.


Irritatie

september 18, 2013

Al snel is iets teveel. De schilferige man die te dicht achter me staat bij de kassa. Die met zijn wagentje tegen mijn mand op rijdt. Die bij het aanpakken van het volgende-klant-bordje met zijn lange kalknagels over mijn hand schraapt. Die als ik mijn batterijen vergeet heel hard “Hééé!” roept. Ga toch weg, man.


Hotel

september 9, 2013

Ik sta voor een bordje in de ontbijtkamer. “Hoe wilt u uw eitje?” zegt het. Ik wil wel een gekookt eitje. Ik speur het buffet af. Geen eitjes te zien. In de keuken klinkt gerommel. Er verschijnt niemand. De rommelaar drukt zijn snor. Ik leg wat plakjes kaas op mijn rechthoekige bord. Neem een mes uit de goed verstopte bestekbak en voel dat er opgedroogde etensresten aan het metaal vastgekoekt zitten. Ik schenk mezelf een kopje oploskoffie in.

huis


Taxi

augustus 16, 2013

Vanavond arriveren de eerste gasten.

taxi


Uitzicht

augustus 15, 2013

Ik wacht op de bus. Aan de overkant van de straat zit een vrouw op een bankje in de schaduw van een boom. Haar dij-omvang is groter dan die van mijn taille. Ik kijk gefascineerd. Een kolossaal been heeft ze zijwaarts op de grond geplant. Het andere ligt gestrekt op de bank, waardoor ze in een soort split zit. Wij bij het bushokje hebben vrij zicht tussen haar benen.

De vrouw pakt een spiegeltje uit haar tas. En frummelt wat aan haar lippen. Het duurt even voordat ik door heb dat ze haar snorharen aan het epileren is. Ze heeft flink wat werk. Na een minuut of vijf geplukt te hebben verlegt ze haar aandacht naar haar kin. Ze is nog steeds met haar baardharen bezig als de bus weg rijdt.


Spiegelbeeld

augustus 12, 2013

Op het Vlaamse platteland.

spiegelbeeld


Je bent er eens weg mee

augustus 9, 2013

Na een zonnige ochtend boodschappen doen in Antwerpen besluiten we naar het strand te gaan. We rijden naar de Linker Oever, drinken een koffie bij het Plaasj Kaffee en wandelen een geasfalteerd pad af. Naast het pad is er vooral gras.

lo1_fhdr

Maar ook een heel klein beetje zand.

lo2_fhdr

We ontdekken dat zwemmen hier niet toegestaan is.

lo3b_fhdr

En besluiten wat verder de Schelde af te zakken.

doel1_fhdr

Waar niets of niemand een verfrissende duik in de weg staat.


Engel

juli 30, 2013

Onverwachts, op het Vlaamse platteland, kom ik een engel tegen.

engel


Liedje

juli 28, 2013

Ik loop door Gent met een liedje in mijn hoofd. Ik zou nog met een bevriend gitarist aan een liedje werken, dus dat komt goed uit. Het liedje is in het Zeeuws Vlaams. Wat nog beter uitkomt, omdat de gitarist zijn liedjes doorgaans in het Zeeuws Vlaams zingt. Ik zet mijn fotocamera op de video-modus en zing zacht het liedje in. Zodat ik het niet kan vergeten.

Ik wandel door. Ik loop een winkel binnen en koop een mini- blocnote en een pen. Om de tekst op te schrijven. Wat ik vervolgens niet doe omdat ik de maagdelijke blocnote te mooi vind. Op de Vlasmarkt zing ik een nieuw idee in mijn camera. Een dame kijkt me vragend aan.


Naast de Kennedybaan

juli 24, 2013

We klimmen over een roestig rood hek. Mijn vriend houdt galant prikkeldraad voor me omlaag zodat ik er overheen kan stappen. Door woest hoog gras, tingels en wilde bloemen banen we ons een weg naar de verlaten boerderij.

Het huis staat vol. Ligt vol. Overvol. Banken, stoelen, kasten, kranten, rouwbrieven, een trouwfoto, drie televisies, schoenen, servies. Een beeld van een vrouw met een afgebroken arm. Afgescheurd behang. Spiegels, textiel, losse deuren. Iets van bont. Alles op en door elkaar. Onder een dikke laag stof. En half vergaan.

Ik ben halverwege de trap als een man zijn hoofd naar binnen steekt. Hij vraagt ons wat we doen. Wij antwoorden. Hij vertelt. Over zijn moeder die hier woonde. Over het huis dat al vijftien jaar leeg staat. Over de eigenaar van de seksclub die er naaktfoto’s van zijn dames maakte. Over de twee vrouwen die met een camion voorreden en alle huisraad mee wilden nemen voor het goede doel. Over wonen in het havengebied. Over de man die in de boerderij op een stoel vastgebonden was en in brand gestoken zou worden. Hoe die man nog net gered was. En hoe jammer dat was, omdat het huis toen nog was verzekerd en een goede brand veel problemen zou hebben opgelost.

