Angst voor de accordeon

augustus 5, 2011

Daar is-ie dan, de accordeon die ik na veel wikken en wegen heb gekocht op de rommelmarkt. Erg “billig” was hij volgens de Duitser die met zo’n zes tweedehands accordeons om zich heen liedjes zat te spelen die zeker weten nooit uit deze accordeon zullen komen. Misschien wel “billig”, ik heb geen idee, maar voor mij was het toch nog veel geld.

Nadat ik de accordeon in huis had ben ik op internet gaan speuren om er achter te komen hoe oud hij bijvoorbeeld is. Ik heb, behalve op Marktplaats, niet precies dezelfde accordeon kunnen vinden, dus ook het bouwjaar niet, maar ben wel achter heel veel andere dingen gekomen.

Zo weet ik nu dat dit een kinder-accordeon is waar je maar een heel beperkt repertoire op kunt spelen. Studieboeken en/of YouTube filmpjes voor mijn 12 bassen accordeon zijn onverwacht schaars en stammen vaak uit het begin van de vorige eeuw. De boeken dan. Op een tips-voor-het-aanschaffen-van-een-tweedehands-accordeon-site bleek dat ik bijna alles fout had gedaan wat ik maar fout kon doen. Zo had ik aan de accordeon moeten ruiken. Ruikt hij naar kelder: niet kopen. Nou walmde de Duitser continu zijn zure adem in mijn gezicht en betwijfel ik of ik überhaupt nog wel iets kon of wilde ruiken dus deze fout vergeef ik mezelf. Wat ik ook had moeten doen is alle toetsen en knopjes even uitproberen. Kijken of er wel geluid uit komt. Niet gedaan. Net als dat ik nu al twee keer een kleed niet heb uitgevouwen voor aanschaf en bij thuiskomst door grote gaten verrast werd. Ik heb simpelweg aan de Duitser gevraagd of het instrument het goed deed, hij zei ja, speelde er een stukje op, ik dacht “klinkt toch wel schel” en kocht hem toch. Verder had ik moeten weten dat alle toetsen netjes even hoog moeten zitten, Hohner een B-merk is en de balg had moeten inspecteren op luchtlekken. Mijn onwetendheid bleek grandioos.

Nu staat de accordeon al een paar dagen mijn woonkamer te decoreren. Ik heb een enorm ontzag voor muziekinstrumenten (behalve dan, als ik eerlijk en volledig ben, voor de vijftig-cent-tamboerijn die ik op een andere rommelmarkt kocht) en heb de accordeon na het hoognodige schoonmaken niet meer aan durven raken. Ik heb op internet drie boeken besteld en naar de accordeon gekeken. Ook – moet ik toegeven – uit angst dat ik uit zou vinden dat er van alles aan mis zou zijn.

Een half uurtje geleden verraste ik mezelf. Hing de accordeon voor, pompte hem ongetwijfeld helemaal verkeerd wat open en dicht en probeerde eerst de pianotoetsen en daarna de basknoppen. Alles produceerde geluid. Dat stemt optimistisch.


Rommelmarkt

augustus 3, 2011

Ondanks de regen toch vroeg opgestaan om naar de rommelmarkt in een dorp verder te gaan. Dit keer mijn auto niet op het parkeerveld gezet maar langs de weg en opgewonden het dorp in getogen. Naarmate het weer beter werd werden steeds meer schatten ontdaan van groen zeil en landbouwplastic. Wat ik niet heb gekocht: tweed jas, bruine tweedehands BH cup F, oranje koffer met witte bies (twijfelgeval), cake, zelfgemaakte schilderijen en een vintage LP-collectie.

Wat ik wel heb gekocht, maar pas na lang nadenken, zoeken op internet en weer terug naar de rommelmarkt rijden, is een vintage accordeon. Met maar 12 bas-knoppen en daarom volgens internet een kindermodel, maar volgens mij is zo’n overzichtelijk aantal indrukmogelijkheden precies geschikt voor mij. De foto volgt zodra mijn ontzag voor zomaar een nieuw muziekinstrument iets gesleten is.


