Gezond begin

april 2, 2016

Het is vroeg. Ik besluit een groene smoothie te maken om de dag goed te beginnen. Ik snij een stuk groene mango klein. Ik pak spinazie. Ik trek een blik kokosmelk open. Ik zucht. Het blik dat ik open heb gemaakt bevat artisjokken. Ik pak een nieuw blik. Een blik met een deuk in de bovenkant.

Ik doe spinazie, mango en wat kokosmelk in de blender. De blender raast. Ik denk even aan T die nog ligt te slapen.

Ik neem een slok van de smoothie. Hij smaakt raar. Ik neem nog een slok. Hij smaakt vies. Ik word misselijk. Als ik de rest van de kokosmelk in de gootsteen giet zie een grote brok weg glibberen.


Oudjaar

december 31, 2015

Buiten klinken harde knallen. Ik zit in bed. Met mijn laptop. Ik heb net een feestmaal gegeten van zwarte bonen met crème fraîche. Voor vanavond heb ik een slecht boek en een 35 cl flesje prosecco.

Iedereen die ik ken is bij vrienden of familie. Ik ben ook graag bij mijn vrienden. En bij mijn broers. Alleen hoeft dat niet per sé op oudejaarsavond. Ik zal aan ze denken als ik mijn glaasje prosecco drink. Dat glas drink ik niet om twaalf uur, maar gewoon, wanneer ik er zin in heb.

Op oudejaarsavond heb ik meestal zin om voor twaalf uur naar bed te gaan. Omdat het kan. Omdat ik voor niets en niemand hoef op te blijven. Dan luister ik vanonder mijn dekbed naar het vuurwerk. En doe oordopjes in als ik het geknal zat ben.


Kerst

december 26, 2015

Ik ben graag alleen. Toch ging ik gisteren naar de ouders van een goede vriend om Kerst te vieren. Nou ja, eigenlijk niet om Kerst te vieren, maar om er te zijn voor de vriend en zijn ouders. Ik ben sociaal geweest. En geduldig. En heb het fijn gehad met mijn vriend.

Daarom mag ik vandaag doen wat ik wil. Ik hang de hele morgen in bed. Ik lees een boek. Surf wat op internet. Vanmiddag ga ik misschien wel trainen. En misschien ook niet. Als er iemand aanbelt doe ik niet open.


Geur

december 10, 2015

Ik stap mijn slaapkamer binnen en ruik iets wat ik niet herken. Vies zweet? Oud t-shirt? In textiel getrokken oksellucht?

Ik maak me zorgen. Ik hoop dat die geur niet van mij komt. Of van de kleren die op de stoel liggen.

Dan herinner ik me dat ik een stel washandjes, die na dagen in de badkamer nog steeds nat waren, op mijn verwarming had gelegd om eindelijk eens te drogen.

Ik ruik aan een washandje. En zucht van opluchting.


Rust

december 8, 2015

Na een dag met de coaches in Antwerpen, vloeken in de file en een uur rijden in de regen, kom ik thuis aan. Er ligt een briefje op de keukentafel. T is een paar dagen naar zijn moeder. “Geniet maar van de rust,” schrijft hij.

Ik ga als een razende Roeland in de weer. Ik bak een appeltaart, maak mijn avondeten, laat de keukenmachine ronken om falafel te maken, en sluit af met een mini-training.

Ik zit in mijn bed. En ben volledig opgefokt.


Keukenmachine

december 6, 2015

Ik heb een keukenmachine besteld. Een goede. En een dure. Zodat ik courgette-tagliatelle kan maken en eindelijk weer eens een soort pasta kan eten. En koolsla kan maken. En falafel. En vast nog veel meer.

De keukenmachine is gearriveerd. In een grote doos. De doos staat in de gang. Al twee dagen.

Ik ben moe. Als ik terugkom van mijn werk wil ik niets meer. Alleen wat hangen in mijn bed. Met mijn laptop of een boek.

Als ik nu de keukenmachinedoos openmaak en er klopt iets niet – of er lijkt iets niet te kloppen – ga ik gegarandeerd huilen. Ik laat hem nog maar een dagje in de gang staan.


Timing

november 25, 2015

Een kwartier voordat mijn wekker af zou gaan word ik wakker. Ik ga naar de badkamer. Was mijn haar. Kleed me aan. Eet een stuk appelframbozentaart en drink een groot glas fenegriek-hibiscusthee terwijl ik wat rond surf op internet. Ik kijk op de klok om te zien of het al tijd is om richting Antwerpen te gaan. En ontdek dat het een uur vroeger is dan ik dacht. Ik kleed me weer uit en glij onder mijn dekbed.


Water water water

november 22, 2015

Het 1000-liter watervat zit vol. Ik hevel een gedeelte over naar het tweede vat, dat ernaast staat. Ik laat water weg stromen. Het loopt over de stoeptegels de tuin in.

Het regent hard. Het watervat is vol. Ik zet de kraan open. Het water spuit de stoeptegels op en de tuin in. Ik sluit de kraan als ik het te koud krijg.

Voordat ik naar mijn werk ga draai ik de kraan nog een keer open.

Ik ben bijna in Terneuzen als ik me afvraag of ik de kraan wel weer heb dichtgedraaid. En of ik de achterdeur op slot heb gedaan.

Als ik na mijn werk thuis kom loop ik meteen door naar de achterdeur. Die op slot zit. De watertank zit – zie ik door de ruit – goed vol.


Biologische wekker

november 10, 2015

Ik droom over een man die binnendringt in mijn caravan. Hij bedreigt me met een schaar. Ik steek hem met een mes in zijn nek. Het mes blijft in de nek staan als ik loslaat. Er is geen bloed. De man blijft komen. Ik roep de naam van mijn vriendin. Ik roep. En roep.

Ik word met een wild kloppend hart wakker. Ik hoor de auto’s over de rijksweg scheuren. Ik kijk op mijn wekker. Ik heb nog twee minuten voordat ik op moet staan. Twee minuten later gaat de wekker niet. Ik check. En zie dat ik vergeten ben hem te zetten.


Kwijt

oktober 20, 2015

Ik zit in mijn bed. Ik lees een artikel over C8-vervuiling en de doofpotaffaire van Du Pont. Ik vraag me af of ik vandaag al e-mails heb ontvangen. Ik kijk om me heen, maar zie mijn laptop nergens liggen. Totdat ik besef dat ik het artikel aan het lezen ben op niets anders dan mijn laptop.


Het hoeft niet veel te zijn

oktober 17, 2015

Ik zit in mijn bed. Heb een kruik op mijn buik. Ik heb ontbeten met quinoa-appeltaart en wat gesurft op internet. Over een half uur moet ik vertrekken naar het restaurant. Ik bedenk dat ik nog een stukje in mijn boek kan lezen.

Ik zit in mijn bed. En doe niets. Niets doen bevalt goed. Ik neem er een glas thee bij. Dat bevalt ook.


Herfst

oktober 13, 2015

In mijn voortuin staat een laagstam appelboompje. De boom is jong. Hij heeft nog niet veel appels gedragen. Vanmorgen zag ik dat zijn laatste appel gevallen is. Zo wordt het kaler en kaler rondom het huis.


Ze blijven komen

oktober 2, 2015

Ik zit in bad. Wrijf amandelolie op mijn onderbenen. Scheer ze. Herhaal het proces met mijn oksels. Ik blijf rechtop zitten tot het bad vol genoeg is naar mijn zin. Ik pak mijn boek. Laat mezelf achterover zakken.

