Ziek zonder zorgen

januari 9, 2020

Oei, ik kan alleen scherp zien in het midden van mijn focus. Alsof ik een iPhone vergrootglas in mijn oog heb zitten. Ach, denk ik, het is dat virus. Gaat wel weer over.

Oei, hoge bloedsuikers, zegt mijn glucosemeter. Oh ja, da’s waar, dat is wat sommige virussen met je bloedsuiker doen. Over een week zit ik vast weer goed.

Mijn spiegel vertelt me dat mijn gelaatskleur vaalgroen is en mijn gezicht opgeblazen. Mijn haar ziet er moe uit. Nou en? Als je ziek bent mag dat. Sterker nog; ik zou mezelf niet vertrouwen als ik er tijdens mijn ziekteverlof flitsend uit zou zien.

Ik sta wat bibberig op mijn benen en heb moeite met de trap. Dat is helemaal oké. Het betekent zelfs dat ik beter even niet kan trainen. Dat het goed is om met een kruik op mijn borst in bed te hangen. Zonder schuldgevoel.

De overbuurman maakt herrie. Hij is de hele ochtend bezig met afval in een aanhangwagen gooien, het wegbrengen en nieuw afval in de aanhangwagen gooien. Als ik scherp ben kan ik geluidsprikkels niet blokkeren. Maar ik ben niet scherp. De wereld is heerlijk gedempt. Zonder enige irritatie kan ik naar Netflix kijken. De buurman doet maar.

 

 


Eenzaam samen

januari 7, 2020

In de rij aan de kassa van de Lidl sta ik achter een oud mevrouwtje met een rollator. Ze oogt fragiel. Op haar wang zit een pijnlijk uitziende, rode gezwollen plek. Ze zier er verzorgd uit. Kort grijs haar. Nette, goed aansluitende kleding. Ze doet me wat aan mijn moeder denken.

Het mevrouwtje dat op mijn moeder lijkt wacht geduldig. Af en toe zet ze een stapje vooruit, maar legt, als het haar beurt is, niets op de band. Ik wacht nog even af en vraag dan of ze nog boodschappen heeft om af te rekenen. “Nee,” antwoordt ze. “Wij horen bij elkaar.” Ze wijst naar een geblondeerde vrouw in oranje puffer jas die voor haar staat. De blonde vrouw kijkt even om en gaat vervolgens, zonder een woord te zeggen, door met het inladen van boodschappen. Als er afgerekend moet worden haalt het mevrouwtje een grote portefeuille tevoorschijn en betaalt. De kassière vraagt of ze stickers wil om voor pluche dieren te sparen. Die wil ze niet. Ze draait zich om en zegt glimlachend tegen mij: “Maar misschien wilt u ze wel.”

Terwijl het mevrouwtje nog bezig is met het opbergen van haar portefeuille is de blonde vrouw met puffer jas al met de boodschappenwagen op weg naar de uitgang. Ik zie nog net haar stugge oranje rug.


Karma is a bitch

oktober 28, 2019

Een jaar of vijf geleden was er op een Amerikaanse Facebookpagina voor vintage kleding iemand op zoek naar 70s hippie jurken uit India. Ik bood haar de Adini Sultana jurk aan die ik jaren daarvoor had gekocht. Een mooie jurk, maar niet een jurk die ik snel zou dragen. Ik vroeg er 45 euro voor. De zoekende dame wilde niet eens afwachten wat de verzendkosten waren en vroeg me de jurk zo snel mogelijk op te sturen. Na een snelle Google zoektocht kwam ik er achter waarom. De Adini Sultana’s werden verkocht voor 800 tot 1200 euro. Maar fair is fair. Ik had haar de jurk verkocht en ik stuurde hem op. En ik mailde haar dat ze geluk had. Dat ik had ontdekt dat het om een flink prijzige jurk ging. Ze antwoordde iets vaags en heeft me niet eens bedankt. Ook kreeg ik geen mailtje dat de jurk was aangekomen.

Tegen mezelf zei ik dat dit een leerschool was. Ook al was het een flink dure. De les: altijd onderzoek doen voordat je iets prijst. Ik heb er vaak aan terug gedacht. Met een zure smaak in de mond.

Een paar dagen geleden werd er een topic geopend op een van de vintage groepen waar ik lid van ben. Er werd gevraagd wat de ergste fout was die je ooit had begaan met een vintage kledingstuk. Die fout waar je nu nog buikpijn van kreeg als je eraan terug dacht. Een van de antwoorden kwam van mijn Amerikaanse vriendin. Ze vertelde dat ze ooit voor bijna geen geld een Adini Sultana jurk had gekocht. Zo’n prachtige dunne met zilverdraad. Bij het openmaken van de envelop knipte ze dwars door de jurk heen; zowel door de voor- als achterkant.

Natuurlijk moest ik glimlachen. Karma is a bitch, girl.


Mededeling van minimaal nut

augustus 20, 2019

Het is kwart voor zes. Ik heb al gegeten. En voel me lamlendig. Ik kijk niet uit naar een avond laptop-Netflix op mijn bed, dus besluit ik een rondje te gaan joggen. In de tuin bekijk ik samen met T de nieuwe rozen en bespreken we de toestand van de oude rode roos uit Halsteren. Uiteindelijk zal het er toch van moeten komen. Ik vraag T om de achterdeur niet op slot te doen en vertrek.

Ik heb mezelf nog maar net aangezet tot een sukkeldrafje als ik uit een langsrijdend wit autootje een stem “Lopen joh!” hoor blèren. Al klinkt het meer als iets tussen “Loipen joh” en “Laupen joh” in als ik mieren zou willen neuken.

Tegen de blèrder uit de auto wil ik graag het volgende zeggen: “Je hebt er vast geen idee van hoe oelewapperig het is om – wellicht in beschonken toestand – vanuit de passagiersstoel van een klein wit autootje (iedereen weet dat bestuurders van witte bestelbusjes psychopaten zijn, dus god mag weten wat voor iemand de bijrijder van een kleine witte autobestuurder voor iemand is) naar een volslagen onbekende jogger “Lopen joh!” te gillen, anders had je je mond wel gehouden.”


Voordelen van de extreme hitte

juli 24, 2019

– Mijn haar krult beter
– De was is binnen een uur na het ophangen droog
– Trainen gaat beter omdat mijn spieren lekker warm zijn
– Ik gebruik eindelijk mijn nieuwe bank om op te slapen
– Het is lekker rustig op straat
– Er is genoeg licht om goede foto’s te maken
– Wollen dekens kunnen in de afgesloten auto een anti-mot hittebehandeling krijgen
– Tijdens het verschonen van mijn beddengoed hoef ik niet te worstelen met een tweepersoons dekbed en overtrek
– De duiven maken minder lawaai


Opgerokken

maart 6, 2019

In de etalage van de lederwarenzaak in het dorp zie ik een prachtige handtas staan. Ik twijfel, loop door, keer terug, denk waarom niet en trek de winkeldeur open.

De verkoopster is gretig. Ze pakt de tas voor me uit de etalage en geeft hem aan mij. “Zelf heb ik hem ook,” zegt ze. “Hij is van echt Italiaans kwaliteitsleer. En kijk eens, bij een druk jurkje kun je hem met de zwarte kant naar voor dragen en bij effen met de bonte kant.”

“Ken je Jan Janssen schoenen?” Ik zeg dat ik die ken. Sterker nog, ik draag ze op dat moment. “Oh,” zegt ze een beetje teleurgesteld, maar praat snel verder. “Ik zag Jan Janssen op een beurs toen ik deze tas droeg. Ik ken hem goed. Zo goed dat als ik met mijn man bij hem kom, ik zijn atelier in mag en mijn man niet. Jan Janssen vroeg aan me of het Italiaans fabrikaat was. Vanwege de perfecte stiksels in contrastkleuren. Dat kunnen ze alleen maar daar.” Ik kijk naar de tas. Op het rode leer zie ik rode stiksels. Op het gele leer gele. Misschien kijk ik niet goed.

“Daarna vroeg Jan of hij in mijn tas mocht kijken,” babbelt de verkoopster. “De binnenkant is blauw! Dan kun je je spullen zoveel beter vinden dan als hij zwart is.” “En zie je vlekken beter,” flap ik eruit. “Maar die zie je bij zwart ook hoor,” lacht de verkoopster een tikkeltje zuur.

Op het zwarte leer aan de achterkant van de 145 euro tas zie ik een kras van zo’n drie centimeter lang. Ik laat hem aan de verkoopster zien en vraag of ze nog een ander, krasvrij exemplaar heeft. Ze inspecteert de tas en meldt me dat het helemaal geen kras is, maar een oneffenheid op de koeienhuid. Ik kijk nog eens goed en zie niets anders dan wat er op mijn leren telefoonhoesje verschijnt als ik er eens flink met mijn nagel langs rats.

“Eigenlijk is deze oneffenheid een teken van de superieure kwaliteit van het leer,” gaat de verkoopster verder. “Bij goedkopere tassen zoals die daar”, zegt ze, wijzend naar een wat kakkineuze, zwarte, licht glimmende tas die vol met nerven lijkt te zitten, “is het leer opgerokken en volgespoten. En ja, dan zie je dit soort natuurlijke details niet. Onze huid heeft ook oneffenheden hè?” Ze wijst naar de rimpels naast haar ogen. Ik kijk naar haar onregelmatige tanden. Ik wil weg, maar ze laat me niet gaan. “Je zult altijd dit soort dingen vinden op deze tassen. Omdat het naturel is. Dikke huid. Niet opgerokken. Anders moet je maar een goedkope tas nemen als je dat niet mooi vindt.” Ik wil de tas al niet meer. Zeker niet van deze verkoopster.

“Laatst heb ik een echt leren bank gekocht,” blijft ze aanhouden. “Hij was heel duur. De verkoper wees me op wat jij een kras zou noemen, maar ik zei tegen hem dat ik nu wist dat het op echte kwaliteit ging, dat de koeienhuid niet opgerokken was. Ja, en toen zei de verkoper tegen me dat ik echt wel wat van leer wist.”

“Dank u,” zeg ik twee keer voordat ik naar buiten vlucht.

Thuis gekomen bestel ik uit puur chagrijn de tas online. Zonder oneffenheden, wordt me via de chat verzekerd.


In de mist van de morgen

december 13, 2018

mistvandemorgen


Maagd

november 10, 2018

“Als ik bloed op mijn penis krijg, van een vrouw, kan ik daar iets van krijgen?” De jongen kijkt bezorgd. We hebben het over HIV. En over seks tijdens de maandstonden. En over het eventuele bloeden van een gezonde vrouw tijdens ontmaagding. De jongen lijkt opgelucht en wil graag iets delen: “Ik kan zien of een meisje nog maagd is, mevrouw,” zegt hij breed grijnzend. “Aan hoe ze loopt.” Ik wil wel weten hoe dat dan is. “Nou, scheef in haar heupen.” Een blond meisje dat net heeft bekend dat ze nog nooit verliefd is geweest zegt dat zij het ook kan zien. “Als een meisje seks heeft gehad is ze boven aan haar benen ronder. Hoe heet een vrouw die gelooft ook alweer? Een non? Die hebben rechte benen. Omdat die maagd zijn. Echt mevrouw, ik kan dat zien.” Zo blijf ik leren.