Mooie meneer

augustus 1, 2011

Fascinerend vond ik de warmeluchtkam die ik tegenkwam in de kringwinkel. Rood was hij – niet groen zoals op de verpakking – met zwarte tanden. Op de tanden een forse laag wit-bruine talg. Bijna kocht ik de doos.


Jaarmarkt

juli 29, 2011

De wekker ging vanochtend vroeg – zeven uur – zodat ik op tijd bij de jaarmarkt een dorp verder zou zijn en me als één van de eersten zou kunnen vergapen aan alle ongetwijfeld prachtige dingen die voor bijna niets door allemaal aardige mensen zouden worden verkocht. Ik parkeerde mijn auto op een bijna leeg grasveld (€2,50 alstublieft) en toog vol verwachting op mijn hoge hakken het dorp in. Na 100 meter had ik al een knaloranje gehaakte sprei te pakken die tijdens de tienertijd van de verkoopster haar slaapkamer opgevrolijkt had. Weer een paar meter verder scoorde ik een poef uit de zestiger jaren. Met handig veel opbergruimte. Dat begon goed. Poef en sprei in bewaring gegeven en meteen al liep ik tegen een wasrekje met poezen-pannenlappen aan. Gehaakt door de dames van de kerk voor het goede doel (ben even vergeten wat precies, maar zal vast de kerk zelf geweest zijn). Twee van gekocht. Nadat ik ook nog een sixties sjaaltje, een onhandige maar o zo leuke thermoskan, een oud blik en een kleedje dat bij thuiskomst een fors gat bleek te bezitten had gekocht en met een oud-klasgenote van de lagere school en haar zus een praatje had gemaakt had ik blaren op mijn tenen, pijn in de onderrug en kon ik niet meer lachen om de tweedehands WC-bril, het afgeragde eenzame pingpongbatje en de eindeloze stapels verwassen babykleding. Tijd om naar huis te gaan.

Toen ik echter bij mijn auto aankwam bleek hij omringd door andere auto’s. Volledig vastgezet. De parkeerwachten bleken al een paar keer te hebben laten omroepen dat de auto verplaatst moest worden, maar er was niemand op komen dagen. Het bestuur van de jaarmarkt zou het probleem maar op moeten lossen. Ik maakte nog een halfslachtig rondje langs de kraampjes en begon mijn blaren wel erg goed te voelen. Terug bij de auto was de situatie nog onveranderd. Gewacht, praatje gemaakt met ex-leraar uit de brugklas, zeer net briefje geschreven en onder de ruitenwissers van de zwarte wagen gedaan, gewacht, flesje water gekregen van een parkeerwacht en uiteindelijk gebeld naar huis en me op laten halen.

Zoeven heb ik de auto gehaald. Onder mijn ruitenwissers zat mijn eigen briefje. Daarop lag een pruim. Op het briefje was niets bijgeschreven. Geen woord van berouw. Alleen een godvergeten pruim.


Froebelen

juli 26, 2011

Omdat mijn ochtend gisteren nagenoeg geen heldendaden en/of wapenfeiten bevatte besloot ik ’s middags maar eens iets nuttigs te doen om het moreel weer wat op te vijzelen. Ingrediënten: op Marktplaats gekochte lamp die er in het echt een stuk morsiger uitzag dan op de foto, lapje door mijn moeder in 1980 gekocht Brabants bont, biesband van de prondelmarkt en nog snel even aangeschafte Bisonkit van de Gamma.

Omdat mijn ideeën veranderen naarmate het project vordert en ik soms simpelweg niet goed nadenk maak ik altijd een aanzienlijke fout waar ik me eerst aan erger en die ik later niet rechtzet door de zaken uit te halen en opnieuw te beginnen, maar door de fout creatief te verbloemen. Een van de witte biesjes verdoezelt de naad die niet aan de binnenkant zit – waar hij hoort – maar aan de buitenkant. Met het resultaat ben ik niet ontevreden, maar in mijn kamer passen doet de lamp nog steeds niet. Ik heb hem intussen op Marktplaats gezet. Goed voor het moreel? Dat wel.