Vanuit mijn ooghoek zie ik iets bewegen. Ik kijk naar links. En zie, vlak naast me, een oorwurm over de doucheslang kruipen. Ik pak hem op met een washandje. Ik open het raam en schud met het washandje. De oorwurm houdt vast. Ik flapper het washandje als een bezetene. Ik kijk nog eens. Het washandje is leeg.

Ik ga in bad zitten en lees mijn boek.


Stop

september 29, 2015

In het afvoerputje van de wasbak steekt een stop. De laatste keer dat ik er was wandelden er twee oorwurmen over het witte porselein. Ik spoelde ze weg. Nu verwacht ik, elke keer als ik de stop uit het putje trek, dat woedende oorwurmen me tegemoet zullen snellen om wraak te nemen. Ik laat de stop nog maar even zitten.


Beesten

september 28, 2015

Ik pluk een trosje druiven van de rank boven mijn voordeur. Neem het mee naar mijn kamer. Ik zie een bruin beest op een druif. Een oorwurm. Ik loop naar het raam en schud hem van de tros af.

Ik ga naar de badkamer. Ik houd de tros onder de kraan. Het is de eerste keer dat ik druiven was. Acht oorwurmen en een kleine slak spoelen van tussen de druiven.

Ik vraag me af of ik de afgelopen weken wellicht oorwurmen gegeten heb.


Thuis op zondag

september 20, 2015

De buurman maait het gras. Ik zie hem, door de heg heen, op een neer bewegen over zijn minuscule gazon. Zijn grasmaaier knettert.

Ik hang de was op. Ik knijp mijn ogen dicht om niet verblind te worden door de felle zon. Er zitten nieuw, blankhouten knijpers in de ton. En oude bruine.

Ik loop met mijn mand naar het landje. Ik steek mijn sleutel in het hangslot, maar krijg hem niet omgedraaid. Ik klim over het gaas. Ik pluk appels. Ik raap peren. Ik klim terug over het gaas en loop naar huis.

Ik bak appelperentaart.


Druiven

september 13, 2015

De druiven zijn rijp. Ik hou van druiven, maar moet er enorm mee uitkijken. Ik pluk een trosje. Ik eet geitenkaas en begin daarna aan de druiven. Zodat de suikers niet in een klap in mijn bloed komen. Ik houd de tros omhoog om de laatste paar druiven er vanaf te happen en zie, net op tijd, een glanzend bruine oorwurm over een van de druiven marcheren.


Appelexpeditie

september 4, 2015

Heel even schijnt de zon. Ik wandel met mijn wilgentenen mandje naar het landje. Daar bezwijkt een appelboom bijna onder de lading appels die hij draagt. Ik raap de appels die gevallen zijn. Net voor de volgende hoosbui ben ik weer terug binnen.


Vocht en voedsel

augustus 27, 2015

In mijn huis huis is het net zo vochtig als buiten. De muren zijn op sommige plekken niet meer dan baksteen platen en op de keukenmuur, achter de vuilbak, prijkt een forse vochtplek. Mijn huis staat in Nederland. Nederland is nat. Zeker de laatste paar dagen. De hygrometer in de keuken haalt net de tachtig procent.

In mijn keukenkast staat een potje steviapoeder. Stevia heeft de naam gezond te zijn. En is bloedsuikerverlagend. Het witte poeder is door het vocht veranderd in een solide, glimmende bonk spul dat in niets op etenswaar lijkt. Ik vraag me af waarom steviapoeder eigenlijk wit is. De plant is immers groen. Op internet vind ik dat het gaat om stevioglycocide, een gebleekt extract van de steviaplant. Om een extract te maken wordt gebruik gemaakt van ionisatie. Zo natuurlijk is dat steviapoeder dus inderdaad niet. Ik was weer gewoon bezig met het consumeren van geraffineerde rommel.

Ik bestel op internet een grote zak groene stevia. Geteeld in Spanje. De Indonesische variant laat ik aan me voorbijgaan. Zo hoef ik me niet schuldig te voelen over onnodige vliegtuigvluchten.


Water

augustus 26, 2015

Een tijdje geleden kocht ik een waterton. Omdat planten regenwater lekker vinden. Omdat een ton leuk staat in de tuin. Ook al is hij van donkergroen plastic. En omdat het handig is om water dichtbij de planten te hebben.

Laatst kregen we twee enorme 1000-liter vaten van de buurman. De 50-liter ton valt erbij in het niet. Bij de eerste fikse regenbui keken we met ontzag hoe snel het eerste vat zich vulde. Emmer voor emmer bracht T water over naar vat nummer twee.

T is voor een paar weken weg. Het regent veel. En hard. Het eerste vat vult zich in een razend tempo. Ik begin de dag met emmers overzetten naar het andere vat. Na twee dagen is vat twee vol.

Ik maak me zorgen over wat er kan gebeuren als het eerste vat vol raakt. We hebben nog geen overloop geïnstalleerd. Ik besluit mijn toilet met regenwater te gaan doorspoelen.


Maaigeweld

augustus 18, 2015

De man van de groenvoorziening knettert met zijn heupmaaimachine door de straat. Hij heeft een lange baard. Ik denk aan ZZ Top. De grasstengels en bermbloemen vallen met bosjes. Ik gluur voorzichtig naar buiten om te zien of de planten aan de onderkant van mijn wijnrank gespaard zijn gebleven. Dat zijn ze.


Goed

juli 15, 2015

Ik sta op. Ik zie dat het miezert. Ik heb zin in de dag. Ik zet koffie. Eet appeltaart. Ga trainen. Zonder uitstel. Zonder tegenzin. En voel me goed.


Vrij

juli 14, 2015

Vandaag ben ik vrij. De vriend die langs zou komen heeft afgezegd. Dus lees ik lekker lang in mijn bed. Ik eet amandel-kokosmeel-pannenkoeken met ahornsiroop. Ik strijk een stel vintage jurken. Ik lees weer een paar hoofdstukken. Ik drink koffie.

Morgen komt de vriend ook niet, maar dat was gepland. Dus moet ik morgen gewoon trainen.


Vliegjes

juli 12, 2015

Op de ruit van de achterdeur zitten vliegjes. Op de ruit ernaast ook. In de koelkast zitten ze. En in de toiletpot. Ze vallen de bloemkool aan. En het sponsje op het aanrecht. Verder zitten ze maar te zitten op de ruiten. Een paar keer per dag stofzuig ik ze van de ruiten af. En stop een prop krantenpapier in de slang zodat ze niet terug naar buiten kunnen kruipen. Maar ze blijven komen. En blijven zitten. Op de ruiten. En in de koelkast. En in de toiletpot.


Chaos

juli 1, 2015

In de woonkamer liggen kwasten op de grond. Schuurpapier op tafel. Jampotten met thinner op een stuk advertentieblad. Een buffetkast ligt in twee gedeelten te wachten op knoppen, kliksysteempjes en om in elkaar gezet te worden. In de keuken zijn de ramen bloot. Wat in de vensterbank stond staat nu op tafel. Te wachten tot de kozijnen geschilderd zijn. In de hal staan de materialen van mijn vormingswerk. Te wachten om gesorteerd en weggebracht te worden. De chaos vliegt me aan.

chaos


Wasmachine

juni 30, 2015

“De wasmachine is aan het piepen en doet niks meer,” zegt T. Ik denk aan de twee schroeven die nog ergens in het machien rond moeten zwerven van die keer dat ik mijn zakken niet had geleegd. Ik voel me schuldig. We gaan aan de slag. Halen de achterkant los. De bovenkant. Het zeepbakje. Achter het filter zit een stuk plastic vast. Ik herken het boterhamzakje dat ik gisteren in mijn broekzak heb gestopt.