Voorbehoedsmiddelen

november 9, 2018

“Welke voorbehoedsmiddelen kennen jullie allemaal?” vraag ik de groep Brusselse jongeren. “Dildo!” roept een jongen in trainingspak met een zwaar Frans accent. “Uh nou,” zeg ik, “van seks met een dildo kun je inderdaad niet zwanger worden, maar het is toch niet echt een voorbehoedsmiddel. Wie weet er nog een echt voorbehoedsmiddel?” “Vibrator!” roept dezelfde jongen enthousiast. Het was een toffe vorming.


Hetzelfde

november 3, 2018

In de Lidl aan de kassa. Een oudere mevrouw wenst de kassière een prettig weekend. “Hetzelfde,” antwoordt de kassière. “Hetzelfde,” antwoordt de oudere mevrouw daar weer op.


Echte liefde

september 19, 2018

“Wie van jullie denkt er dat echte liefde alles kan overleven?”
De tweedeklassers kijken me aan. Een jongetje met een blauwe trui steekt zijn vinger op.
“Het klinkt misschien wat raar mevrouw, maar ik denk niet dat echte liefde een natuurramp overleeft.”


Tijden veranderen

september 16, 2018

Vroeger.
– Sliep ik onder een laken en een deken.
– Had ik een leren schooltas zonder schouderriem.
– Gebruikte ik geen strippenkaart voor de bus omdat ik moest fietsen.
– Had ik één paar zomer- en één paar winterschoenen.
– Marcheerde ik mee tegen de kernenergie.
– Droeg ik mijn lange haar in een middenscheiding met speldjes aan de zijkanten.
– Mocht ik geen spijkerbroek omdat spijkerbroeken ordinair zijn.
– Had ik buitengewoon veel energie.
– Was ik bijna elke dag bang dat mijn moeder dood zou gaan.
– Werd ik snel verliefd.
– Schreef ik met een vulpen.
– Oefende ik handstand tegen de deur.
– Had ik een goedkope witte walkman.
– Droeg ik okergele beenwarmers.
– Had ik nog nooit van een avocado gehoord.
– Had ik een poezie-album.
– Was ik een paardenmeisje.
– Dronken we geen frisdrank maar oranje ranja.
– Was ik niet grijs.


De trieste Omega oplichtster

september 11, 2018

Op een Facebookpagina voor goedkope vintage spullen zie ik een goudkleurig vintage dameshorloge waarvan de verkoopster – die tevens beheerder van de groep is – zegt dat het in onberispelijke staat is. De foto’s zijn vaag, dus ik vraag haar wat voor merk het is en of het horloge goed loopt. Serena, de verkoopster, antwoordt met een iets scherpere foto en de opmerking dat het een “goei merk” is. 

horlogeserena

Ik ben geen horlogekenner. Ik zie dat het een Omega is, maar verder is ook deze foto te onduidelijk om de rest van de letters op de wijzerplaat te lezen. Ik zeg dat ik het horloge graag overneem als het goed loopt.

Het horloge komt aan. Ingepakt in meerdere lagen bubbel-plastic en een kartonnen doos. Het tikt niet. Ik draai aan het knopje. Het knopje zit muurvast. Met veel moeite krijg ik het wel uitgetrokken en kan de wijzers verplaatsen. Opwinden is echter onmogelijk. Het horloge geeft geen tik.

Ik bedenk dat het waarschijnlijk een quartz horloge is en surf wat op internet om te zien of dat waar is en er alleen een batterijtje vervangen moet worden. Ik kom al snel op een website uit over het herkennen van Omega vervalsingen. En ja hoor, ook mijn horloge is een vervalsing, wat onder andere blijkt uit de letters op de wijzerplaat: “Omega costellation antimagnetic.”  

IMG_7114

IMG_7112

Ik schrijf naar Serena dat het horloge niet werkt en een vervalsing is van een echte Omega. En dat je dat toch niet “onberispelijke staat” kunt noemen. Ik wil het graag retour sturen en mijn geld terug krijgen.

Ze antwoordt dat het horloge bij haar wel werkte en vraagt me hoe ik zie dat het een vervalsing is. Verder zegt ze dat ik het merk vroeg en ze me een foto heeft gestuurd.

Ik voel nattigheid. Ze heeft blijkbaar expres niet de naam Omega gebruikt om niet van oplichting beschuldigd te kunnen worden. Wat ze niet lijkt te begrijpen is dat ze hiermee toegeeft dat ze wel degelijk met voorbedachte rade te werk is gegaan.

Wat later lijkt ze bij te draaien en zegt dat op de foto Omega staat en dat dat inderdaad een goed merk is. Ze voegt er nog even fijntjes aan toe dat ik voor 20 euro een horloge in bladgoud heb en nog niet tevreden ben (oké, ik krijg er ook nog een bladgoudclaim bij).

Ik leg uit hoe ik ontdekte dat het een vervalsing betreft en meld haar dat ik het horloge naar de juwelier zal brengen om te kijken of die hem aan de praat kan krijgen. Als het horloge werkt vind ik het vervalsingsgedeelte niet eens zo erg.

De juwelier bekijkt het horloge. Het is een opwind-uurwerk en ja, de knop zit muurvast. Volgens hem zal dit horloge nooit meer werken. Hij betwijfelt zelfs of het ooit gewerkt heeft. Voor de zekerheid test hij het bandje op goud. Zoals verwacht test het zelfs bij 9 karaat negatief. Hij vertelt me verder dat de verkoper van zo’n horloge strafbaar is omdat zo’n vervalsing niet zonder nadrukkelijke vermelding daarvan verkocht mag worden. Daar is een woord voor: oplichting.

Dus ik weer naar Serena. Ik ben nog voorzichtig en zeg dat ik niet denk dat het met opzet was dat ze me deze vervalsing verkocht, maar dat ze misschien in de toekomst zelf toch ook iets beter uit kan kijken omdat ze anders van oplichting beschuldigd kan worden.

Serena schiet in de ontkenning en zegt dat ze niet strafbaar is omdat ze het nergens over een merk heeft gehad maar wel een foto heeft gestuurd. Dat is op zijn minst vreemd te noemen omdat ze nog net heeft toegegeven dat op de foto Omega staat en dat dat een goed merk is. Ze redeneert verder dat als ik naar de juwelier moest om de echtheid te weten ik dat zelf niet zag en dat ze het stempel aan de achterkant er niet zelf heeft in gezet.

Tsja, daar zit ik even met mijn mond vol tanden. Is Serena nu echt heel dom of wringt ze zich in allerlei onnavolgbare bochten om zichzelf goed te praten? Als klap op de vuurpijl noemt ze mijn juwelier een bedrieger.

Er volgt nog een hele conversatie over terugsturen waarin ze eist dat ik alle kosten op me neem. Ze blijft erbij dat het horloge het deed toen ze het opstuurde. Dat dat niet anders kan omdat ze anders niet verzendt. Alsof dat het ultieme bewijs is.

Stel nu eens dat dat waar zou zijn. Moet het knopje dan tijdens het transport vast zijn komen zitten? Hoe dan? Of zou ik het misschien zelf gesaboteerd hebben? Maar waarom? En hoe?

Serena meldt nog maar eens dat ze zich niet schuldig heeft gemaakt aan oplichting. Haar argument is dit keer dat ze nergens heeft vermeld dat ze een bladgouden Omega verkoopt (hé, had ik net niet gehoord dat ik blij moest zijn met een 18k bladgouden horloge?) maar wel in onberispelijke staat. Daaraan alleen kun je volgens haar al zien dat hij niet stuk kan zijn gegaan. Ik kan hem gerust terugsturen, maar ze vindt dat ik me niet hoef te verdedigen omdat mijn juwelier wat heeft verprutst.

Op mijn vraag wat mijn juwelier volgens haar precies verprutst heeft weet ze niet meer te zeggen dan dat ze dat niet weet, maar dat hij bij haar perfect werkte omdat ze hem anders niet verzendt.

Ik zucht.

Ik ben de zaak zo beu dat ik besluit het horloge terug te sturen. Ik besef wel degelijk dat als ze te kwader trouw is ik mijn 20 euro nooit terug zal zien en ik nog eens een keer verzendkosten kwijt zal zijn. Aan de andere kant wil ik niet geloven dat iemand èn zo dom èn zo slecht kan zijn.

Het horloge is terug in Kortenaken en ik vraag Serena om de 20 euro. Die krijg ik niet. Omdat het horloge niet werkt. Wat precies de reden is waarom ik het horloge terug stuurde. En waar we het uitgebreid over gehad hebben. Serena: “Ik heb gezegd als je het terugstuurde in de staat zoals ik het verstuurd had, werkend dus, ik ga er vanuit dat je het niet zelf uitgepakt hebt want hij lijkt me vastgedraaid.” Weer een redenering van likmevestje, maar ja, kromme logica lijkt het enige wat ik nog kan verwachten.

Serena denkt dat ze slim is. Dat ze geen oplichtster is omdat ze niet letterlijk heeft gezegd dat het een Omega horloge was, alleen maar een foto heeft gestuurd met de opmerking dat het een “goei merk” was. En omdat ze heeft gezegd dat het horloge in dezelfde staat terug moest komen als ze hem verzonden heeft; zonder krassen in de toplaag etc. 

Ik voel me een enorme sufferd omdat ik nog eens kosten heb gemaakt om het horloge terug te sturen.

Als ik dat meld is haar reactie: “En jij denkt dat ik dom ben, ik verstuur een horloge die u blijkbaar niet aanstaat, u stuurt em stuk terug en ik moet uw 20€ terug????????? Ik laat em nakijken en dan hoor je mij weer.”

Natuurlijk is Serena wel degelijk een oplichtster. Ze stuurt me een kapot horloge dat ook nog eens een vervalsing blijkt en geen horloge in onberispelijke staat. Ze belooft me mijn 20 euro terug te betalen zodra ze het horloge terug heeft. Ze weet dat het stuk is. Ze betaalt niet terug.

Het enige wat me troost biedt is dat ik correct ben gebleven en haar alle kans heb gegeven om de zaak recht te zetten. Dat zij zich zo laat kennen en zich daar niet voor lijkt te schamen is niet meer dan in en in triest.

Onverwachts komt Serena met een laatste bericht. “Je hebt erg veel geluk gehad, de juwelier draaide hem open en duwde er met zen schroevendraaier tegen en hij was weer los, je hebt hem gewoon te vast aangedraaid 😠😠 ik heb er niks voor moeten betalen dus jouw 20€ is terug onderweg. Denk eraan om NOOIT meer iets van mij te kopen
Ik heb je dan ook uit mijn groep verwijderd, zulke mensen zijn niet welkom. Ik houd me niet bezig met bedriegers.”

Wie verkocht er nu ook al weer willens en wetens een Omega vervalsing?


De DHL man

augustus 2, 2018

Ik open de deur. Voor me staat de DHL man die hard mijn volledige naam zegt en vraagt hoe het met me gaat.

Ik herken de man. Het is P, waarmee ik in de brugklas zat. P vond het leuk om samen met zijn vrienden boodschappenlijstjes te schrijven (maandverband, condooms, tampons), die in mijn tas te verstoppen en – als ik het briefje vond – luidkeels door de klas te roepen wat ik zoal wilde kopen.

