Vintage onzin

augustus 24, 2017

Als ik een vintage jaren vijftig rok tegen kom met een print die eruit ziet alsof hij met een grove kwast en net iets te weinig verf op de stof is aangebracht, en de rok ook nog de kleuren heeft die me terug doen denken aan mijn vroege kindertijd, dan ben ik verkocht. Dus toen ik niet één maar drie van dat soort rokken ontdekte op Marktplaats kon ik mijn geluk niet op. De rokken waren prijzig, maar ja, ze waren wel in mijn maat (38/40), dus besloot ik om – zoals mijn vader het zou noemen – mijn vintage kooplust te bevredigen.

De verkoopster klonk professioneel. Ze sprak me aan met “Vintage Collega” en bezigde correct Nederlands. Dat leek een goed teken te zijn. Toch was ik blij toen het pakketje ook daadwerkelijk arriveerde.

Ik pakte de rokken uit en schrok. De tailleband zag er wel erg smal uit. Na opmeten bleek dat de rokken een taille hadden van 60, 64 en 66 centimeter. In plaats van de 72 tot 80 centimeter die bij een maat 38/40 hoort.

Ik mail de verkoopster en ventileer mijn teleurstelling. Ze antwoordt dat dit soort rokken juist eenvoudig op maat zijn te maken en ik de taille kan verkleinen door meer plooien in de rok te creëren. Ik herinner haar eraan dat de rokken niet te groot, maar juist te klein zijn. Daar heeft ze ook een oplossing voor. Dan breng ik de rokken toch naar een kleermaker? Dat kost maar een paar euro en is heel eenvoudig. Ik wil geen vintage rok waar ik goed voor heb betaald naar de kleermaker moeten brengen omdat er een verkeerde maat is opgegeven. Daar is ze het niet mee eens. Haar dochter heeft een maat 38 en bij haar zaten de rokken goed. En het groter maken van de rokken is eenvoudig. Verder weigert ze nog te communiceren.

En ja, dan kun je niet veel meer als je via Marktplaats hebt gekocht.

Advertenties

Te vroeg

juli 14, 2017

Ik kom beneden in de ontbijtzaal. Ik zie olijfgroene vloerbedekking met bloemmotief, stoelen met groen en goud geruite bekleding, een Chinese vaas op een hoge houten pedestal, een eenzaam brandende kroonluchter. Ik zie geen ontbijt. Ik zie geen mensen.

Een man in oberoutfit komt een klapdeur uit en kijkt me verontschuldigend aan. “I’m sorry, breakfast only starts at seven,” zegt hij. Ik kijk hem wazig aan. Hij legt uit dat de chef nog niet begonnen is. Wie weet kan de chef wel wat eerder beginnen. Als ik een continental breakfast zou willen. Want dat is bij de prijs van het hotel inbegrepen. Er is al wel koffie. Denkt hij. Hij probeert de koffiemachine. De machine werkt.

Ik ga met mijn kopje koffie aan een grote ronde tafel bij het raam zitten. Ik kijk op mijn telefoon. Half acht. Nederlandse tijd.

image


Andijvie curry

juni 9, 2017

Ik vond een recept voor spinazie-curry. De spinazie was op in de supermarkt. Er moest melk in. En tomaten. Geen uien en knoflook. De kruiden van het recept leken me wat laf. Dus fantaseerde ik er maar wat op los en vond een goddelijke andijvie-curry uit. Zonder gluten. Low carb. Gezond.

Ingrediënten voor 4 personen:
5 sjalotjes
5 teentjes knoflook
1 flinke krop andijvie
verse gember
2 verse rode pepers of een theelepel cayennepeper
thaise groene curry
2 eetlepels kikkererwtenmeel
1 eetlepel kokosmeel
1 klein kartonnetje of blikje kokosmelk
fenegriekzaad
1 theelepel kurkumapoeder
1 eetlepel tahin
olijfolie
citroensap
zout

Was de andijvie. Zwier hem droog. Haal de harde vezelachtige nerven weg. Doe de andijvie met de gepelde knoflookteentjes, een flink stuk verse gember, de pepers en de helft van de kokosmelk in een keukenmachine. Hak fijn, maar niet tot moes.

Schil de sjalotjes en snijd ze in ringetjes. Doe flink wat olijfolie in een braadpan en fruit de sjalotjes met de groene curry, het fenegriekzaad, het kurkumapoeder en het zout totdat ze zacht zijn.