Pas als we het machien op zijn rug leggen kunnen we bij waar we wezen willen. Ik schroef de pomp los. Het zakje zit vast in een soort groene propeller. Ik rommel wel een kwartier lang om het los te krijgen. Zonder succes.

De tegels zijn nat en smerig. Mijn voeten zwart. Overal liggen wasmachine-onderdelen.

T trekt aan het zakje. Het laat los.

We zetten de pomp terug en checken of hij werkt. Hij werkt. T schroeft alle onderdelen op zijn plaats. We vinden zelfs het laatste gaatje waar een eenzaam schroefje in hoort.

Ik haal mijn was uit de badkuip. ik start het machien en hang een uur later mooi schone was op.

“Ik had het in mijn eentje niet voor elkaar gekregen,” zegt T. “Ik ook niet,” antwoord ik. De rest van de dag zijn we vrolijk. Net als tijdens de reparatie.


Vakantiegevoel

juni 3, 2015

Ik word om half zeven wakker. Ik blijf liggen. Maar slapen lukt niet meer. Ik sta op. Zet koffie. Lees een detective in mijn bed. Ik bedenk dat ik een rondje kan gaan joggen voordat ik weg moet naar Brugge. Natuurlijk heb ik allesbehalve zin in dat rondje joggen.

Ik zet nog een kopje koffie en lees verder in de detective. Met een heerlijk vakantiegevoel.


In Waterlandkerkje

mei 31, 2015

Schijnt voor de wolken de zon.

wolken


Landje

mei 30, 2015

T werkt hard op het landje. De bramen zijn weg. Er is een meidoornhaag. En een takkenwal. Nog even en de jonge laagstam appelbomen kunnen geplant worden.

De buurman komt kijken. En vraagt in opdracht van wie T werkt. In opdracht van de oud-bewoner? Wat is T allemaal van plan? Hij wil vast en zeker een caravan zetten. De buurman zegt dat hij een schutting gaat plaatsen. Dat hij die morgen gaat bestellen.

Hij heeft T langs zijn huis zien lopen. Over de openbare weg. Maar te dicht bij het huis. T moet door het gras. En afstand houden.

T zegt lang niets. En dan: “Sorry.”


Landje

mei 27, 2015

Bij het nieuwe huis hoort een stukje land. Of beter gezegd, een stukje berm. Het meet zo’n twintig bij zeven meter. Op het landje staan vijf hoogstam appelbomen en een wilde kersenboom. En een oerwoud van bramen. Als ik het landje zie zakt de moed me in de schoenen.

T omheint het landje. Hij maakt een haag van takken. Hij knipt braamstruiken. Spit ze uit. Aanhangwagen na aanhangwagen groenafval wordt naar de milieustraat gereden. Het landje lijkt te groeien. Evenals mijn enthousiasme voor mijn nieuwe bezit.


Vondst

mei 10, 2015

Ik zit op het toilet. Ik kijk naar de radiator. Hij is klein. En oud. En nogal roestig. Ik staar naar de roestvlekken.

Ik vraag me af hoe de achterkant van de radiator eruit ziet. Of hij nog lelijker en viezer kan zijn dan de voorkant. Ik leun met mijn hoofd tegen de wandtegels en gluur schuin naar beneden. Ik zie dat er van alles achter de radiator geklemd zit. Ik trek drie stukken toiletpapier tevoorschijn. Een stel reclamefolders. En een boek van Anita Shreve. Dat ik al gelezen heb. De Engelse versie, welteverstaan.


Oorwurm

april 16, 2015

Ik zit in bed. Te lezen. Ik voel gekriebel. Kijk op mijn arm. Zie een beest. Sla. En vraag me af wat voor beest het was. Over mijn sprei loopt een oorwurm. Ik sla nog eens. Hoor een tik. Kijk. Zie niets. Of beter: geen oorwurm.

Ik zie een gat in de betimmering naast een balk. Een stukje hout is op de grond gevallen. Ik vraag me af of de oorwurm dat gedaan heeft. Of hij achter de betimmering woont. Met zijn hele familie. Of het nu daarbinnen zo overbevolkt is dat er geëmigreerd moet worden. Of ik straks een oorwurmeninvasie zal krijgen.

Ik kijk naar het gat. Misschien zat het stukje hout al los en heb ik de oorwurm ertegenaan gekatapulteerd. Heeft de tik uiteindelijk het stukje hout doen vallen.

Ik kijk naar het gat. Als ik niets doe kan de oorwurm erin klimmen. En er gaan wonen.

Ik duw het stukje hout op zijn plaats en ga slapen.


Paardebloemen

april 15, 2015

Ik lees op internet dat paardebloemgroen gezond is. Een mevrouw loopt over van energie sinds ze elke ochtend een paardebloem-mango-smoothie drinkt.

Onze tuin wordt geteisterd door paardebloemen. T bestrijdt ze onvermoeibaar. Tot onder de stoeptegels.

Ik vertel hem over wat ik heb gelezen. Als ik later die dag buiten kom heeft hij een zinken teil omgetoverd tot paardebloemkwekerij. “Als je de bloemen er maar uit knipt voordat ze zaad maken,” zegt hij.

Die avond maak ik rucola-pesto met paardebloemblad. Het smaakt als rucola-pesto. En van een energie-boost merk ik ook niks.


Grondig

april 14, 2015

“Wat doe je?” vraag ik. De stoeptegels die vanochtend nog het pad langs de heg vormden staan op hun kant in het zand. “Ik haal het onkruid weg,” antwoordt hij.


De zon

maart 30, 2015

Scheen vanochtend. Heel heel even. Mijn kamer in.

zonrok


Tuinzicht

maart 25, 2015

Ik sta buiten. Het waait. Een natte koude wind. Ik sta binnen. Achter de tuindeuren. De zon schijnt op mijn vest. Ik kijk de tuin in en zie de boerenjasmijn die mee is gekomen van de boerderij. Ik hoop dat hij het haalt. Zodat ik in de lente de geur kan ruiken waar we op de Maaidijk zo van genoten.


Mest

februari 4, 2015

We woonden in een Vinex-wijk in Delft. In een appartement van grijze baksteen. Aan een grijs plein met een supermarkt. In onze woonkamer de grijze vloerbedekking van de vorige bewoner. In het midden van de kamer stond een groene plant. Een ficus.

Een vriend kwam langs. Hij peuterde in zijn neus. En gooide de oogst in de pot van de ficus. “Dat is goede mest,” beweerde hij.

Ik woon in een voormalige bakkerij in Waterlandkerkje. Ik kijk uit over landerijen. In de keuken staan de planten van mijn moeder.

Een vriend komt langs. Hij maakt zijn nagels schoon. En gooit de oogst in de pot van een vetplantje. “Dat is goede mest,” beweert hij.


Droef

januari 18, 2015

Eindelijk is de voorkamer ingericht. De muren donkerrood, grijsblauw en wit. Een turquoise bank. Maar ook de twee nachtkastjes van mijn ouders. Hun salontafel en het Italiaanse kastje waar ze trots op waren.

Op te boekenplanken uit mijn tienertijd staan oude Spectrum pockets. Een foto van mijn moeder als twintiger. En het zwarte dameshoofdje dat ze ooit cadeau kreeg van haar vader.

Ik kijk. Ik schuif de glas-in-lood-deuren van de schuifseparatie dicht. En ga in de keuken zitten.