Ik zeg dat het goed gaat en vraag hoe het met hem is.

Hij vertelt dat hij niet meer met de vrachtwagen mag rijden. Dat hij epilepsie heeft. Dat hij niet meer kon plassen. Dat hij een grote ontsteking bij zijn prostaat had. Dat hij ontstekingsremmers moest slikken. Dat hij maanden waanzinnige hoofdpijn had. Dat hij nierstenen had.

Hij vraagt of ik nog weet van dat ongeluk dat hij had toen hij tien jaar oud was. Ik antwoord ontkennend. Hij kijkt me ongelovig aan. Ik zeg dat we, toen we bij elkaar in de klas zaten, nou niet echt met elkaar praatten. Hij knikt.

P vertelt dat hij een dubbele schedelbasisfractuur had. Dat hij negen dagen in coma lag. Hij draait zich om en laat me zijn nek zien. Een lang litteken verdwijnt in zijn bezwete haar. Hij harkt met zijn vingers wat haar opzij zodat ik de hele lengte van het litteken kan bewonderen.

Ik vraag of er ook lichtpuntjes zijn in zijn leven. Hij vertelt dat hij twee kinderen heeft, begin twintig, waar het goed mee gaat.

P klimt in de grote gele DHL bus en zwaait.

“Uhh, sterkte,” zeg ik.


Grappenmaker

juli 17, 2018

Om half zes ben ik wakker. Om zeven uur jog ik mijn rondje door de polder. Om half elf sta ik aan de kassa bij de Aldi.

Achter de kassa zit een nerdy jongen met bril. Hij glimlacht maniakaal. “Goedemorgen,” groet een klant. “Van mij zou het goedemiddag mogen zijn,” zegt de jongen. De vrouw kijkt op haar horloge. De jongen lacht.

De oudere dame voor me wil graag pinnen. “Dat is een goed idee!” roept de jongen. Wederom lacht hij.

Het is mijn beurt om af te rekenen. Ik moet 10,50 euro betalen. “Hier is alvast een tientje,” zeg ik, terwijl ik de resterende vijftig cent in mijn portemonnee zoek. “Bijna op de helft!” buldert de jongen. Ik sla hem nog net niet op zijn bek.


Het genoegen

juli 5, 2018

-Met R van XS4All. Heb ik het genoegen met E van G?
-Heeft u het genoegen met E van G?
-Ja?
-Met E van G te spreken?
-Ja?
-Jazeker. Ik kan u nu al zeggen dat ik mijn contract niet wil wijzigen.
-Goed, maar ik wil het graag met u hebben over uw pakket en of we dat aan kunnen passen.
-Ik heb net gezegd dat ik mijn contract niet wens te wijzigen.
-Mevrouw, als u goed had geluisterd had u gehoord dat ik wil het met u wilde hebben over mogelijke aanpassingen in uw pakket.
-Meneer, ù heeft niet goed geluisterd. Ik heb al aangegeven geen veranderingen te willen.
stilte


Vlekken

juni 20, 2018

P koopt een wit vintage Western overhemd met gele vlekken op de schouders en in de nek. De verkoper vertelt hem dat die er met een beetje bleek wel uit zullen gaan. Ik vind bleek nogal agressief en bied hem aan om te proberen het overhemd weer wit te krijgen.

Ik spuit de vlekken in, maak een sopje, laat het shirt een nacht weken en was het in het waszakje met andere lichte was mee op veertig graden.

Ik hang de was buiten. In de zon.

Ik haal de was binnen. P’s overhemd is prachtig schoon. Op mijn jurkje, dat ernaast aan de waslijn hangt, heeft een vogel zich drie keer leeg gescheten.


Dag beestjes, dag struiken, dag boerderij

juni 13, 2018

Een jong stel. Aan tafel in de keuken bij mijn ouders. Ze vertellen hoe verliefd ze zijn op de boerderij. Op de plek. Op de sfeer. Ze vragen – als het niet ongepast is – of als de boerderij ooit te koop zou komen, zij verwittigd kunnen worden. Op een bierviltje schrijven ze hun contactgegevens.

Mijn moeder is dood. Mijn vader voelt dat zijn einde nadert. Hij laat ons het bierviltje zien. “Als ik uit de tijd ben,” zegt hij, “zou ik het fijn vinden als jullie, als het mogelijk is tenminste, de boerderij aan deze mensen zouden kunnen verkopen. Dan weten we dat ze er zorg voor zullen dragen.”

Mijn vader sterft. Een paar weken later staat het stel van het bierviltje op de stoep. Hopend dat het niet ongepast is. Wij verkopen.

Eerst verdwijnen de musterhagen. De hermelijntjes, veldmuizen en vogels moeten een ander onderkomen zoeken. Dan zijn de struiken in de weelderig heg aan de beurt. Door de gaten in de heg zie ik dat het huis geen dak meer heeft. Het regent maandenlang in. Vandaag hoor ik dat er een sloopvergunning is afgegeven.

boerderij


Eten van mijn voeten

juni 11, 2018

“Je hebt geen chili con carne en dat staat wel op de website. Ik heb expres geld meegenomen voor chili. En nu is het er niet. Doe dan maar een broodje martino.”

“Goh, ik dacht toch echt dat ik de kip met pindasaus op de site had gezet. Maar ik kan een foutje hebben gemaakt.”

“Iedereen kan een foutje maken, ja. Maar je moet geen fouten maken, weet je. Chili con carne. Jij hebt altijd vegetarisch. Door de week is het eten lekker. Gewoon altijd. Maar in het weekend. Je moet eens een keer normaal gaan doen jij!”

“Ik kom hier met mijn geld en dan staat is er niet wat er op de website staat. En als ik dan jouw eten heb gegeten komen er stemmen in mijn hoofd en stinken de volgende dag mijn voeten. Dat kan toch niet man!”


Tortelduifje

juni 5, 2018

Ik rij door het dorp. Zachtjes. Voor mijn auto loopt een Turkse tortel. Ik zie hem niet opvliegen, maar hoor een doffe “tok.” Ik kijk in mijn achteruitkijkspiegel en ontwaar een wild fladderend hoopje in het midden van de weg. De duif had niet eens zijn kopje ingetrokken.


Bewust eten

juni 4, 2018

Sinds ik het ketogeen dieet volg leef ik iets bewuster. Ik koop kaas bij de kaasboerderij een paar dorpen verder. Als ik met mijn plat gesneden stuk extra belegen op de achterbank de oprijlaan af rijd, zie ik de koeien grazen van wiens melk de kaas gemaakt is.

Ik eet radijsloof en bloemkoolbladeren.

Ik lees etiketten. Ik ontdek dat in mijn grove mosterd rietsuiker zit. De mosterd verdwijnt in de afvalemmer. Samen met de ongezoete en 100% plantaardige amandelmelk, waar toch nog maltodextrine in zit.

Ik zie dat de Albert Heijn biologische gerookte kipfilet heeft. Ik sta klaar om mijn vegetariërschap aan de kant te schuiven totdat ik de ingrediëntenlijst lees. Behalve de biologische kipfilet vind ik zout, aardappelzetmeel*, dextrose*, rietsuiker*, gistextract*, rook, azijn, conserveermiddel (natriumnitriet), *Van biologische oorsprong. Twee keer suiker en een keer zetmeel. Maar wel met ster.

Ik pak een pak zeevruchten uit de vriezer. Ook Albert Heijn. Met flink wat zetmeel (vijfde plaats op de ingrediëntenlijst), raapolie, suiker en krabaroma. De moed zakt me in de schoenen.

 

 


Keto jager

mei 31, 2018

Ik eet weinig koolhydraten. Ik probeer genoeg eiwitten binnen te krijgen voor mijn spieropbouw. Ik eet gezonde vetten. En ik eet veel groenten. Dat is zo simpel nog niet omdat er maar weinig echt koolhydraatarme groenten zijn.

Ik ben bij de groenteboer. Ik heb net afgerekend en loop langs de snijplank en afvalbak. Op de plank liggen bloemkoolbladeren. Ik stop ze in mijn mand, als een soort ketogene jager-verzamelaar.

Thuis maak ik een veganistische bloemkoolblad-schotel met gerookte tofu en edelgistvlokken. De gezondheid knalt van mijn bord.

bloemkool


Tunnelpech

mei 26, 2018

Ik sta in de file voor de Sluiskiltunnel. De thermometer geeft 29 graden aan. De weg wordt versperd door slagbomen. Ik zie autoportieren open gaan. Mensen lopen de weg op.

Mijn start stop systeem slaat af. Net als de ventilatie. Het wordt heet in de auto. Ik denk aan de sla en aardbeien op de achterbank. Ook ik zet mijn portieren open.

De hippe jongen met kort zwart baardje klimt samen met zijn kortgerokte vriendin terug in het gele busje dat links van me staat. Hij begint te manoeuvreren, wurmt zich tot mijn grote verbazing voorlangs me en begint een spookrit door de berm. Ik kan nog net op tijd mijn portier dicht trekken.

Meer auto’s keren en rijden terug. Tegen de rijrichting in.

Ik praat met de vrouw uit de auto voor me. We snuiven verontwaardigd. “Het zijn allemaal Belgen,” merkt de vrouw op. Ik knik, want zoiets mag je eigenlijk niet hardop zeggen.

Even later klinkt er een mannenstem uit de omroepinstallatie. De tunnel gaat weer open.


De geur van hond

mei 22, 2018

Ik zit op mijn bed te lezen. Ik ruik iets geks. Iets wat ik niet ken. Tenminste, niet in mijn slaapkamer. Ik ruik de geur van natte hond.

Ik ruik aan mezelf. Aan mijn rechter oksel. Ik doe mijn t-shirt uit en ruik daar aan. Ik lijk niet anders dan anders.

Ik loop naar de keuken om thee te zetten. Daar ruik ik niets vreemds meer. Ik vraag aan T of hij eens aan me wil ruiken.

Weer boven ruik ik aan mijn gloednieuwe handgeblokprintte Indiase sprei. Die inderdaad wat muffig ruikt.

Ik spuit parfum op de sprei.

Ik zit op mijn bed te lezen. Ik ruik geparfumeerde hond.

 


Op het land

mei 15, 2018

ophetland


Met mango

mei 14, 2018

“Wat heb je vandaag?”
“Chili con carne. Met verse mango.”
“Mango? Dat ken ik niet.”
“Dat is een tropische vrucht. Lekker zoet.”
“Lust ik niet. Maar chili con carne lust ik wel.”
“Weet je wat, ik laat je een stukje mango proeven.”
proeft
“Ik vind het lekkerder zonder mango.”
eet tweederde bord chili con carne met mango
“Het is gloeiend heet.”

 


Oma hep

november 28, 2017

In de Lidl. Een rieten boodschappenmand aan mijn arm. Ik kijk naar de nootjes. Ik koop er geen. Achter me hoor ik luid: “Oma hep, Lucy. Oma hep. Niet pakken. Oma hep!” Vanuit mijn ooghoek zie ik een dikke vrouw met geblondeerd haar.

Ik loop naar de kassa. De harde stem van de dikke vrouw achtervolgt me. Non-stop wordt tegen Lucy gepraat. En tegen Thomas. En tegen opa.