Pas als hij vertrokken is bedenk ik dat ik die dag behalve mijn halter-bh geen ondergoed onder mijn korte rode jurk draag.

rodetrap


Sortie

juli 15, 2013

Het voordeel van weggaan is dat je weer terug kunt komen.

sortie1


Vintage in Parijs

juli 13, 2013

Gewapend met een adressenlijst van zo’n vijftien locaties van vintage kledingwinkels en een stadsplattegrond met daarop vijftien ronde zwarte stickertjes doorkruisen we Parijs. Het Parijs van de fashionistas. Het Parijs van de hippe, vintage kleding.

Na vijf muf ruikende, overvolle winkels met meer oude troep dan vintage kleding willen we eigenlijk niets meer aanraken. We snakken naar koffie en een mogelijkheid om onze handen te wassen. Nog vijf winkels later zwaait mijn vriendin vrolijk met een prachtige vintage top en een mooie jurk in een papieren draagtas. Ik heb buikpijn. Mijn vintage rok, die die ochtend nog prima paste, zit nu irritant strak. Het hotel is een lange bus- of metrorit weg. En we willen die koffie nog. En een glas wijn. En lekker relaxen in een Parijs café.

We lopen in omgekeerde richting – en met steeds langer wordende gezichten – vintage winkels in en uit. Totdat ik eindelijk een niet al te lelijke vijf-euro-rok vind. Buiten op straat, terwijl mijn vriendin me visueel afschermt, verwissel ik de rokken. En kan weer ongehinderd ademhalen.

Na een ontspannend glas wijn koop ik, in een hippe boutique, een duur leren jasje. Nieuw.

bar


Zoenen in Parijs

juli 12, 2013

In Parijs neem je gewoon zelf je klapstoel mee als je – lekker in het zonnetje – wil zoenen tijdens je lunchpauze. Of je gaat op een bankje liggen wachten tot iemand je wakker kust.

zakenman_fhdr


Langs de Seine

juli 10, 2013

Rust een mooie madame uit op een bankje.

mp1kl


Rode jurk

juli 8, 2013

Ik vraag aan mijn vriendin of ik in mijn lange rode vintage jurk niet een beetje overdreven gekleed ben om naar een bar te gaan. Ze zegt van niet. Dus stappen we het hotel uit en een Parijse straat op. We hebben nog geen vijftig meter gelopen of we worden aangesproken door een Fransman. Die ons met zichtbaar enthousiasme vertelt dat de rode jurk fantastisch is. Zelfs meer dan fantastisch: grandioos.


Parijs

juli 7, 2013

Should I stay or should I go?

stoplicht


Rivierkreeft

juni 30, 2013

We bestellen makreel. We krijgen makreel en een rivierkreeftje dat op een citroen balanceert. Ik wil geen gekookt beest op mijn bord. Ik wil hem al helemaal niet uit elkaar moeten trekken om daarna zijn ingewanden aan mijn vork te rijgen. We zetten alle drie onze kreeften zo op tafel dat ze ons in ieder geval niet aankijken. Met hun enge mat gekookte oogjes.

2013-06-29 19.53.33 kopie


Lomp

juni 25, 2013

Ik stuur mijn auto het trottoir op. Kom tot stilstand voor de brievenbus. Ik draai mijn raampje open en kan, zonder moeite, de envelop in de gleuf ‘overige bestemmingen’ schuiven. Ik draai mijn raampje dicht, rijd achteruit en knots de stoep weer af. Ik bedenk dat ik wel erg lomp bezig ben. En glimlach.


Een dagje uit

juni 11, 2013

spiegelhaven_fhdr


Op de blaren zitten

juni 8, 2013

tengels_fhdr


Boompjes

juni 4, 2013

Je huis hoeft niet veel te zijn. Als je coniferen maar goed zitten.

huisjeboompje


Langs het water

juni 2, 2013

Of in de lucht.

water


Dikke pret

juni 1, 2013

Op een terrasje met mijn vriendin. Zo lekker warm dat de jassen open kunnen. Op tafel koffie en amaretto. Naast ons tassen met vintage kleding. We grabbelen in de tassen en laten elkaar onze beste vondsten zien. Uiten kreten van bewondering. Lachen breed. Een vogel schijt op mijn arm.


Huil maar niet

mei 27, 2013

Ik zit op de passagiersstoel. Kijk uit het raam. Probeer de tranen achter mijn ogen weg te knipperen. Ik probeer de tranen in mijn ogen weg te knipperen. Ik kijk naar de flats en grasveldjes. Opeens komen de tranen toch. Met geluid. En schouderbewegingen. Ik geneer me maar kan er niets aan doen. Ik zoek in mijn handtas. Mijn hoofd nog steeds afgewend. Ik vind een sjaal en snuit mijn neus.