Tienertijd

januari 17, 2015

T boort. Ik houd de stofzuiger onder het vallende gipsstof. We meten. Overleggen. Turen naar de waterpas. T schroeft. Ontschroeft. Duwt pluggen. Schroeft. We stappen terug. En bewonderen. Het Cadovius boekenplanksysteem uit mijn tienerkamer. Op de zijkant van een plank vind ik een sticker van een hartje.


Stil

januari 11, 2015

Leven

vaas


Kerst in zicht

december 6, 2014

T hangt aan een elektriciteitsdraad. Ik drink rode wijn die al een week open staat. De buurman dempt zijn muziek door zijn garagedeur te sluiten. Een rode kater met drie poten hobbelt door de straat. De huid van mijn handpalm zit bekneld tussen twee kastonderdelen. Een andere kast valt tijdens het opbouwen uit elkaar en raakt beschadigd. De CV-ketel slurpt 60 m3 gas in minder dan een week tijd. Het doosje met schroeven en metalen plaatjes om de boekenkast mee in elkaar te zetten is verdwenen.

De Gamma verkoopt kerstbomen. Die in een soort hoesje geschoven worden. Om ze lekker makkelijk te kunnen vervoeren. Ik wil geen kerstboom. En ik wil ook geen onaangename verrassingen meer. Het is nu wel genoeg geweest.


De leegte

november 29, 2014

karretje


Verf

november 28, 2014

“Rechtsachter!” zeg ik en wijs de plek aan waar ik denk dat de emmer muurverf staat. T staart peinzend naar de berg dozen, tafels, tjokvolle plastic zakken en koffers. “Hoeveel liter is-ie?” Vraagt hij. “Vijftien,” antwoord ik. “Denk ik.”

De achterkamer is de eerste kamer die we gaan aanpakken. Als die geverfd is kunnen de eerste zes kasten geplaatst worden en kan ik een de berg in het bijgebouw een flink stuk laten slinken. We beginnen met het weghalen van dozen, zakken, tafels en koffers. Zonder verf kunnen we maandag niets. Na een tijdje beklim ik de berg. De emmer is nog niet in zicht. Ik vloek.

Ik vind de emmer aan de linker kant van de berg. Ik sleur hem onder een stel zakken met kleding vandaan. De inhoud is tien liter.


Wachten

november 24, 2014

kast


Vintage boekenplanken

november 10, 2014

Ik lig wakker. Denk over het nieuwe huis. Maak me zorgen over hoe ik alles erin kwijt zal kunnen. Ik verdrink in de kasten. En kisten. En boeken. Van alle kasten zijn er maar twee boekenkast.

Vroeger, in mijn tienerkamer, had ik een systeem van vier boekenplanken. Royal Systems van Poul Cadovius. Voordat het bij mij hing, hing het bij mijn ouders boven het bed. Er zat een roetvlek van een walmende kaars op. En een paar krassen.

De muur waaraan de planken hingen verdween. De planken en het ophangsysteem werden opgeslagen tussen andere planken. Ergens op zolder. En verdwenen.

Tijdens het uitruimen van een kast op zolder vind ik acht Royal System haken en pennen. Ik zoek verder. En vind alle planken en bevestigingslatten. Ik herken de roetvlek. En de krassen.

Ik moet huilen.


Sloopvogel

september 28, 2014

Ik heb een halve dag nodig om mezelf zover te krijgen te gaan trainen. Ik loop naar de schuur. Ik kijk naar de groenhouten betimmering. Bedenk dat ik de sloopvogel niet meer heb gehoord.

Ik train. Na vijf dagen niet in de lucht te zijn geweest. Als ik uit de doeken kom ben ik misselijk.

In mijn ooghoek zie ik iets felgekleurds. Onder het grote raam. Groen met geel en rood. Ik kijk beter en herken de groene specht. Een vlieg stijgt op van het kadaver.

Ik zoek iets om de specht mee op te ruimen. Vind een schop. Voorzichtig schuif ik hem onder de specht. Er verschijnen geen vliegen. Of maden. De specht is prachtig. Ik leg hem in het hoge gras tussen de struiken achter het houthok. En wens hem welterusten.


Sloopvogel

september 24, 2014

Ik hoor gehamer. Ik heb geen buren. T is weg. Ik ben alleen. Alleen met de hameraar. Ik loop op het geluid af. Het stopt. Ik ga terug mijn huis in.

Het gehamer begint weer. Wederom ga ik naar buiten. Het geluid komt uit de schuur. Ik zoek. En zoek.

In de grote schuur zit een vogel. In de nok. Onder de dakbedekking. Op de stenen zijmuur. De stenen zijmuur is van de buitenwereld afgesloten door houten planken. En die houten planken probeert de vogel af te breken. Ik roep naar hem. Hij draait zijn kop, kijkt me aan en gaat door met zijn sloopwerkzaamheden. Ik gooi walnootbolsters naar hem. Hij geeft geen sjoege.

Ik zit in bed. Ik hoor gehamer. Uur na uur na uur.


Naar huis

september 12, 2014

Afgepeigerd ben ik na een dag vorming geven aan een groep veertienjarigen. In de auto is het heet. De N41 is, net op het stuk dat ik nodig heb, afgesloten. Ik rij twintig kilometer om. Ik heb pijn in mijn zij. Een spiertje onder mijn linker oog trilt. Ik draai het erf op. Dat niet meer lang ons erf zal zijn. Over drie maanden rij ik naar een ander huis.


Basta

september 9, 2014

Er wordt niet meer gezaagd.

zaag


Signaal van hogerhand

augustus 19, 2014

Ik bak knoflook, aubergine en paprika in veel olie. Smelt er Spaanse schapenkaas overheen. Beklim met bord in de hand de trap naar mijn slaapkamer. Stap in bed. 

Het bord glijdt van tussen mijn vingers, maakt een luie halve salto en landt ondersteboven op mijn Pip-dekbed. 

Ik moet toegeven dat het meer dan hoog tijd was om mijn bed te verschonen. 


Bezoek

augustus 13, 2014

Hij staat opeens voor me. Buiten. Terwijl ik de luiken aan het openen ben. In peignoir. Ik. Niet hij. Hij vraagt hoe het gaat. Of we op de boerderij blijven wonen. Zegt het jammer te vinden niet op de uitvaart te kunnen zijn geweest. Maar zijn zoon. Die tandarts is. Die het druk heeft. Die ver weg woont. Duitsland. En de reis was geboekt. Maar hij wil weten hoe het is. Met mij.

Vroeger kwam ik met de bus naar Oostburg en liep ik het laatste stukje naar hier. Zegt hij. Dus. Ik dacht. Ik doe het weer.

En de boerderij ligt er mooi bij. Zegt hij. Dankzij T. Moet T ook weg? Moet die het nu maar uitzoeken?

Hij wist trouwens wel dat het eind nabij was. Hij had een vriend. Ook ALS. Daar was-ie de laatste dag nog. Maar die kon niet meer praten. Net wat intypen op de computer. Hij heeft hem in een coma zien zakken. En heeft de vrouw geroepen. Vijf uur later was hij dood.

Schapen zijn leuk. Zegt hij. Zeker als je ze zelf niet hoeft te ontwormen. En verweiden. We verweiden ze wel. Zeg ik. 


Boerderij

augustus 8, 2014

Ik ben vroeg wakker. Hoor vogels. Een duif. Af en toe geruis van een auto. Het lijkt een mooie dag te gaan worden. Ik stel me de boerderij voor. De zon op de knotwilgen. De kreek met kroos. Schapen. Alles zo mooi en vredig. Het zal vreemd zijn hier weg te gaan.

kruiwagen


Tandenstokers

augustus 6, 2014

We vinden een vintage potje cocktailprikker tandenstokers. Het potje is nog vol.

