Andijvie curry

juni 9, 2017

Ik vond een recept voor spinazie-curry. De spinazie was op in de supermarkt. Er moest melk in. En tomaten. Geen uien en knoflook. De kruiden van het recept leken me wat laf. Dus fantaseerde ik er maar wat op los en vond een goddelijke andijvie-curry uit. Zonder gluten. Low carb. Gezond.

Ingrediënten voor 4 personen:
5 sjalotjes
5 teentjes knoflook
1 flinke krop andijvie
verse gember
2 verse rode pepers of een theelepel cayennepeper
thaise groene curry
2 eetlepels kikkererwtenmeel
1 eetlepel kokosmeel
1 klein kartonnetje of blikje kokosmelk
fenegriekzaad
1 theelepel kurkumapoeder
1 eetlepel tahin
olijfolie
citroensap
zout

Was de andijvie. Zwier hem droog. Haal de harde vezelachtige nerven weg. Doe de andijvie met de gepelde knoflookteentjes, een flink stuk verse gember, de pepers en de helft van de kokosmelk in een keukenmachine. Hak fijn, maar niet tot moes.

Schil de sjalotjes en snijd ze in ringetjes. Doe flink wat olijfolieolie in een braadpan en fruit de sjalotjes met de groene curry, het fenegriekzaad, het kurkumapoeder en het zout totdat ze zacht zijn.

Voeg het andijviemengsel toe. Doe het deksel op de pan en laat zo’n 10 minuten pruttelen. Roer af en toe.

Maak een papje van het kikkererwten- en kokosmeel samen met de kokosmelk.

Voeg het papje samen met de tahin en het citroensap toe. Roer goed en laat nog 10 minuten pruttelen.

Eet met wat je maar wil. Ik heb er mozzarella bij gedaan. Smakelijk!

IMG_0263

 


Bechamelsaus

mei 17, 2017

Er staat lasagne op het menu. Lasagne met broccoli en gorgonzola. We oogsten lof bij de klanten. Eentje zegt me te zullen vermoorden voor het recept. Ik wil nog niet dood dus ik vertel haar over het kort koken van de broccoli-roosjes, het fruiten van de gehakte stronkjes met knoflook, het maken van de bechamelsaus met echte boter en het kruiden van de tomaten. “Bechamelsaus!” roept de klant. “Dat verpest voor mij altijd alles.”


Laatste lijst

mei 16, 2017

Ik kijk naar een film over een vrouw die nog maar een half jaar te leven heeft. Ze werkt een lijst af van dingen die ze per sé in haar leven gedaan wil hebben. Ze laat een tatoeage zetten. En huurt een Japanse chef in om giftige kogelvis voor haar te bereiden.

Ik denk na over wat ik nog per sé zou willen doen als ik wist dat ik niet meer lang te leven had. Ik kan niets verzinnen.


Hamsters en wespen

mei 4, 2017

Ik leg de regels van de anekdote-quiz uit. En geef het voorbeeld van de leerling die vertelde dat hij zijn hamster in de printer had laten vallen en dat het diertje het niet had overleefd. De zeven meisjes in de kring maken meelevende geluiden.

Nog voor we de werkvorm starten zegt een van de meisjes dat ze ook een hamster had. En dat ze die in de magnetron heeft gestopt. “Aangezet?” vragen haar klasgenoten. Ze knikt. “Hij is ontploft.”

“Ik doe dat met wespen,” zegt een ander meisje. “Ik vang ze en doe ze in de magnetron. Die ontploffen ook.” “Wordt je magnetron dan niet vies?” vraag ik. “Nee hoor,” antwoordt ze. “Ik stop ze eerst in een doosje.”


Dorpskapper

april 25, 2017

Ik ben al een paar dagen ziek. Ik hang in mijn bed. Ik kijk Netflix series. En ik eet. Veel. De dagen duren lang. Ik voel me lichtelijk ranzig worden. Ik besluit naar de kapper te gaan. Mijn kapper zit in Gent. En Gent zie ik op het moment echt niet zitten. Er is een nieuw circulatieplan waardoor je bijna niet meer met de auto het centrum in kunt. Dat betekent dat ik dingen uit moet zoeken. Thuis op de computer en in Gent op locatie. Ik heb er de energie niet voor.

Ik bel de kapper in het dichtstbijzijnde dorp. Ik kan dezelfde dag nog komen. Ik was mijn haar, ik was mezelf en trek mijn nieuwe folkblouse en spijkerbroek aan. Ik voel me al iets beter.

Ik rij door de polder naar de nieuwe kapper. Ik kan voor de deur parkeren. Ik mag wachten op een kappersstoel. Voor een spiegel. Het is wat vreemd om een tijd lang voor een spiegel te zitten zonder geknipt te worden, dus kijk ik om me heen.

Links van me zit een bejaarde vrouw. Zo te zien heeft ze net een permanentje boven op het hoofd gehad. Aan de achterkant is geen krul te bekennen. Maar het haar is daar, volgens de kapster, expres leuk langer gehouden. Na verloop van tijd stapt de vrouw naar buiten met twee duidelijk zichtbare klodders mousse achter haar oren.

Aan mijn rechter kant komt een vrouw zitten met een kabouterhoofd en peenhaar in een non-fit kapsel. Ze laat het haar in een kastanjetint verven.

Vanonder de dampkap komt een vrouw met een kort kapsel waar ik nog net niet van ga gillen. Ik bedenk dat ik nog weg kan.

Ik word geknipt. Ik heb foto’s mee van Jean Seburg. De kapster is vriendelijk. We praten. Ze knipt. En overlegt.

Thuis kijk ik in de spiegel. Mijn haar is erg kort. Net als dat van Jean Seburg.


Vol verwachting

april 13, 2017

Terwijl ik in de keuken sta komt de auto van de post voor mijn deur gereden. Ik verwacht een pakketje. Ik maak me klaar om de deur open te maken als de postbode aan zou kloppen. Ik hoor de motor van de auto ronken. Ik schep mijn soep in een kom. De motor ronkt nog steeds. Ik loop met de kom soep de trap op. Zittend op de bovenste trede begin ik te eten. De motor slaat af.

Ik buk me en gluur tussen de traptreden door naar de voordeur. Door het kleine ruitje zie ik nog steeds het wit met oranje van de postauto. Terwijl ik mijn laatste lepel soep naar binnen werk hoor ik een autoportier opengaan. Daarna hoor ik het geklepper van de brievenbus, het slaan van het portier en het wegrijden van de postauto.

Op mijn deurmat ligt een brief.

Een paar uur later rijdt het witte busje met de aardige jongeman voor. Ook dit keer bezorgt hij me keurig mijn pakketje.


Werk

april 3, 2017

Ik word wakker voordat de wekker afgaat. Ik blijf nog even liggen. Ik bedenkt dat ik morgen zo lang kan blijven liggen als ik wil. En dwing mezelf om op te staan.

Ik drink koffie in mijn bed. Eet een stuk bessentaart. Ik surf op internet en koop een vintage rok.

Ik stap in de auto. Het is koud. En een beetje mistig. Als ik ga rijden beslaan mijn ruiten.

Net op tijd zie ik de bus en trek aan mijn stuur.

In Terneuzen is het stil. De rolluiken van de Inloop zijn nog dicht. Ik kijk op mijn horloge. Ik ben een uur te vroeg op mijn werk.