Een winkelwagentje rijdt tegen me aan. Ik kijk om. Ik zie een grijze man. Grijs van haar, grijs van jas en grijs van huid. Ik ruik een walm van sigarettenrook. Ik doe een stap bij hem vandaan. Hij hoort bij de dikke vrouw.

Opa reikt langs me heen om zijn boodschappen op de band te leggen. Ik zeg hem dat mijn boodschappen ook nog op de band moeten. Ik begin met het stapelen van mijn spullen op een plek waar opa niet bij kan. Opa komt tegen me aan staan. Ik vraag hem om dat niet te doen. “Wat ben je toch een zeikwijf,” snauwt hij. “Wat zegt ze?” brult oma. “Dat ik niet tegen haar aan mot staan.”

Ik voel mijn wangen rood worden. Ik draai me nog eens om. Ik zie schilfers bij zijn linker oor. “Het is fijn als we beleefd tegen elkaar kunnen zijn, hè meneer?” vraag ik. “Jij mot eens niet zo zeiken,” is zijn antwoord.

De mevrouw die voor me in de rij staat rekent af, kijkt naar mij en glimlacht samenzweerderig.


Bij de groenten

november 27, 2017

In de Lidl. Naast de groenten. Een kennis van mijn ouders. Met haar man. Ze groet me. Ik groet terug. De man bromt iets en probeert zich onzichtbaar te maken.

Ik: Oei, krukken, dat ziet er niet goed uit.
Zij: Een nieuwe heup. De tweede al.
Ik: Ah!
Zij: Hoe is het met je diabetes?
Ik: Goed.
Zij: Je haar is kort. Ben je ziek geweest?
Ik: Nou nee. Ik had gewoon zin in kort haar.
Zij: Maar het staat je goed hoor. Daar niet van.

Ik reik naar een bakje champignons.

Zij: Ik moet nu door. Ik moet in beweging blijven. Met die heup.


Kennis

november 24, 2017

Ik kan in het Russisch “open je mond” zeggen.
Ik ken het Inuit woord voor elleboog.
Ik weet dat een specht elke keer voordat hij tegen een boom klopt zijn ogen dicht doet.
Ik weet wat een kwispedoor is.
En een antimacassar.
Ik weet wat de hoofdstad van Madagascar is.
Ik ben goed in het dateren van vintage jurken.
Ik weet dat dolfijnen zich snel vervelen.
Ik kan kantklossen.

Ik ben een vat vol kennis.
Ik zal het nog ver schoppen in het leven.


Het leven in slow motion

november 11, 2017

Ik ben ziek.

Gisteren is mijn nieuwe Bose Soundlink Mini II aangekomen. Ik heb zo’n twee jaar lang getwijfeld over de aankoop, maar recentelijk dan toch de knoop doorgehakt.

Gisteren dus, zette ik de Mediamarkt verpakking op de keukentafel. Daarna ging ik naar bed.

Later die dag haalde ik de Soundlink uit de doos. Ik schoof een EU-plaatje op de stekker en verbond het snoer met de oplader. Daarna ging ik naar bed.

Vanochtend haalde ik de gebruiksaanwijzing uit de doos. En zette thee.

Daarnet heb ik Spotify op mijn iPad geïnstalleerd. Ik heb het gevoel dat ik al wel weer genoeg gedaan heb voor vandaag.


Zo’n dag

november 8, 2017

Ik rij over de expresweg richting werk. Een geel bord in de berm vertelt me dat er over drie kilometer een rijstrook afgesloten wordt. Ik rij tot in Antwerpen zonder een wegversmalling tegen te komen.

Op de radio hoor ik het nieuws van 10 uur aangekondigd worden. Ik leef in de veronderstelling dat het nog maar 9 uur is. De klok op mijn dashboard zegt 10 uur. De klok op mijn dashboard staat nog op zomertijd. Voor de zekerheid zet ik mijn telefoon aan. Die zegt dat het 9 uur is.

Ik rij Kipdorp op en hoor een piep uit mijn jaszak komen. Ik negeer het.

Klokslag 10 uur ren ik de trappen op naar de ruimte waar we intervisie hebben. Er is niemand. Ik vraag waar ik moet zijn. Ik word naar de zolder verwezen. Ik zet nog snel koffie, ren twee trappen af, ren drie trappen op, en zie niemand.

Ik pak mijn telefoon om mijn diensthoofd te bellen en zie een smsje. Verstuurd om 7 uur. Met de boodschap dat de intervisie vanwege ziekte is geannuleerd.


Vintage

september 5, 2017

In de vintage winkel merk ik dat de wat extravagantere stukken lonken. Vooral het Japanse nep-bonten topje en de Jean Charles Brosseau baret maken me meer dan blij.

IMG_6732 kopie


Paardjes

augustus 31, 2017

We hebben gegeten. Het is warm. Er komt nog een avondprogramma. Een paar collega’s besluiten te gaan wandelen. Ik ga mee.

Het is heerlijk om voor het eerst in twee dagen van het terrein van de Karmel af te zijn. We wandelen naar Kasteel Tillegem. Voor het kasteel staat een buxus-raster. Langbenige collega S springt over een haagje. Collega K springt achter hem aan. Collega L probeert het wat rustiger en blijft vast zitten op de buxus.

“Paardjes! We gaan paardjes doen!” wordt geroepen. Ik vond het vroeger al eng om te springen over brede dingen. Ik was altijd bang dat ik het niet zou halen. Of dat ik met een voet ergens achter zou blijven hangen. Ik besluit dat ik die angst achter me ga laten. Ik neem een aanloop op mijn vijftien jaar oude Birkenstocks en spring. Ik land, glij uit op het gras en kom hard op mijn rechter bil terecht.

Ik doe alsof er niets aan de hand is. We spelen paardjes.

In de auto van Brugge terug naar huis betekent gas geven pijn lijden. Mijn paardje blijft voorlopig op stal.

IMG_0467

Foto: Griet Vanhaevre


Vintage onzin

augustus 24, 2017

Als ik een vintage jaren vijftig rok tegen kom met een print die eruit ziet alsof hij met een grove kwast en net iets te weinig verf op de stof is aangebracht, en de rok ook nog de kleuren heeft die me terug doen denken aan mijn vroege kindertijd, dan ben ik verkocht. Dus toen ik niet één maar drie van dat soort rokken ontdekte op Marktplaats kon ik mijn geluk niet op. De rokken waren prijzig, maar ja, ze waren wel in mijn maat (38/40), dus besloot ik om – zoals mijn vader het zou noemen – mijn vintage kooplust te bevredigen.

De verkoopster klonk professioneel. Ze sprak me aan met “Vintage Collega” en bezigde correct Nederlands. Dat leek een goed teken te zijn. Toch was ik blij toen het pakketje ook daadwerkelijk arriveerde.

Ik pakte de rokken uit en schrok. De tailleband zag er wel erg smal uit. Na opmeten bleek dat de rokken een taille hadden van 60, 64 en 66 centimeter. In plaats van de 72 tot 80 centimeter die bij een maat 38/40 hoort.

Ik mail de verkoopster en ventileer mijn teleurstelling. Ze antwoordt dat dit soort rokken juist eenvoudig op maat zijn te maken en ik de taille kan verkleinen door meer plooien in de rok te creëren. Ik herinner haar eraan dat de rokken niet te groot, maar juist te klein zijn. Daar heeft ze ook een oplossing voor. Dan breng ik de rokken toch naar een kleermaker? Dat kost maar een paar euro en is heel eenvoudig. Ik wil geen vintage rok waar ik goed voor heb betaald naar de kleermaker moeten brengen omdat er een verkeerde maat is opgegeven. Daar is ze het niet mee eens. Haar dochter heeft een maat 38 en bij haar zaten de rokken goed. En het groter maken van de rokken is eenvoudig. Verder weigert ze nog te communiceren.

En ja, dan kun je niet veel meer als je via Marktplaats hebt gekocht.


Te vroeg

juli 14, 2017

Ik kom beneden in de ontbijtzaal. Ik zie olijfgroene vloerbedekking met bloemmotief, stoelen met groen en goud geruite bekleding, een Chinese vaas op een hoge houten pedestal, een eenzaam brandende kroonluchter. Ik zie geen ontbijt. Ik zie geen mensen.

Een man in oberoutfit komt een klapdeur uit en kijkt me verontschuldigend aan. “I’m sorry, breakfast only starts at seven,” zegt hij. Ik kijk hem wazig aan. Hij legt uit dat de chef nog niet begonnen is. Wie weet kan de chef wel wat eerder beginnen. Als ik een continental breakfast zou willen. Want dat is bij de prijs van het hotel inbegrepen. Er is al wel koffie. Denkt hij. Hij probeert de koffiemachine. De machine werkt.

Ik ga met mijn kopje koffie aan een grote ronde tafel bij het raam zitten. Ik kijk op mijn telefoon. Half acht. Nederlandse tijd.

image


Andijvie curry

juni 9, 2017

Ik vond een recept voor spinazie-curry. De spinazie was op in de supermarkt. Er moest melk in. En tomaten. Geen uien en knoflook. De kruiden van het recept leken me wat laf. Dus fantaseerde ik er maar wat op los en vond een goddelijke andijvie-curry uit. Zonder gluten. Low carb. Gezond.

Ingrediënten voor 4 personen:
5 sjalotjes
5 teentjes knoflook
1 flinke krop andijvie
verse gember
2 verse rode pepers of een theelepel cayennepeper
thaise groene curry
2 eetlepels kikkererwtenmeel
1 eetlepel kokosmeel
1 klein kartonnetje of blikje kokosmelk
fenegriekzaad
1 theelepel kurkumapoeder
1 eetlepel tahin
olijfolie
citroensap
zout

Was de andijvie. Zwier hem droog. Haal de harde vezelachtige nerven weg. Doe de andijvie met de gepelde knoflookteentjes, een flink stuk verse gember, de pepers en de helft van de kokosmelk in een keukenmachine. Hak fijn, maar niet tot moes.

Schil de sjalotjes en snijd ze in ringetjes. Doe flink wat olijfolie in een braadpan en fruit de sjalotjes met de groene curry, het fenegriekzaad, het kurkumapoeder en het zout totdat ze zacht zijn.

Voeg het andijviemengsel toe. Doe het deksel op de pan en laat zo’n 10 minuten pruttelen. Roer af en toe.

Maak een papje van het kikkererwten- en kokosmeel samen met de kokosmelk.

Voeg het papje samen met de tahin en het citroensap toe. Roer goed en laat nog 10 minuten pruttelen.

Eet met wat je maar wil. Ik heb er mozzarella bij gedaan. Smakelijk!

IMG_0263

 


Bechamelsaus

mei 17, 2017

Er staat lasagne op het menu. Lasagne met broccoli en gorgonzola. We oogsten lof bij de klanten. Eentje zegt me te zullen vermoorden voor het recept. Ik wil nog niet dood dus ik vertel haar over het kort koken van de broccoli-roosjes, het fruiten van de gehakte stronkjes met knoflook, het maken van de bechamelsaus met echte boter en het kruiden van de tomaten. “Bechamelsaus!” roept de klant. “Dat verpest voor mij altijd alles.”