IMG_4540

Wat niet vreemd is als je ontdekt dat ze niet door de strooigaatjes naar buiten passen.

IMG_4541

 


Bruine vogel

augustus 1, 2014

Ik hang ondersteboven in de doeken. Vanuit mijn ooghoek zie ik iets bruins bewegen op een van de balken. Een vogel. Hoogst waarschijnlijk zo’n vervelende bruine duif. Die als ik weg ben grote bruine vlekken op mijn doeken schijt. De vogel zet af. Vliegt een paar rondjes om me heen. Ik zie dat het een uil is. Met crèmekleurige verencirkels om zijn ogen. Hij zet zich weer op de balk. Vertrekt nog een keer, vliegt een paar statige rondjes en verdwijnt door het deurgat naar buiten.


Herinneringen

juli 25, 2014

We vinden batterijen en kroonsteentjes. Rol na rol rekverband. Een la vol herbruikbaar cadeaupapier. Nachtlampjes. Een doosje Norrit uit de jaren zeventig. Spray tegen insectenbeten uit Inverness. Heel veel schoenveters. Mappen vol knipsels. Wegenkaarten en wegenkaarten en wegenkaarten. Boeken over paarden. Over molens. Over Zeeland. Over kunst. Over gravures. Over manuscripten. Over boekbinden.

We vinden een doos oud speelgoed en poppen uit onze kindertijd. Het jeugdsentiment fladdert over de zolder. En een zakdoekje. De rand versierd met fijn haakwerk. In een hoek – heel delicaat – is de letter “H” geborduurd.


Vroeg

juli 24, 2014

Voor zessen al word ik gewekt door landbouwmachines op de akker naast de boerderij. Ik draai nog wat in mijn bed. Sluit mijn raam. Ben klaarwakker. Ik zet koffie. En druk op de aan-knop van mijn luchtontvochtiger. De landbouwmachines hoor ik niet meer. En ik voel de slaap weer opkomen.


Luchtontvochiger

juli 23, 2014

Mijn huis is vochtig. Zo vochtig dat ik geen schoenen in mijn kast kan bewaren. Zo vochtig dat achter de paspop de verf van de muur valt. Zo vochtig dat mijn gitaar in de winter zonder hulpmiddelen veilig is.

Ik heb een luchtontvochtiger. Het is een flink apparaat dat liters water per dag uit de lucht trekt. En dat flink wat geluid maakt. Mijn muzikale vriend ergert zich aan de herrie. Als hij er is erger ik me er ook aan. Als hij er niet is een stuk minder.

Bijna elke dag doe ik een middagslaapje. Dat vooral goed slaagt met het geruis van de luchtontvochtiger.


Bloed

juli 19, 2014

Ik blijf bloed zien. Bloed en zware verwondingen toen hij van de hooizolder op de dissel van de veewagen en de betonnen vloer viel. Het bloed op de keukenvloer waar ik in uitgleed toen ze ’s nachts gevallen was. Het bloed in de keukenladen dat ik de volgende dag opruimde. Het bloed op de badkamertegels waarin hij nog niet lang geleden lag.

Toen ze nog leefden moesten we door. Werden er ambulances gebeld. Werd er opgelapt. Was er de angst of er overleefd zou worden of niet. Angst over de schade. Nu lijkt de horror met volle kracht toe te slaan. En blijf ik bloed zien.


Zo’n dag

juli 17, 2014

Vanmorgen stap ik in mijn onderbroek en zie dat ik hem achterstevoren aan heb. Ik zucht. Trek de broek uit. En weer aan. Met twee benen in een broekspijp. Ik lach. Het belooft een goede dag te worden.


Naald

juli 14, 2014

Al dagen hik ik aan tegen het herstellen van een vintage jurkje. In de winkel zag ik een klein gaatje en een versleten stukje over het hoofd. Het is een klusje van niets. Ik heb er geen zin in. Toch pak ik vanochtend het jurkje, naald, draad en een knoopje. Ik herstel het gaatje. Naai de knoop erop. Het eindproduct is lelijk. Ik probeer de knoop van het jurkje af te krijgen zonder de draad te breken. Het lukt me niet. Ik knip de knoop van de jurk. Ben de naald kwijt. Zoek mijn hele bed af. En vind hem niet.


Wakker

juli 12, 2014

Om half zes ben ik wakker. Klaarwakker. Ik sta op. Wil de wifi aanzetten. Zie dat die nooit uit geweest is. Ik surf wat op internet. Zet koffie. Doe administratie. Kijk een half uurtje Noorse crimi. Zet de dvd op pauze. Teveel agressie. Ik lepel een bakje crème fraiche met ahorn-siroop naar binnen. Krijg het koud. Schuif met vest en al onder het dekbed. En wacht tot de slaap komt.


Vaarwel

juni 30, 2014

Zijn sokken mogen niet in de schoenen, maar moeten op de sloffen. De rechter kastdeur moet op de knip. Het gehoorapparaat moet met de juiste doekjes gereinigd worden. De Zolpidem wordt geslikt. Met veel moeite kiest hij een goede slaaphouding. Hij geeft me een hand. We zeggen welterusten.

De nachtzuster kijkt om de zoveel tijd bij hem binnen. Een keer is hij wakker en zwaait naar haar. Daarna slaapt hij in om niet meer wakker te worden.


Smakelijk

juni 22, 2014

Ik zit op mijn bed, lees een boek en eet een slaatje. Een vlieg komt langsgevlogen. En nog eens. En nog eens. Ik pak mijn tennisracketvormige elektrische vliegendoder. De vlieg zit op een balk buiten mijn bereik. Ik wapper wat met de vliegendoder. De vlieg kruipt rond op de balk. Ik schuif over mijn bed richting vlieg. De vlieg vliegt. Ik druk de elektrocuteerknop van de vliegendoder in en maai lukraak in het rond. De vlieg is weg.

Ik keer terug naar mijn boek en slaatje. In het slaatje ligt de vlieg. Dood. Ik eet, om de vlieg heen, het slaatje op.


Roze

juni 21, 2014

Wij aten vaak Saroma pudding. Poeder uit een pakje dat met melk opgeklopt werd en moest stijven in de koelkast. Als het feest was kregen we er Klopklop bij. Instant slagroom. Later veranderde Klopklop in Slagslag, maar bleef hetzelfde smaken.

Drie smaken Saroma waren op onze tafel toegestaan: vanille, banaan en karamel. Wij wilden graag framboos en aardbei. Dat mocht niet. Die smaken kwamen namelijk in de kleuren roze en roze. En dat vond hij onderjurkenkleuren. Onderjurkenkleuren waren fout. Dus bleven we vanille, banaan en karamel eten.

Een oude vriend kwam het erf oprijden. Met in zijn auto een zitbadje. Een knalroze zitbadje. De vriend zat in geldnood. En wilde het zitbadje verkopen als waterbak voor de paarden. Het badje werd gekocht. En verbleekte al snel naar een perfecte onderjurkenkleur.

87237_1-2

Foto: Museum Rotterdam

 


Verslaving

juni 20, 2014

Elke dag kijk ik een Scandinavische crimi. Meestal blijft het niet bij een enkele aflevering. Ik sluit me af van de wereld. Zit in mijn bed. Laptop op een plankje op mijn schoot. Luik dicht. De Scandinaviërs tonen niet teveel bloed. Houden niet van langdurige achtervolgingen. En zijn al zeker niet tranentrekkerig. Ik hou van de menselijkheid en de sfeer van de series.