Voeg het andijviemengsel toe. Doe het deksel op de pan en laat zo’n 10 minuten pruttelen. Roer af en toe.

Maak een papje van het kikkererwten- en kokosmeel samen met de kokosmelk.

Voeg het papje samen met de tahin en het citroensap toe. Roer goed en laat nog 10 minuten pruttelen.

Eet met wat je maar wil. Ik heb er mozzarella bij gedaan. Smakelijk!

IMG_0263

 


Bechamelsaus

mei 17, 2017

Er staat lasagne op het menu. Lasagne met broccoli en gorgonzola. We oogsten lof bij de klanten. Eentje zegt me te zullen vermoorden voor het recept. Ik wil nog niet dood dus ik vertel haar over het kort koken van de broccoli-roosjes, het fruiten van de gehakte stronkjes met knoflook, het maken van de bechamelsaus met echte boter en het kruiden van de tomaten. “Bechamelsaus!” roept de klant. “Dat verpest voor mij altijd alles.”


Laatste lijst

mei 16, 2017

Ik kijk naar een film over een vrouw die nog maar een half jaar te leven heeft. Ze werkt een lijst af van dingen die ze per sé in haar leven gedaan wil hebben. Ze laat een tatoeage zetten. En huurt een Japanse chef in om giftige kogelvis voor haar te bereiden.

Ik denk na over wat ik nog per sé zou willen doen als ik wist dat ik niet meer lang te leven had. Ik kan niets verzinnen.


Hamsters en wespen

mei 4, 2017

Ik leg de regels van de anekdote-quiz uit. En geef het voorbeeld van de leerling die vertelde dat hij zijn hamster in de printer had laten vallen en dat het diertje het niet had overleefd. De zeven meisjes in de kring maken meelevende geluiden.

Nog voor we de werkvorm starten zegt een van de meisjes dat ze ook een hamster had. En dat ze die in de magnetron heeft gestopt. “Aangezet?” vragen haar klasgenoten. Ze knikt. “Hij is ontploft.”

“Ik doe dat met wespen,” zegt een ander meisje. “Ik vang ze en doe ze in de magnetron. Die ontploffen ook.” “Wordt je magnetron dan niet vies?” vraag ik. “Nee hoor,” antwoordt ze. “Ik stop ze eerst in een doosje.”


Dorpskapper

april 25, 2017

Ik ben al een paar dagen ziek. Ik hang in mijn bed. Ik kijk Netflix series. En ik eet. Veel. De dagen duren lang. Ik voel me lichtelijk ranzig worden. Ik besluit naar de kapper te gaan. Mijn kapper zit in Gent. En Gent zie ik op het moment echt niet zitten. Er is een nieuw circulatieplan waardoor je bijna niet meer met de auto het centrum in kunt. Dat betekent dat ik dingen uit moet zoeken. Thuis op de computer en in Gent op locatie. Ik heb er de energie niet voor.

Ik bel de kapper in het dichtstbijzijnde dorp. Ik kan dezelfde dag nog komen. Ik was mijn haar, ik was mezelf en trek mijn nieuwe folkblouse en spijkerbroek aan. Ik voel me al iets beter.

Ik rij door de polder naar de nieuwe kapper. Ik kan voor de deur parkeren. Ik mag wachten op een kappersstoel. Voor een spiegel. Het is wat vreemd om een tijd lang voor een spiegel te zitten zonder geknipt te worden, dus kijk ik om me heen.

Links van me zit een bejaarde vrouw. Zo te zien heeft ze net een permanentje boven op het hoofd gehad. Aan de achterkant is geen krul te bekennen. Maar het haar is daar, volgens de kapster, expres leuk langer gehouden. Na verloop van tijd stapt de vrouw naar buiten met twee duidelijk zichtbare klodders mousse achter haar oren.

Aan mijn rechter kant komt een vrouw zitten met een kabouterhoofd en peenhaar in een non-fit kapsel. Ze laat het haar in een kastanjetint verven.

Vanonder de dampkap komt een vrouw met een kort kapsel waar ik nog net niet van ga gillen. Ik bedenk dat ik nog weg kan.

Ik word geknipt. Ik heb foto’s mee van Jean Seburg. De kapster is vriendelijk. We praten. Ze knipt. En overlegt.

Thuis kijk ik in de spiegel. Mijn haar is erg kort. Net als dat van Jean Seburg.