Laatste lijst

mei 16, 2017

Ik kijk naar een film over een vrouw die nog maar een half jaar te leven heeft. Ze werkt een lijst af van dingen die ze per sé in haar leven gedaan wil hebben. Ze laat een tatoeage zetten. En huurt een Japanse chef in om giftige kogelvis voor haar te bereiden.

Ik denk na over wat ik nog per sé zou willen doen als ik wist dat ik niet meer lang te leven had. Ik kan niets verzinnen.


Hamsters en wespen

mei 4, 2017

Ik leg de regels van de anekdote-quiz uit. En geef het voorbeeld van de leerling die vertelde dat hij zijn hamster in de printer had laten vallen en dat het diertje het niet had overleefd. De zeven meisjes in de kring maken meelevende geluiden.

Nog voor we de werkvorm starten zegt een van de meisjes dat ze ook een hamster had. En dat ze die in de magnetron heeft gestopt. “Aangezet?” vragen haar klasgenoten. Ze knikt. “Hij is ontploft.”

“Ik doe dat met wespen,” zegt een ander meisje. “Ik vang ze en doe ze in de magnetron. Die ontploffen ook.” “Wordt je magnetron dan niet vies?” vraag ik. “Nee hoor,” antwoordt ze. “Ik stop ze eerst in een doosje.”


Dorpskapper

april 25, 2017

Ik ben al een paar dagen ziek. Ik hang in mijn bed. Ik kijk Netflix series. En ik eet. Veel. De dagen duren lang. Ik voel me lichtelijk ranzig worden. Ik besluit naar de kapper te gaan. Mijn kapper zit in Gent. En Gent zie ik op het moment echt niet zitten. Er is een nieuw circulatieplan waardoor je bijna niet meer met de auto het centrum in kunt. Dat betekent dat ik dingen uit moet zoeken. Thuis op de computer en in Gent op locatie. Ik heb er de energie niet voor.

Ik bel de kapper in het dichtstbijzijnde dorp. Ik kan dezelfde dag nog komen. Ik was mijn haar, ik was mezelf en trek mijn nieuwe folkblouse en spijkerbroek aan. Ik voel me al iets beter.

Ik rij door de polder naar de nieuwe kapper. Ik kan voor de deur parkeren. Ik mag wachten op een kappersstoel. Voor een spiegel. Het is wat vreemd om een tijd lang voor een spiegel te zitten zonder geknipt te worden, dus kijk ik om me heen.

Links van me zit een bejaarde vrouw. Zo te zien heeft ze net een permanentje boven op het hoofd gehad. Aan de achterkant is geen krul te bekennen. Maar het haar is daar, volgens de kapster, expres leuk langer gehouden. Na verloop van tijd stapt de vrouw naar buiten met twee duidelijk zichtbare klodders mousse achter haar oren.

Aan mijn rechter kant komt een vrouw zitten met een kabouterhoofd en peenhaar in een non-fit kapsel. Ze laat het haar in een kastanjetint verven.

Vanonder de dampkap komt een vrouw met een kort kapsel waar ik nog net niet van ga gillen. Ik bedenk dat ik nog weg kan.

Ik word geknipt. Ik heb foto’s mee van Jean Seburg. De kapster is vriendelijk. We praten. Ze knipt. En overlegt.

Thuis kijk ik in de spiegel. Mijn haar is erg kort. Net als dat van Jean Seburg.


Vol verwachting

april 13, 2017

Terwijl ik in de keuken sta komt de auto van de post voor mijn deur gereden. Ik verwacht een pakketje. Ik maak me klaar om de deur open te maken als de postbode aan zou kloppen. Ik hoor de motor van de auto ronken. Ik schep mijn soep in een kom. De motor ronkt nog steeds. Ik loop met de kom soep de trap op. Zittend op de bovenste trede begin ik te eten. De motor slaat af.

Ik buk me en gluur tussen de traptreden door naar de voordeur. Door het kleine ruitje zie ik nog steeds het wit met oranje van de postauto. Terwijl ik mijn laatste lepel soep naar binnen werk hoor ik een autoportier opengaan. Daarna hoor ik het geklepper van de brievenbus, het slaan van het portier en het wegrijden van de postauto.

Op mijn deurmat ligt een brief.

Een paar uur later rijdt het witte busje met de aardige jongeman voor. Ook dit keer bezorgt hij me keurig mijn pakketje.


Werk

april 3, 2017

Ik word wakker voordat de wekker afgaat. Ik blijf nog even liggen. Ik bedenkt dat ik morgen zo lang kan blijven liggen als ik wil. En dwing mezelf om op te staan.

Ik drink koffie in mijn bed. Eet een stuk bessentaart. Ik surf op internet en koop een vintage rok.

Ik stap in de auto. Het is koud. En een beetje mistig. Als ik ga rijden beslaan mijn ruiten.

Net op tijd zie ik de bus en trek aan mijn stuur.

In Terneuzen is het stil. De rolluiken van de Inloop zijn nog dicht. Ik kijk op mijn horloge. Ik ben een uur te vroeg op mijn werk.


Dieet

maart 24, 2017

Ik kijk naar het banaanvormige ding op mijn bord. Mijn collega kijkt mee. “Het ziet eruit als iets met tarwebloem,” zegt ze. “En met kaas,” opper ik.

De keuken heeft mijn dieet doorgekregen. De dag ervoor ben ik voor de zekerheid ook nog eens met de kokkin gaan praten. Die beloofde een dag zalm en een dag tofu. Met rauwkost. De zalm was prima, maar de banaan op mijn bord ziet er niet erg tofu-achtig uit. Ik neem een hap. Het is geen tofu.

In de keuken hoor ik dat het rijst-fantasie is. Ik mag geen rijst. Zoals ook in mijn e-mail stond.

In de toiletten steek ik een vinger in mijn keel. Ik ben slecht in geforceerd overgeven. Mijn ogen tranen en mijn keel doet pijn. Ik geef op.

Ik krijg tofu. “Met sojasaus,” zegt de dame die me het nieuwe bord komt brengen. Ik ga naar de keuken. Ik vraag wat er in de sojasaus zit. Onder andere tarwebloem, volgens het etiket. Ik mag geen tarwebloem.

De kok maakt tofu. Zonder saus.

Tijdens de vorming moet ik plassen als een reiger. Mijn lichaam probeert de glucose af te voeren. Ik zie dat de leerlingen vier ogen hebben. Per persoon.

 


Toilet

maart 13, 2017

Ik moet naar het toilet. Anders dan anders kan ik niet gewoon gaan zitten, maar moet een emmer gevuld met water van het deksel halen en het deksel omhoog zetten.

Vorige week kreeg ik een brief. Ik werd op de hoogte gebracht van de komende reiniging van het riool waarbij hoge druk gebruikt zou worden. Ik werd gewaarschuwd dat de siphons leeg konden spuiten en er een rioolgeur in huis zou kunnen komen hangen. En er werd aangeraden een met water gevulde emmer op het WC-deksel te zetten.

Ik zit op het toilet. Ik probeer niet te denken aan wat er zal gebeuren als net op dit moment  de hoge druk op het riool gezet wordt.


Post

maart 9, 2017

Ik stap mijn voordeur binnen en zie een pakje liggen. Ik verwacht een jurk en ben blij dat hij er is. Ik ben ook blij dat de jurk blijkbaar door de brievenbus kon en niet bij de buren hoefde afgegeven te worden. Ik neem het pakje mee naar de keuken. Ik zie het etiket. Kiala. En een naam die niet de mijne is, maar die me wel bekend voorkomt.

Ik realiseer me dat ik dat pakje juist achter de deur had gelegd zodat ik niet zou vergeten het te versturen. Het is veel te dik voor de brievenbus. Ik ben blij dat ik het niet heb open gescheurd.


Met Liefs

maart 7, 2017

In een Chiro-lokaal.

chiromatras


Identiteitsbewijs

maart 1, 2017

Op het gemeentehuis stap ik het pasfotohokje in. Een vrouwenstem vertelt met wat ik moet doen. Ik volg de instructies keurig op. Ik kijk neutraal, recht naar voren en mijn ogen blijven binnen de gele lijnen. Mijn foto wordt afgekeurd. En nog eens. En nog eens. Mijn pogingen zijn op. De vrouwenstem vraagt of ik opnieuw wil beginnen. Ik heb weinig keus. Ik probeer mijn haar zoveel mogelijk achter mijn oren te krijgen omdat volgens de richtlijnen de ooraanzet zichtbaar moet zijn. Nog drie foto’s worden afgekeurd.

Ik vraag een gemeentemedewerker om hulp. Hij raadt me aan gewoon een afgekeurde foto te nemen. Hoogst waarschijnlijk keurt de paspoortfotoscanner hem wel goed.

Ik wacht op mijn beurt aan de balie. Intussen laten vier andere mensen foto’s maken in het hokje. Alle foto’s worden zonder morren goedgekeurd.

De paspoortfotoscanner vindt mijn pasfoto prima. De komende tien jaar zal op mijn identiteitskaart een goed pissig hoofd prijken.


Leesboek

februari 27, 2017

We zitten aan de koffie. En praten. Ze vertelt dat boeken haar leven hebben gered. Ik vraag haar wat voor boeken ze leest. “Nou ja, leesboeken hè?” antwoordt ze. Ik neem een slok koffie. De bovenbuurman zet zijn house-muziek volle bak aan.


Gasstel

februari 24, 2017

Ik maak een bessen-yoghurttaart. Zoals elke week. Het is een van de weinige dingen die ik als ontbijt kan eten. De bodem staat op het gasstel te wachten op het yoghurtmengsel. Ik heb een paar minuten geleden de zeer pure chocolade-kokosoliesaus over de bodem gegoten.

Ik pak de siliconen vorm met bodem van het gasstel en zie een grote plas chocoladesaus. Ik inspecteer de vorm en ontdek een ferme scheur in de onderkant. Ik kijk naar de plas en haal mijn schouders op. Ik lik chocoladesaus op. En lik nog eens. Ik proef dat het gasstel al een tijdje niet heb schoongemaakt.


Leuk Zeeuws

februari 13, 2017

In mijn cadeaumand vind ik drie zoete Zeeuwse verrassingen. Ik hou van cadeaus en ik hou van verrassingen en de buurman houdt van zoet. Het Zeeuwse knop blikje met dropjes ziet er leuk uit, maar de 99% koolhydraten maakt het iets minder leuk. Het is voor de buurman. Een mok met een Zeeuwse boer en boerin erop is gevuld met chocolaatjes in de vorm van een Zeeuwse knop. Ik hou van mokken, dus verwijder ik de cellofaan verpakking zodat de chocolaatjes richting buurman kunnen gaan en de mok hier kan blijven. De mok blijkt voor de helft gevuld met een prop verpakkingsmateriaal. De tekst “Leuk Zeeuws” wordt zichtbaar aan de binnenkant. Er rest nog een blok chocolade met een lepel erin. Ik hou van lepels. Ik heb een heel assortiment. Ik open de “Leuk Zeeuws” verpakking, trek de lepel uit de chocolade en ontdek dat de lepel van plastic is. Ik gooi hem in de vuilnisbak. De chocolade gaat naar de buurman.