Ik maak me zorgen. Binnen niet al te lange tijd zijn de series op. Dan heb ik ze allemaal gezien. Is het op. Ik besluit vandaag The Wire weer op te pikken. Ergens in seizoen twee ben ik afgehaakt. De Soprano’s liggen ook nog te wachten. En The Fall komt morgen binnen.

Ik voel de onrust voor mijn voordeur staan.


Tegen de muur op

juni 12, 2014

In de grote schuur zit een ekster. Hij vindt het daar fijn. Omdat daar kattenvoer staat. Een hele bak vol. En dat eet hij graag. Hij vindt het wat minder fijn dat wij binnen komen. En tegen hem schreeuwen dat hij op moet hoepelen. De deuren van schuur staan open. De ekster vliegt tegen het dak. En tegen een dakraam. In een laatste ontsnappingspoging vliegt hij als een kamikazepiloot recht tegen de zijmuur van de schuur.

Pas als wij hem al lang en breed vergeten zijn druipt hij af naar buiten. Door de openstaande deuren.


Lippenzalf

juni 8, 2014

Voor het slapen smeer ik mijn lippen in met calendulazalf. Uit een bruin potje. Er staan twee bruine potjes op mijn bedrand. Voor de zekerheid controleer ik het etiket van het potje dat ik net vast had. Smeerwortelzalf. Voor spieren, pezen en gewrichten. Als ik in het donker onder mijn dekbed lig voel ik mijn tong tintelen. Wellicht wordt die nu extra soepel.


Tourtje

juni 6, 2014

Hij zit op zijn rood-suede sta-op-stoel. Hij kijkt ongelukkig. Ziet bleek. Hij zegt ongedurig te zijn. We besluiten na het avondeten een stukje door Zeeuws Vlaanderen te rijden.

Hij kent weggetjes die ik nog niet kende. We zien vijf konijnen. We horen een merel. Een reiger staat achter een hoop afgereden gras.

Als we terug de pad oprijden is het zonlicht geler dan toen we vertrokken.


Ingenting

mei 31, 2014

Ik kijk naar Scandinavische tv-series. Op mijn laptop. In mijn bed. Onder twee dekbedden. Zo hoef ik niet te denken. Ik kijk naar mensen die alleen maar acteren dat ze iets voelen. Mensen die doen alsof. Dat is op de een of andere manier geruststellend. En een pauze van de echte emoties.


Telefoon

mei 2, 2014

’s Nachts zet ik mijn telefoon uit. En de wifi. Omdat ik dan rustiger slaap. Gisteren was ik moe. Erg moe. Ik weet niet of ik goed sliep. Ik herinner me verwarrende dromen. En een toiletbezoek. Ik word moe wakker. Bovenop de telefoon. Die aan staat.


Maria van Guadalupe

april 26, 2014

In Texas koop ik in een religieuze winkel een gebedskaartje van Maria van Guadalupe. Ik gebruik het als boekenlegger. Ik krijg een ongeluk met de auto op de snelweg. Ik maak een serieuze val. Ik rij bij het uitparkeren tegen een lantaarnpaal. Alles binnen een maand. Ik raak nooit gewond.

Ik kijk naar de serie Penoza. Een Mexicaanse maffiabaas geeft zijn nieuwe zakenpartner een beeldje van Maria van Guadaloupe. Om haar te beschermen. Ik zoek mijn gebedskaartje. Kan het niet vinden. Weet dat ik het uit voorzorg uit mijn boek heb gehaald toen ik het boek mee op reis nam. Het kaartje is weg.

Ik klim naar mijn zoldertje om de ring naar beneden te halen. Als ik met ring op de bovenste traptrede sta schiet de trap vanonder me. Ik val met trap en ring naar beneden. Raak een muur, een kastje, mijn computer, de spiegel. Het is een herrie van jewelste. Voor ik het weet lig ik met een been tussen twee traptreden, temidden van een enorme chaos, op de grond. Ik krabbel op. Ik heb pijn, maar er is niets gebroken. Het computerscherm is zwaar beschadigd maar de computer doet het nog. Scherven hangen half in en half uit de spiegel. Mijn muur is beschadigd. Ik zie splinters van de trap liggen.

Op mijn slaapkamer trek ik mijn bed van de muur. Vind van alles achter het hoofdeinde. Waaronder het kaartje van Maria van Guadaloupe. Ik geef haar een ereplaats.


Hulst

april 25, 2014

“Heb je de hulst gezien?” vraagt hij. Ik heb de hulst niet gezien. En ik passer hem elke dag. “Hij is helemaal gekortwiekt.” Ik loop nog een paar keer zonder zien langs de hulst. Uiteindelijk bekijk ik hem vanuit het raam. Hij is wat gesnoeid, ja. En ik vind hem nog steeds lelijk. Hij is bij ons gekomen omdat hij bij mijn schoonzus uit de tuin moest. Mijn schoonzus houdt niet van planten. “De takken reikten helemaal tot in je goot,” zegt hij. Ik kijk nog eens naar de hulst. Van mij mag-ie om.


Koffiemoment

april 7, 2014

Ik ben vroeg wakker. Zet koffie. Zet de wifi aan. Neem de koffie mee naar boven. Zet de mok op de grond naast mijn bed. Pak een boek. Lees de eerste bladzijde. Ik heb dorst. Ik pak de RVS waterfles die ook naast mijn bed staat. Ik hoor een galmende tik. Het duurt even voordat ik in de gaten heb dat ik mijn mok heb omgestoten.

Het tapijt is bruin en nat. Mijn computer ook. Hij was dicht en uit, maar lag met de USB- en andere poorten naar de koffie-kant. Ik haal wat spetters weg en zet hem aan. Hij doet het. Een half uur later doet hij niets meer. Hij is zo dood als een pier. Ik hoor van een vriend dat ik hem moet laten drogen. Dat ik er minstens een dag niet aan mag komen. Ik weet dat ik dat niet kan.

Ik föhn de poorten zo droog als maar kan. Ik druk op de aan-knop. Er gebeurt niets.

Ik laat de computer. En probeer toch nog eens. Niets.

Weer later probeer ik nog eens. Hij gaat aan. En geeft beeld. En zoekt wifi. Ik zet hem uit.

Ik spreek met mijn computer af dat ik hem met rust zal laten tot de volgende ochtend. Dat ik eerst goed hard zal gaan lopen en hem dan pas aan zal zetten. Ik loop hard. Zweet en hijg. En de computer doet het.


Schapengeluid

april 6, 2014

Het is twee uur ’s nachts. Ik ben wakker. Ik hoor schapen mekkeren. Hard. Ze blijven maar aan de gang. Ik bedenk dat ik mijn raam dicht kan doen om minder last van het lawaai te hebben. Ik blijf liggen. Ik vraag me af of er iets mis is met de schapen. Of er misschien te vroeg lammetjes zijn geboren. Ik val in slaap.

Het is zes uur ’s ochtends. Ik hoor schapen mekkeren. Hard. Ik bedenk dat ik afgelopen nacht de lammetjes toch niet had kunnen zien. Omdat het ’s nachts donker is. Nu is het licht. Ik blijf liggen. En hoor dat een kip een ei legt.


