Sjaal

december 3, 2016

“Kijk,” zei mijn schoonmoeder tegen me. “Een sjaal.” “Mooi,” reageerde ik. “Ik hou niet van sjaals,” zei ze. “Ik draag ze nooit, maar mijn man blijft ze me maar geven voor mijn verjaardag.” “Oh,” zei ik. “Ik gebruik ze als vulling in mijn handtas,” zei ze terwijl ze de delicate zijden sjaal in haar tas propte.


Herinneringen

december 2, 2016

Op mijn werk koor ik vaak de volgende tegeltjeswijsheid langskomen: “De gebeurtenissen van vandaag zijn de herinneringen van morgen.” Ik moet dan denken aan vriend L, die me zo’n vijftien jaar geleden iets vertelde wat ik nooit vergeten ben.

Hij zei dat hij zichzelf erop betrapt had dat als hij een afspraak had met een nieuwe vlam en met haar in bed belandde, hij tijdens het gelukkige samenzijn al uitkeek naar het moment dat hij weer alleen thuis zou zijn en volop kon genieten van de herinneringen aan datzelfde samenzijn. En daar wilde hij vanaf. Hij wilde de kunst verstaan om te genieten van wat er werkelijk gebeurde in plaats van het herafspelen in zijn hoofd van de highlights achteraf.

Misschien dus maar iets minder focussen op die herinneringen van morgen.


Kaas

december 1, 2016

Mijn vriend vertelt een verhaal.

Op de lagere school zit hij in de klas met een dik jongetje. Het jongetje is niet erg populair. Om toch leuk gevonden te worden neemt hij regelmatig eten mee. Op een dag is dat eten een flink stuk kaas. De vriend houdt van kaas en neemt een grote hap. Hij moet moeite doen om de kaas weggekauwd te krijgen en verbaast zich over de plakkerige vettigheid en het feit dat hij de kaas helemaal niet lekker vindt.

“Sindsdien,” zegt hij, “weet ik dat kaas alleen smaakt in kleine porties.”

Het is dertig jaar geleden dat ik het verhaal hoorde. En nog vaak, als ik kaas eet, komt het naar boven gedobberd.

 


Back to the 60s

november 22, 2016

60es


Kort haar

november 19, 2016

“Je bent net een vent,” zegt hij als ik de deur binnen stap. “Dank je wel,” antwoord ik. “Die kan ik fijn in mijn achterzak steken.” Ik glimlach en maak een in-de-achterzak-steek-gebaar. “Maar jij hebt lang haar. Ben jij een vrouw?””Kom maar even mee, dan zal ik het je eens laten zien!” brult hij. “Ah,” zeg ik. “Ik zie nu ook een baard, dus toch geen echte vrouw?” “Jij kunt niet incasseren hè?” zegt hij. “Dat heb ik altijd al geweten.” Oh ja?” vraag ik. “Maar jij kunt me niet beledigen, want jij bent een vrouw. Alleen een man kan me beledigen. Ik ben Nietzschiaan.”

Ik kijk hem aan. “Hier moet ik toch even mijn hersenen omheen buigen,” zeg ik. “”Dat dacht ik wel,” zegt hij. “Een tijger is alleen bang voor een tijger. Maar dat begrijp jij niet.”


Marcel de bassethond

november 18, 2016

Ik zit voor de grote spiegel achterin de zaak. De kapster is enthousiast aan het knippen. Van bij het raam komen vreemde geluiden. “Hij moet een balleke kwijt,” zegt de kapster. “Dat doet hij alleen in de salon. Nooit thuis. ’t Is van het haar.” Allemaal kijken we richting raam. Een tweede kapster komt binnen. “Marcel heeft weer gekotst,” zegt de mijne. “En het stinkt. Ik ga het even opruimen.” Zuchtend gaat ze met schoonmaakspray en keukenpapier in de weer. Marcel, een vadsige Engelse bassethond, zit intussen met zijn neus in de boodschappentas van een nieuwe klant. “Zit er eten in? Oei de zak is stuk.” Marcel wordt van de zak weg getrokken.

Ik kijk in de spiegel. Mijn nieuwe haarsnit is prachtig.


De duif

november 17, 2016

Er ligt al drie weken een dode duif voor mijn deur. Elke keer als ik hem zie is hij platter. En lijkt hij meer aan de straatstenen vastgekit te zitten. Ik wil hem niet weghalen. Omdat ik hem dan aan moet raken. Omdat ik dan met hem bezig moet zijn. Dus probeer ik hem te negeren. Gisteren zag ik dat er een paar herfstblaadjes op de duif lagen.

Ik sta in de keuken en zet koffie. Ik hoor het lawaai van de veegwagen. Ik zie hem langskomen aan de overkant van de straat. Het wagentje maakt een u-bocht en komt terug. Ik kijk waar de draaiende borstels de grond raken en hoop dat de duif zal verdwijnen. Ik kijk niet naar de veegwagenbestuurder.

Als de wagen voorbij is open ik mijn voordeur. Ik ruik een vieze weeïge geur en zie dat de duif half weg is.

Het wagentje komt terug gereden met de borstels omhoog. Ik kijk vanuit mijn keuken. De bestuurder kijkt naar mij. Hij draait om, doet zijn borstels omlaag en komt nog dichter langs mijn huis gereden. Ik gluur door het raampje in mijn voordeur naar de straat. De duif is weg.