Psychopaten en krankzinnigen

februari 12, 2017

Ik jog op het fietspas langs de provinciale weg. Een wit bestelbusje nadert. En claxonneert. Ik zie de bestuurder enthousiast zwaaien. Ik denk aan de schrijver die beweerde dat alle bestuurders van witte bestelbusjes psychopaten zijn. Ik zwaai terug.

Ik bekijk mezelf. Ik ben verkouden dus ik draag twee broeken, beenwarmers, een te groot knalrood vintage trainingsjack, een gehaakte omslagdoek die ik drie keer om mijn hals heb gewikkeld en waardoor ik mijn hoofd nauwelijks meer kan bewegen, en een blauwe seventies schaatsmuts met kwastje. En roze handschoenen. En oranje hardloopschoenen.

Mijn vriendin vertelde me ooit dat haar familie raar is, maar de mijne krankzinnig. Wellicht ben ook ik krankzinnig. En heeft de psychopaat in de witte bestelbus dat herkend.

Dan bedenk ik dat mijn vriendin ook soms in een witte bestelbus rijdt.


Liever niet

februari 9, 2017

Ik loop door Gent. In mijn spijkerbroek, mijn blauwe leren jack en de UGGs van mijn moeder. En met mijn te lange korte haar. Ik heb een loopneus en moet om de haverklap niezen. Ik ontwijk spiegelende winkelruiten. Ik heb mijn handen diep in mijn broekzakken gestoken. Ik ben slechtgehumeurd.

Een dikkige man van een jaar of vijftig stapt op met af. Hij kijkt wat wazig uit zijn ogen. In zijn handen heeft hij een groot fototoestel.
“Mag ik misschien een foto van u maken?”
“Nee, liever niet. Sorry.”
“Oké.”


In mijn kamer

februari 3, 2017

Stond opeens een vreemde man.

de-man


Met Liefs

januari 26, 2017

Ik vraag of de klas weet welke twee functies borsten bij een vrouw hebben. Een meisje zegt dat borsten zijn om melk aan babies te geven. Verder heeft ze geen idee. Een jongen steekt enthousiast zijn vinger op: “Mevrouw, is het niet gelijk bij een kameel? Voor niet om te rollen?”


In de mist

januari 24, 2017

Zag ik een zwangere ballerina.

dame


Opvrolijk broches

januari 13, 2017

Mijn vriendin is zielig. Ze is net geopereerd en heeft nog een lange weg te gaan tot ze de oude weer is. Aan de telefoon klinkt ze als een verdunde versie van zichzelf.

Niet lang geleden heeft ze een kat aangeschaft. En heeft hem de opdracht gegeven per direct te gaan muizen.

Mijn vriendin houdt van broches.

Ik denk dat ik iets heb om haar op te vrolijken.

poesmuis


Januari blues

januari 13, 2017

De wind blaast de regen onder het keukenraam door naar binnen. Het is maar goed dat Jezus aan zijn kruis hangt. Anders had hij natte voeten gekregen.

Ik wikkel me in een grote kleurige sjaal. Ik prepareer een kruik. Naar buiten kijken kan niet. Mijn slaapkamerraam is dicht gesneeuwd. Ik word maar niet warm.

Het stormt. Er wordt gevreesd voor extreem hoge waterstanden. Ik ben blij dat ik naar het zuiden ben verhuisd.


Voorraad

januari 7, 2017

Bij de drogist. Mijn favoriete badolie is in de aanbieding: twee halen, één betalen. Ik pak vier flesjes. In mijn kast staan ook minstens vier flesjes deodorant. Daar kan de badolie mooi naast.

Ik denk aan het vriendje dat ooit mee ging naar het huis van mijn ouders. ’s Ochtends kwam hij de keuken binnenlopen en riep uit: “Nou ja, weet je wat ik nou gezien heb? In de badkamerkast? Wel zes tubes tandpasta en vier flesjes deodorant. Dat is toch raar? Je kunt er toch maar eentje tegelijkertijd gebruiken?”

Mijn ouders en ik keken hem met open mond aan.

Ik zie dat de Oral-b tandenborstels eveneens in de aanbieding zijn. Ik neem er acht mee.


Wandelen omdat het moet

januari 6, 2017

Ik wandel door de polder. Niet omdat ik dat wil, maar omdat het moet. Ik moet bewegen maar mag niet joggen. Of in de trapeze hangen. Of buikspieroefeningen doen.

Ik heb geen zin dus wandel ik het rondje dat ik normaal gezien jog. Het is koud. De wind blaast door mijn corduroy broek. Het wandelen duurt lang. Ik ben blij dat ik een foto kan maken.

kas


In de wachtkamer

januari 3, 2017

“Hosker!” zegt de bejaarde vrouw als ze hoort dat de huisarts weg is voor een spoedgeval. Ze gaat zitten en kijkt om zich heen. Ik kijk naar haar. Naar haar pimpelpaarse skijack, grijze wollen broek en gezondheidsschoenen. Ze begint te praten. Met mij. Ze praat over haar wasmachine, haar Miele, haar tweede nog maar. Over hoe haar witte was de witste was is die er bestaat. De mensen nu kunnen dat niet meer, wit wassen. Witte was van nu is groezelig. Maar die van haar niet. Al wast ze hem niet meer op 90 graden. Als ze een nieuwe moest kopen zou ze een 7 kilo model nemen. Want hij zit soms toch wel vol. Ze lacht hard.

Ik kijk naar haar tanden. Ze zijn nog maar zo’n twee millimeter lang en afgebrokkeld. Ik moet denken aan een oude haai.

Ze vertelt over haar CV-ketel die ze al 30 jaar heeft. Volgens de monteur moet hij maar één keer in de twee jaar nagekeken te worden. Omdat de lucht in Oostburg zo schoon is. Veel schoner dan in Terneuzen. In Terneuzen gaan de CV-ketels niet zo lang mee.

Ze praat over de Marokkanen in Vlissingen. Over dat ze wel eens door zo’n straat gelopen heeft. Met junks en van die mensen. Dat was toch wat.

Ik kijk star voor me uit en antwoord niet meer. Ik concentreer me op de pijn in mijn buik en mijn rug.

“Kijk,” zegt ze tegen haar man terwijl ze naar een kunststof draad wijst met een haakje eraan. “Dat is voor de fiffi.” “Wat?” vraagt de man. “De fiffi!” “Oh, wifi,” zegt de man. “Maar neen, dat is om de lijsten op te hangen.”

Ik word binnengeroepen door de huisarts.

 


Nieuwjaarsdag

januari 1, 2017

Op het Zeeuws Vlaamse platteland.

bontmuts


Mist

december 29, 2016

Het is mistig. Ik ga joggen. Ik vind het fijn om in de mist te lopen. De wereld is kleiner en minder luid. Overzichtelijker. Ik kijk alleen naar het stukje weg vlak voor me en staar niet over de akkers naar mijn huis in de verte om te bedenken hoe het is om daar aan te komen en klaar te zijn met mijn rondje. En voilà, voor ik het weet ben ik thuis.

Ik neem me voor om de mist toch eens wat meer toe te laten in de rest van mijn leven.


Santé

december 28, 2016

“Volgend jaar word ik negentig,” zegt hij met een glas cava in zijn hand. Zijn ogen glanzen. “Dat is een serieuze leeftijd,” antwoord ik. “Allez, santé!” proost hij. “San…” spoort zijn zoon aan. “Santé santoatere. ‘k Heb liever bier dan woatere!” Hij lacht breed. We nemen een slok.


Nooit Gedacht

december 24, 2016

nooitgedacht-kopie


Een bezoekje aan de osteopaat

december 22, 2016

“Ben je niet heel moe?” vraagt de osteopaat. Ik denk na. Misschien wel. Ik heb hard gewerkt, dus vind ik dat niet zo raar. De osteopaat trekt aan mijn rechter heup en gromt. Gaat op mijn gekromde been hangen en gromt nog harder. Het is niet goed met me. Dat heb ik intussen wel begrepen.

“Je hebt een blaasverzakking, en daardoor zit alles tot helemaal bovenaan helemaal vast.” Ik kijk hem wat angstig aan. “Is dat heel erg?” vraag ik. “Je blaas komt nog niet door je vagina naar buiten,” antwoordt hij. Ik weet niet of ik nu opgelucht moet zijn of juist niet.


Verloren

december 17, 2016

awerpen


Ratatosk

december 14, 2016

Mijn vingers koud en opgezet
Mijn voeten zijn twee blokken
IJs de lakens van mijn bed
Tot boven opgetrokken

Met lippen blauw en uitgedroogd
Met ogen dichtgeknepen
Schreeuw ik, niemand die me hoort
Je naam totdat ik hees ben

Opeens zie ik, daar bij de kist
“t Is donker, ‘k weet niet zeker
Heel even iets, als in een flits
Een schaduw, een beweging

Daar is het weer – en weer – ik zie
Een eekhoorn, ‘k ben aan ’t dromen
Hoe kan zo’n beestje uit het niets
Mijn slaapkamer in komen?

Mijn hart bonkt hol en uitgeblust
Mijn adem komt in horten
Scherp, de koude nachtlucht kust
Mijn angsten en mijn zorgen

De ochtend raakt mijn rechter wang
De zon komt aangekropen
Eindelijk ben ik minder bang
En doe mijn ogen open

Ik zie de eekhoorn, naast mijn arm
En dichterbij; hij fluistert
Met zachte stem, heel lief en warm
Ik adem uit en luister

Zijn woorden ruisen in mijn hoofd
Als wind door hoge bomen
‘k Weet zeker: Ratatosk belooft
Dat alles goed zal komen

220px-am_738_4to_ratatoskr


Zo’n druilerige dag

december 13, 2016

Ik heb een hangdag. Hangdagen mogen, zeg ik tegen mezelf. Daar is het vakantie voor. Andere mensen hangen ook als ze vakantie hebben. Ze gaan ervoor naar Turkije of Kreta en hangen dan in een stoel naast het zwembad. In bikini. Met een cocktail met een parasolletje.

Ik hang in mijn bed. In mijn Marimekko slaapshirt. Met koffie. En Netflix. Shutter Island. Buiten is het druilerig. Op mijn Velux raam verschijnen fijne druppels.

Opeens besluit ik dat ik moet bewegen. Ik mag boodschappen gaan doen, trainen in de trapeze, of een rondje joggen. Ik schiet mijn joggingkleren aan en zet mijn schaatsmuts op. Binnen de vijf minuten loop ik langs de provinciale weg.

Ik kom een jongen tegen op een fiets. Hij groet me. Ik ben verbaasd. Ik groet terug.

Ik voel mijn darmen. Moet naar de wc. Ik heb nog drie kilometer voor de boeg. Ik denk aan de koffie. En aan het feit dat ik vandaag nog niet naar het toilet ben geweest. Ik jog door. Halverwege vraag ik me af of ik niet beter terug had kunnen gaan toen de problemen begonnen. Ik probeer te ontspannen. Spreek mijn darmen toe. En jog stug door. Ik stel me voor wat het ergste is wat er nu kan gebeuren. En weet dat ik al veel ergers heb meegemaakt. Ik loop voor mijn doen heel hard. Ik stel me voor dat de mensen die in de huisjes langs de weg wonen een schicht voorbij zien komen. Een schicht met een ijsmuts.