Oorring

april 3, 2014

Onder de douche, mijn hoofd vol conditioner, kam ik voor de tweede keer in een week, per ongeluk, mijn gouden oorring uit mijn oorlel. Na wat zoeken vind ik hem terug. De ring wil niet terug. Ik krijg hem wel in het gaatje, maar niet vast. Ik probeer twee minuten. Twee minuten vol mislukkingen duren lang. Ik haal de tweede ring uit mijn andere oorlel en leg beide ringen op een veilige plaats. Het is tijd om, na een klein jaar, mijn oren met iets anders te versieren.


Lopen

april 2, 2014

Mijn tweede keer lopen ben ik niet alleen. Ik vertel mijn loopmaatje dat ik niet goed ben. Dat de afstand kort is. Dat ik meer wandel dan hardloop. Tot hij mijn excuses zat is en we beginnen. Al snel zie ik hem vrolijk voor me uit huppelen. Hij haalt het eerste richtpunt. Ik niet.

Samen lopen is gezellig. Zolang het maar niet zo gezellig is dat ik moet lachen. Lachend werken mijn spieren een stuk minder goed.

Het is prachtig weer. We zien twee jonge kalfjes. Bomen en struiken staan in bloei. Met een beetje afzien lijkt de wereld net een ietsje mooier.


Lopen

maart 31, 2014

Mijn duur-conditie is slecht. Korte en explosieve krachtsinspanningen zijn oké, maar als ik langer dan vijf minuten bezig moet zijn haak ik af. En dat is niet zo handig als je op dat moment vijf meter van de grond bent. Na wat pushen van een collega besluit ik te gaan hardlopen. Iets waar ik een grondige hekel aan heb. Het helpt dat zij dat ook heeft en het toch doet. En dat ze heeft ondervonden dat je er in de lucht echt profijt van hebt.

Ik bedenk een pathetisch kort parcours. En hijg al voordat ik de eerste stap heb gezet. Ik weet dat ik stukken hardlopen af moet wisselen met wandelen. Ik schat mijn eerste loopstuk in tot bij het huis van de buren. Ik haal het niet. Voordat ik weer aanzet kijk ik over mijn schouder of er geen auto’s op de weg zijn. Ik heb een hekel aan publiek. Ik haal de bocht van de weg. Net aan. De koeien in het weiland langs de weg bekijken me met grote interesse. Ik sla af naar een onverharde weg. Wil rennen naar de wagen die daar geparkeerd staat maar haal het niet. Weer ontmoet ik geïnteresseerde koeien. En drie geïnteresseerde boeren die naast een kapotte tractor staan.

Ik loop mijn traject in 25 minuten. In die tijd zakt mijn bloedsuikerspiegel van 6,9 naar 5,7 mmol/l.


Geen zin

maart 30, 2014

Ik moet trainen. Maar voel me slap. Het liefst wil ik in bed liggen. En wat lezen. Ik drink zelfs geen tweede kopje koffie. Ik doe een was. Mijn vriendin komt. We trainen. Ik lees. Ik doe een tweede was. Ik train nog eens in de trapeze. Ik moet nodig stofzuigen. Daar heb ik nooit zin in. Ik stofzuig. En ik zet zelfs nog een drukknoopje aan de blouse die daar al een week op ligt te wachten.


Jetlag

februari 27, 2014

Ik open mijn ogen. Ik zie een blauw ladenkastje. Ik weet niet wat onder en wat boven is. Mijn hersenen laten het kastje draaien. Ik vraag me af waar ik ben. Bij wie ik ben. Ik zie balken. Denk aan New Orleans. En aan de annex. 

Het kastje staat recht. Ik lig in mijn eigen bed.


Eieren

februari 4, 2014

Oom staat in de gang als ik de boerderij binnen ga. “Heb je eieren geraapt?” “Nee, de kip is dood.” “Je eiermandje is leeg.”

Een minuut later stap ik weer de boerderij binnen. Oom staat nog steeds in de gang. “Heb je eieren geraapt?” “Nee.” “O, nog steeds niet.”


Voedselvoorraad

januari 15, 2014

In de fruitschaal vind ik een verschrompelde vinger. Nader onderzoek wijst uit dat het een wortel betreft die ik daar twee weken geleden weglegde. Achterin de koelkast blijkt zelfgemaakte chocolade te kunnen beschimmelen. De inhoud van een blikje kokosmelk is roze geworden. Morgen krijg ik eters.


Januari

januari 1, 2014

De bomen zijn kaal. Behalve de appelboom achterin de boomgaard. Daar hangen nog een stel donkerrode appels in. Ik trek mijn laarzen aan. Ik klim over het schapengaas en loop naar de boom. Afgezien van een enkele spetter vogelpoep en wat bruine vlekken, zien de appels er goed uit. Ik pluk er acht. Ze ruiken heerlijk. Vandaag bak ik appeltaart.


Bakje troost

december 16, 2013

Ik maak me zorgen. Dus maak ik sterke espresso die ik drink uit het kopje dat ik in Parijs op straat vond.


Injectie

december 3, 2013

“Ben je vanavond terug?” vraagt hij. “Ja, hoezo?” zeg ik. “Dan kun je me mijn spuitje geven,” is het antwoord. “Kun je dat niet zelf?” probeer ik nog. In het ziekenhuis was me verzekerd dat een subcutane injectie door de patiënt zelf toegediend kan worden. “Misschien wel,” mompelt hij.

Ik pak een huidplooi op de aangegeven plaats en jas de injectienaald erin. Ik adem uit. Druk de vloeistof uit de naald. “Dat mag je meer doe,” zegt hij.


Slechte mensen

november 14, 2013

Ik zit in bed te lezen. Buiten is het donker. Ik hoor een vreemd geluid. Alsof er iemand op de deur klopt. Ik spits mijn oren. Hoor het nog eens. Ik vraag me af waarom niemand roept. Of binnenkomt. Het kloppen houdt aan. Zou iemand me naar buiten willen lokken? Is de deur wel op slot? Als een slechtwillend iemand nu binnen zou komen zit ik op mijn slaapkamer als een rat in de val. Ik kan niet ontsnappen door het raam vanwege het vergrendelingssysteem. Of kan ik dat met geweld los beuken?

Ik sluip de trap af, naar de deur en schuif snel de grendel op zijn plaats. Terug in bed hoor ik het geluid weer. En herken het pas dan als het geklapper van de badkamerdeur.


Vogeltje

oktober 9, 2013

Ze zijn naar het dorp geweest. En hebben nieuwe kleren gekocht. Voor haar. Voor het feest van over twee weken. Want dan zijn ze 50 jaar getrouwd. Ze vraagt of ik ze wil zien. Glundert. En showt. Zegt dat ze het nu waarschijnlijk wel zullen halen. Vorige week was ze nog zwaar ziek.

Intussen kijkt hij glimlachend en tevreden toe.


Vleermuis

september 14, 2013

We trekken de schuurdeur open en horen een piep. Het gepiep houdt aan als de deur open is. “Oh jee,” zegt P en wijst naar de grond. We kijken naar een stuiptrekkend vleermuisje. “Durf jij hem dood te maken?” vraag ik P. P antwoordt niet. We stappen in de auto en rijden weg. Als ik later poolshoogte neem is het vleermuisje verdwenen. Ik verdenk de katten.

We trekken de schuurdeur open en horen een piep. We kijken meteen naar de grond. En verdorie, daar ligt het broertje van de eerste vleermuis. Morsdood.


Lange trainingsdag

augustus 28, 2013

Met mooi resultaat.

panopaul


Baas in eigen huis

augustus 27, 2013

Een vriend komt langs. Hij rommelt in een schaal die op mijn kastje staat. Levert commentaar op de inhoud. Pakt een glazen potje uit de keukenkast. Levert commentaar op de inhoud. Pakt mijn gitaar. Begint te spelen.