Ik haal zonder ongelukken de achterdeur. Mijn record is verbeterd. Ik weet het zeker. Buiten begint het te regenen.


Voldaan

december 11, 2016

Vriendin S komt logeren omdat ze twee optredens heeft aan de andere kant van de Westerschelde. In de ochtend, na koffie en wafels, trainen we in de trapeze. Ik ben wat onwennig. Toch zijn we op een of andere manier beter op elkaar afgestemd dan ooit en ontstaat er een prachtige truc op een plaats in de act die altijd licht rommelig was. We zijn zo blij als kinderen.

Bij de therapeut moet ik me een moment voor de geest halen waarop ik me sterk en onoverwinnelijk voelde. Ik denk aan het straattheaterfestival in Luxemburg. Aan het moment vlak na de voorstelling. S en ik zitten naast elkaar op de trapezestok uit te hijgen en zwaaien naar het publiek.

Ik neem me voor weer meer te gaan trainen.

35c777c450dc4c3372e6b921ae171b70c5d90b7d


Blauwe billen

december 5, 2016

Het is een gezellige avond. Een avond met goede vrienden. Een avond met alcohol. Bij vriend F thuis loop ik de trap af. De treden zijn smal. En ik draag klomplaarzen. Ik glij uit, land pijnlijk op mijn billen en stuiter de hele lengte van de trap naar beneden.

F vraagt geschrokken of het gaat. Ik ben vooral gegeneerd. Ik krabbel op, zeg dat er niets aan de hand is en loop zijn woonkamer in.

De volgende dag kijk ik in de spiegel. Ik ontdek twee grote bloeduitstortingen op mijn billen en een schaafwond op mijn rug. Ik bedenk dat ik over een week model moet zitten voor de Gentse tekenaars. “Ik ben van de trap gevallen” klinkt niet heel erg geloofwaardig.


Sjaal

december 3, 2016

“Kijk,” zei mijn schoonmoeder tegen me. “Een sjaal.” “Mooi,” reageerde ik. “Ik hou niet van sjaals,” zei ze. “Ik draag ze nooit, maar mijn man blijft ze me maar geven voor mijn verjaardag.” “Oh,” zei ik. “Ik gebruik ze als vulling in mijn handtas,” zei ze terwijl ze de delicate zijden sjaal in haar tas propte.


Herinneringen

december 2, 2016

Op mijn werk koor ik vaak de volgende tegeltjeswijsheid langskomen: “De gebeurtenissen van vandaag zijn de herinneringen van morgen.” Ik moet dan denken aan vriend L, die me zo’n vijftien jaar geleden iets vertelde wat ik nooit vergeten ben.

Hij zei dat hij zichzelf erop betrapt had dat als hij een afspraak had met een nieuwe vlam en met haar in bed belandde, hij tijdens het gelukkige samenzijn al uitkeek naar het moment dat hij weer alleen thuis zou zijn en volop kon genieten van de herinneringen aan datzelfde samenzijn. En daar wilde hij vanaf. Hij wilde de kunst verstaan om te genieten van wat er werkelijk gebeurde in plaats van het herafspelen in zijn hoofd van de highlights achteraf.

Misschien dus maar iets minder focussen op die herinneringen van morgen.


Kaas

december 1, 2016

Mijn vriend vertelt een verhaal.

Op de lagere school zit hij in de klas met een dik jongetje. Het jongetje is niet erg populair. Om toch leuk gevonden te worden neemt hij regelmatig eten mee. Op een dag is dat eten een flink stuk kaas. De vriend houdt van kaas en neemt een grote hap. Hij moet moeite doen om de kaas weggekauwd te krijgen en verbaast zich over de plakkerige vettigheid en het feit dat hij de kaas helemaal niet lekker vindt.

“Sindsdien,” zegt hij, “weet ik dat kaas alleen smaakt in kleine porties.”

Het is dertig jaar geleden dat ik het verhaal hoorde. En nog vaak, als ik kaas eet, komt het naar boven gedobberd.

 


Back to the 60s

november 22, 2016

60es


Kort haar

november 19, 2016

“Je bent net een vent,” zegt hij als ik de deur binnen stap. “Dank je wel,” antwoord ik. “Die kan ik fijn in mijn achterzak steken.” Ik glimlach en maak een in-de-achterzak-steek-gebaar. “Maar jij hebt lang haar. Ben jij een vrouw?””Kom maar even mee, dan zal ik het je eens laten zien!” brult hij. “Ah,” zeg ik. “Ik zie nu ook een baard, dus toch geen echte vrouw?” “Jij kunt niet incasseren hè?” zegt hij. “Dat heb ik altijd al geweten.” Oh ja?” vraag ik. “Maar jij kunt me niet beledigen, want jij bent een vrouw. Alleen een man kan me beledigen. Ik ben Nietzschiaan.”

Ik kijk hem aan. “Hier moet ik toch even mijn hersenen omheen buigen,” zeg ik. “”Dat dacht ik wel,” zegt hij. “Een tijger is alleen bang voor een tijger. Maar dat begrijp jij niet.”


Marcel de bassethond

november 18, 2016

Ik zit voor de grote spiegel achterin de zaak. De kapster is enthousiast aan het knippen. Van bij het raam komen vreemde geluiden. “Hij moet een balleke kwijt,” zegt de kapster. “Dat doet hij alleen in de salon. Nooit thuis. ’t Is van het haar.” Allemaal kijken we richting raam. Een tweede kapster komt binnen. “Marcel heeft weer gekotst,” zegt de mijne. “En het stinkt. Ik ga het even opruimen.” Zuchtend gaat ze met schoonmaakspray en keukenpapier in de weer. Marcel, een vadsige Engelse bassethond, zit intussen met zijn neus in de boodschappentas van een nieuwe klant. “Zit er eten in? Oei de zak is stuk.” Marcel wordt van de zak weg getrokken.

Ik kijk in de spiegel. Mijn nieuwe haarsnit is prachtig.


De duif

november 17, 2016

Er ligt al drie weken een dode duif voor mijn deur. Elke keer als ik hem zie is hij platter. En lijkt hij meer aan de straatstenen vastgekit te zitten. Ik wil hem niet weghalen. Omdat ik hem dan aan moet raken. Omdat ik dan met hem bezig moet zijn. Dus probeer ik hem te negeren. Gisteren zag ik dat er een paar herfstblaadjes op de duif lagen.

Ik sta in de keuken en zet koffie. Ik hoor het lawaai van de veegwagen. Ik zie hem langskomen aan de overkant van de straat. Het wagentje maakt een u-bocht en komt terug. Ik kijk waar de draaiende borstels de grond raken en hoop dat de duif zal verdwijnen. Ik kijk niet naar de veegwagenbestuurder.

Als de wagen voorbij is open ik mijn voordeur. Ik ruik een vieze weeïge geur en zie dat de duif half weg is.

Het wagentje komt terug gereden met de borstels omhoog. Ik kijk vanuit mijn keuken. De bestuurder kijkt naar mij. Hij draait om, doet zijn borstels omlaag en komt nog dichter langs mijn huis gereden. Ik gluur door het raampje in mijn voordeur naar de straat. De duif is weg.


Ik erger me aan

november 16, 2016

Chauffeurs die tijdens een regenbui mistlicht voeren.

De klant die bij de kassa te dichtbij me staat.

Televisie als ik net ben opgestaan.

De vlieg die door mijn kamer zoemt.

Lichtreclame.

Het Aldi toiletpapier dat veel te dun is maar waar ik nog een maxi pak van heb.

Slechte koffie.

Mijn haar dat aanvoelt als een pruik.

De dode duif die nu al drie weken voor mijn deur ligt en steeds platter wordt.

Mijn eigen onverdraagzaamheid.


Spiegelei omelet

november 14, 2016

“Esther, ik wil een omelet. Zonder ham en kaas. Gewoon op twee sneetjes brood.”
“Natuurlijk M. Een omelet. Dus met geklopte eitjes.”
“Nee, nee, een omelet zonder ham en kaas. Op brood.”
“Ah, een spiegelei met drie eieren?”
“Een spiegelei omelet.”
“Eieren heel of stuk?”
“Heel. Een spiegelei omelet. En zonder ham en kaas. Op twee sneetjes brood.”
“OK.”
“Dank je wel hé Esther.”


Kort haar

november 11, 2016

De jongeren in mijn vormingen vinden kort haar bij meisjes lelijk. Soms zelfs mottig. Een meisje opperde dat kort haar wel kan bij lesbiennes, maar ben je dat niet, dan hoort je haar lang te zijn.

In mijn omgeving wordt lang haar bij vrouwen vrouwelijker gevonden dan kort haar. Vrouwen boven de veertig die hun haar laten knippen worden meewarig aangekeken. Zeker als ze hun haar ook nog in een roodtint verven.

Ik heb jaren lang lang haar gehad. Ik ben het beu. Binnenkort gaat het eraf. Maar verven doe ik niet.


De aardpeer

november 6, 2016

Een lezeres bericht dat inuline in de aardpeer voor darmkrampen en diarree kan zorgen. Het is een suikerachtig koolhydraat, schrijft ze, dat voor de mens niet verteerbaar is maar voor bepaalde schadelijke bacteriën in de darm wel. Die gaan gezellig voortplanten en dan zijn de poppen aan het dansen.

Ik doe wat onderzoek op internet en leer dat de aardpeer het best rauw gegeten kan worden omdat de inuline bij koken of bakken omgezet in fructose. Ik baal. Ik dacht nu net een aardappelachtige te hebben gevonden die ik wel mocht eten. Ik zie ook dat aardperen winderigheid kunnen veroorzaken. Ik google de glycemische index van rauwe en gebakken aardpeer. Ik kan hem niet vinden. Ik check de glucosemeting die ik na het eten van gebakken aardpeer heb gedaan en zie dat ik 5,9 mmol/L scoorde. Dat is goed. Heel goed. Het is tijd om de proef op de som te nemen.

Ik bak een stel aardperen en giet ze af. Ik leg ze op een bedje van rucola en begin te eten. Na het eten meet ik. 6,9 mmol/L. Dat is goed. Ik ga trainen. Ik schrik van mijn gebrek aan kracht. Na de training meet ik nog eens. 7,3 mmol/L. Nog steeds goed. Intussen ben ik al flink winderig en is mijn buik flink opgezet. Ik voel me belabberd. Ik probeer mezelf wijs te maken dat het bij winderigheid zal blijven en dat ik gewoon even slap ben. Ik wil die aardpeer kunnen eten. Alsjeblieft!

’s Nachts beginnen de krampen en de diarree. Keer op keer moet ik mijn bed uit. Ik moet het onder ogen zien: ja, wat diabetes betreft mag ik lekker aan de aardpeer, maar mijn darmen schreeuwen een duidelijk “nee!” Daar gaat weer iets wat ik lekker vind.


Groene energie

november 4, 2016

’s Avonds krijg ik last van een rommelende buik. Even later komen de krampen. En de diarree. ’s Nachts moet ik om het uur mijn bed uit. In de ochtend ben ik slap als een vaatdoek.

Ik vraag me af of de in de oven geroosterde aardperen de schuldigen zijn. Van de rucola kan ik het me niet voorstellen. Of was het misschien de al wat ranzig geworden arganolie?