Als hij weg is zie ik dat de speelgoedautootjes op mijn vensterbank verschoven zijn. Ik zet ze weer in het gelid.

walsvan


Woensdag gehaktdag

augustus 23, 2013

Een dag lang voerde mijn vriendin de scepter in mijn keuken. Ik was buiten en gaf les. Als ik toch even binnen moest zijn negeerde ik wat er in mijn heiligdom gebeurde. Vooral de gehaktballetjes in mijn blauwe braadpan heb ik hard genegeerd. In mijn pannen zit nooit vlees.

Een paar dagen later vind ik een makreelfiletje in mijn koelkast. Ik ben blij verrast en eet het met smaak op. Even later valt mijn oog op een met aluminiumfolie omwikkeld pakketje in de deur van mijn koelkast. Vol verwachting open ik het. In mijn hand heb ik een lading koude gehaktballen. Met weke groene plekjes.

Met mijn arm zover mogelijk voor me uitgestrekt loop ik naar het kippenhok en kieper de ballen in de ren. De kippen vliegen erop  af en in een mum van tijd is alles verdwenen.


Moe

augustus 22, 2013

Ik lig op een gymmatje in de schuur. Ik staar naar het golfplaten dak. We hebben hard gerepeteerd. De hele ochtend in de doeken. De dag ervoor in de doeken. Straks weer in de doeken. En daarna nog een sessie in de Chinese mast. Als ik me zou laten gaan zou ik wegkruipen en lekker gaan huilen. Onder mijn dekbed. Weg van de wereld. Want ik ben moe. Erg moe.

Op het eind van de meest intensieve trainingsdag die ik me kan herinneren ben ik volmaakt tevreden. Ik ben over mijn grenzen gegaan. Heb mezelf overwonnen. En heb meer kracht en uithoudingsvermogen dan ik voor mogelijk hield. Als ik uiteindelijk dan toch onder mijn dekbedje lig kan ik de slaap niet vatten. De actie wil mijn lijf niet meer verlaten.


MasTango

augustus 21, 2013

Terug naar het serieuze werk. Het was weer trainen geblazen. MasTango.

gitaarpaal


Geluk

augustus 19, 2013

Ik zit op een boerenwagen. In mijn hand een glas rode wijn. Het wagenhuis wordt verlicht door drie kleine vintage spotjes. Ik luister naar muziek. Kijk naar de muzikanten. Zie ze elkaar een knikje geven als het tijd is voor een solo. Mijn vader zit ontspannen op een tuinstoel. Zijn hoofd beweegt op de muziek. Mijn moeder kijkt met grote ogen. Vrienden praten zacht, maar luisteren vooral en drinken hun drankjes. Ik bedenk hoe ongelofelijk fijn het is omringd te zijn door allemaal mensen die ik graag heb.


Dierenvriend

augustus 4, 2013

Ik zit in mijn bed te lezen. Opeens hoor ik een hard, ratelend gezoem en zie een groot, helicopterachtig insect recht op me af vliegen. Ik spring mijn bed uit om het te ontwijken. Het beest landt precies daar waar ik even tevoren nog zat. Ik sluip richting bed en zie een enorme groenglanzende tor zitten. Ik pak mijn elektrische foetsie-insekten-racket en plaats het snel over de tor. Ik druk op de stroomknop. Ik hoor geknetter. De tor beweegt nog. Ik blijf op de knop drukken. Er verschijnt een rookpluimpje. Voorzichtig schuif ik een ansichtkaart onder de tor zodat hij gevangen zit tussen racket en karton. Onder de kaart duw ik voor de zekerheid nog een schrift. Ik loop met het hele zaakje naar buiten en gooi het in een keer zo ver mogelijk van me vandaan. Ik ren terug naar binnen.

Als ik een kwartiertje later buiten kijk is de tor gevlogen. De ansichtkaart stop ik bij het oud papier. Mijn beddengoed gaat linea recta de wasmachine in.


Zomaar een kado

juli 9, 2013

Ik zit te lezen. Stephen King. Voor een euro gekocht bij de kringwinkel. Ik vind het boek niet bijster interessant. Na me door driekwart heen geworsteld te hebben sla ik een pagina om word ik verrast. Een prachtige, roze, gedroogde bloem zit aan het papier vastgekleefd. Ik ben ontroerd.

bloem


Bromvlieg

juni 21, 2013

Als ik ergens een hekel aan heb is het aan bromvliegen in mijn huis. Ze zijn dik en vies en maken onnodig veel herrie. Toen er weer een paar bij me op bezoek waren moest ik denken aan een verhaal van mijn vriendin. Ze had al tijden last van een bromvlieg en had de jacht opgegeven. Het enige wat ze nog kon doen was het irritante beest vergeten. Wat ze ook deed. Totdat ze een slok uit een openstaand pak dubbeldrank nam, een wel heel groot stuk vruchtvlees haar mond in voelde glijden en zich te laat realiseerde dat het al even erg stil was.


Beetje dom wel

juni 20, 2013

Ik probeer met een kaasschaaf twee bevroren zuurdesemboterhammen van elkaar te scheiden. De vriend, waarmee ik ontbijt, waarschuwt me. Ik geef toe dat het niet slim is wat ik doe. Ik vervang de kaasschaaf door een mes en plant het, met de kartelrand richting duim, daar waar de boterhammen aan elkaar zitten. Ik zet kracht. De boterhammen vallen van elkaar. Het mes zaagt soepeltjes een gapende snee in mijn duim.


Balans

juni 18, 2013

Ik voelde me een beetje schuldig. Ik heb zo vaak voor een wel heel goede prijs vintage jurken kunnen kopen dat ik, ter compensatie, een onafgeprijsde jurk, jas en een paar schoenen heb gekocht. Niet dat ik ze nodig had. Het was gewoon om de zaken voor mijn  gevoel in balans te krijgen.

schoen


Castor

juni 9, 2013

Onze hond was een afdankertje. Mijn nicht vond hem te klein en daarom niet bij haar passen. Een grotere hond zou haar beter staan, zei ze. Dus kregen wij Castor. Castor was in zijn jeugd mishandeld. Dat was best zielig, maar het maakte hem er niet leuker op. Hij was slaafs, achterbaks en kruiperig. En wilde graag geaaid worden. Als je Castor geaaid had stonk je hand.

Castor had behoefte aan seks. Bij gebrek aan een teef reed hij zich regelmatig klaar op het harige kleed onder de salontafel. En besprong hij elke hond die het erf op kwam. Zijn nood was zo hoog dat het hem niet uitmaakte of het dames- of herenhonden waren. Toen Castor op een keer een veel grotere en erg irritante reu op de knieën had gekregen waren we trots op hem.


Spin

mei 23, 2013

“Kom eens kijken, dit is echt grappig!” roept hij vanuit de badkamer. Vanachter het douchegordijn steekt hij een pastelgroene handdoek met daarop een dikke, zwarte spin. “Zat in mijn handdoek.” “Verdorie, die is groot,” zeg ik en bied aan de spin buiten te zetten. Even later geef ik hem een goed uitgeklopte en grondig geïnspecteerde handdoek terug. Hij droogt zich verder af. Ik hoor een kreet uit de badkamer. Hoor: “Dit geloof je niet.” In de douchebak ligt een enigszins verfrommelde, dikke, zwarte spin. “Zat in mijn handdoek,” zegt hij beteuterd.