Ik sta op en ga weer slapen en sta weer op en ga weer slapen. Iets klopt er niet.

Ik zet een kop thee. Green Energy, van Yogi Tea. Mijn maag begint accuut te rommelen. Ik voel krampen opkomen. En herinner me dat ik gisterenmiddag twee grote glazen groene energie heb gedronken.


Euro-hap

oktober 30, 2016

Mijn collega vertelt:

Vroeger verkochten we op vrijdagen de Euro-hap. Eten voor een euro. Meestal werd dat iets gefrituurds. Omdat dat makkelijk was. En goedkoop.

Op een vrijdag kwam een van de vaste klanten op de Euro-hap af. Een zeer zware man. Als je nu hier op straat zou kijken en een dikke man uit zou zoeken, zou die hoogst waarschijnlijk mager zijn vergeleken met deze man. Hij bestelde drie Euro-happen, wat op die dag gelijk stond aan drie frikandellen speciaal. De man werkte in vlot tempo de frikandellen naar binnen.

Hij had nog wel commentaar. Een aanradertje voor de volgende keer: “Je kunt beter tomatenketchup dan curry gebruiken. Dat is gezonder.”


Het antwoord

oktober 29, 2016

“Wat eten we vandaag?” vraagt hij. “En mag ik het zien?” Ik haal de schaal kip met venkel en sinaasappel uit de oven. “Ik wilde het wel eten maar nu niet meer,” zegt hij. “Want kip is vet.” Ik antwoord dat kip uit de oven niet vet is en hij zich geen zorgen hoeft te maken. “Ik ga dit niet eten want kip is te vet,” houdt hij vol. “En vanavond ga ik naar een hardrockconcert en dan moet ik de hele tijd naar de WC. In de trein naar Amsterdam moet ik dan naar de WC en op het concert. En op de bus naar Goes. Dat kan echt niet hoor!”

Ik vraag hem wat hij dan wil. “Doe mij maar een uitsmijter van drie eieren met ham en kaas,” is zijn antwoord.


Malaise

oktober 23, 2016

Ik voel me belabberd. En dat is goed. Stel je voor dat het beter zou gaan. En ik gewoon thuis zou zitten. Ziek gemeld. Maar stilletjes beter. Dan zou ik me heel schuldig voelen.

Ik hang in mijn bed. Slik paracetamol, echinacea, kaloba en vitamines. Ik slaap. Ik neem een stoombadje. Ik drink thee. Ik kijk Netflix.

Het hoesten, de keelpijn, het tranen, de slapte, de koorts; alles voelt goed omdat het bewijst dat ik me niet aanstel. Als ik in de spiegel kijk constateer ik tevreden dat ik er goed slecht uitzie.

Ik zoek op internet op of het goed is om een rondje te gaan joggen. Ik lees dat dat oké is als de symptomen zich alleen boven de nek bevinden. Ik voel een lichte pijn op de borst en haal opgelucht adem. Ik mag van mezelf binnen blijven.


Suf

oktober 22, 2016

De vorming is gedaan. De jongeren zijn uitgewuifd. Ik breng mijn materiaal naar de auto. Als ik terug het gebouw in loop merk ik dat mijn zware boekentas nog aan mijn schouder hangt.


De cyberpester

oktober 18, 2016

Ik krijg een bericht op mijn blog. De schrijver vraagt me of ik met mijn blog de wereld rijker maak. Vraagt me of mensen echt op mijn posts zitten te wachten. En vertelt me dat dat in zijn geval zeker niet zo is.

Ik kijk naar de blogpost waar hij op gereageerd heeft. Het is geen bijzondere post. Ik vertel niets schokkends. Doe geen sappige bekentenis. Heb het niet over wereldleed of politiek. Ik heb het gewoon over iets kleins. Iets alledaags. Iets waar ik tegenaan gelopen ben die dag.

Ik krijg weer een bericht. De schrijver vraagt me of ik dit echt nodig heb. Of ik een soort Facebookje over mezelf wil maken. En eindigt met de opmerking dat mijn leraar Engels van de middelbare school niet trots op me zou zijn. Hij ondertekent met zijn naam. M.

Ik herinner me M. Tijdens de Engelse les van de leraar waar hij het over heeft zat hij aan de schoolbank achter me. Ik kon het goed met hem vinden.

M gaat door: “Echt, je bent het zielige zogenaamd artistieke zeikwijf geworden, wat ik al zag aankomen op het KWL. Ga lekker zo verder.” En later: “Lekker ip adressjes met commentaar blokkeren, toch? Lekker echt, Esther, fijn zo, hahaha, als gedacht, hihi.”

Ik heb een tijdje niet meer geschreven. Het voelde niet meer goed. Of het nu helemaal door M kwam of niet kan ik moeilijk zeggen, maar zijn berichten hebben me zeker niet vrolijk gemaakt.

Ik stel me voor hoe het moet zijn: tegen de vijftig lopen en de behoefte voelen om iemand die je meer dan dertig jaar niet hebt gezien te gaan cyberpesten. Ik word er een beetje grauw van.

 


Haar

oktober 13, 2016

Ik zit bij de kapper aan het Sluizeken. Ik krijg een kopje koffie. En een cape die me twintig jaar ouder maakt. De kapster vraagt wat ik wil. Ze doet me denken aan de Gentse tekenares die ik graag mag. Ik laat haar mijn hondenoren zien. Ze begrijpt wat ik bedoel.

Ik zeg dat ik veel krullen wil, opgeknipt en niet veel van de lengte af. “Dan word je een champignon,” zegt ze. “Kijk maar, je haar krult aan de achterkant niet en dat gaat er echt raar uitzien.”

We overleggen en ze gaat aan de slag. Heel zorgvuldig. Goed kijkend hoe mijn haar valt. Intussen praten we over van alles.

Ik kijk in de spiegel en moet lachen. Ik zie er volslagen idioot uit. Bij deze kapper wordt droog geknipt en dat is allemaal goed en wel, maar krullen uitkammen en knippen heeft in eerste instantie een ongewenst visueel effect.

We kijken samen. “Ik lijk wel een oude paardenbloem,” zeg ik. “Of een struik,” antwoordt ze.

Bij deze kapper kom ik zeker terug.


Kapper

oktober 8, 2016

Ik wil naar de kapper. Na mijn vorige kappersbezoek zie ik, als ik in de spiegel kijk, een vrouw met behaarde hondenoren. Een zoektocht op internet leert dat ik op een Engelse cockerspaniël lijk.

Ik ga naar Gent. Naar een nieuwe kapper waar een vriend zich regelmatig laat knippen. Zonder afspraak, want dat mag volgens de website. Ik parkeer in de garage onder de vrijdagmarkt en loop naar het Sluizeken. Twee dames verwelkomen me. Maar knippen me niet. Pas over vier uur hebben ze plaats.

Ik wandel naar kapper nummer twee, achter de Korenmarkt. Een kapper waar ik al eens eerder ben geweest en die alle dagen behalve zondag open is. En waar je ook geen afspraak hoeft te hebben. De kapper is dicht. Het is woensdag. Geen mens te zien in de zaak en het licht is uit.

Ik bel de kapper die me de hondenoren heeft aangemeten. Ik krijg te horen dat Caro niet werkt op woensdagen.

Ik haal mijn auto op en rij naar huis.


Andere mensen

oktober 4, 2016

Ik kan niet slapen en denk aan andere mensen. Aan wat andere mensen doen. Wat ze fijn vinden. En of ik een beetje lijk op andere mensen.

Andere mensen gaan – als ik Facebook mag geloven – graag naar festivals in hun vrije tijd. Harde muziek, veel mensen, bier en platgetrapt gras. Ik gruwel al bij de gedachte alleen. Er moet meer zijn. Iets wat ik niet zie. Maar ik geloof niet dat ik de echte wil heb het te ontdekken.

Andere mensen gaan ook graag op café. Tot diep in de nacht. Om de volgende dag een kater te hebben. Ooit was ik anders. En deed ik hetzelfde.

Andere mensen hebben een gezin. Kinderen. Huisdieren. Een tv. Trendy tuinmeubelen. Ze gaan met de regelmaat van de klok op vakantie. Ze kopen bossen bloemen voor elkaar. Eten brood. En vlees. Aardappelen. Snoep.

Andere mensen zijn misschien gewoon anders.


Prikkels

oktober 1, 2016

Tijdens de eerste therapiesessie krijg ik een oefening om overprikkeling tegen te gaan. Ik leer te gronden en mezelf af te sluiten voor signalen waar ik niks aan heb. In de auto van Gent naar huis lijk ik minder snel geagiteerd dan anders. Ik heb goede hoop.

Ik heb een vrije zaterdag. Ik hang wat in mijn bed en kijk naar Netflix. Ik hoor muziek. En stemmen. Ik kijk naar buiten en zie de auto van de tuinmannen verder in de straat. Ik gil dat het verdomme niet normaal is, spring in mijn kleren en ren naar buiten om mijn verhaal te halen. De tuinmannen beloven de muziek zachter te zetten.

Er zijn nog wat sessies nodig.


Standing

september 30, 2016

Out.

klaprozen


Schuldig

september 29, 2016

Ik word opgebeld door de buro. Of ik in kan vallen, morgen, voor een vorming in Merchtem. “Liever niet,” zeg ik, “maar als het echt niet anders kan…”

Ik ontdek dat Merchtem niet bij Antwerpen maar bij Brussel ligt. En dat ik om vijf uur ’s ochtends op zou moeten staan om er op tijd te komen. Ik zeg nee. En voel me schuldig.

Ik zoek op internet naar hotels en B&Bs in de buurt van Merchtem. Om toch te kunnen gaan.

Ik vraag me af of ik morgen echt wil werken of liever thuis wil blijven en van mijn vrije dag genieten. Ik wil heel graag thuis blijven. En voel me nog schuldiger.

Gelukkig regent het.


Krakend geluid

september 29, 2016

Ik draai een sponsje door een bierglas vol sop en hoor een soort krakend geluid. Ik haal mijn hand voorzichtig uit het water. En het bierglas. Uit de rand van het glas ontbreekt een grote hoek. Langzaam komt er bloed mijn handpalm in gelopen.

In de auto terug naar huis herinner ik me een ander ongeluk met krakend geluid. Ik was in de woonkamer van de boerderij mijn spagaat aan het rekken. Opeens was daar het geluid. En mijn moeder die vroeg of ik een windje had gelaten. En de spagaat die een stukje dieper ging. En de scheur in mijn hamstring.

Vandaag is er niets geraakt. Ik kan al mijn vingers nog bewegen.


Paniekaanval

september 28, 2016

Midden in de nacht word ik wakker met een wild bonzend hart. Ik spring in blinde paniek mijn bed uit en ren naar het raam. Ik trek het velux dakraam open om van de man in mijn kamer te ontsnappen. De man met de paardenstaart. Door mijn hoofd schiet de gedachte dat ik naakt ben en dat als ik nu spring ik aangeklaagd kan worden wegens openbare zedenschennis.

Ik kijk nog eens goed mijn kamer rond, geholpen door het licht van de lantaarnpaal een stukje verderop. Er is geen man. Ik sluit het raam en kruip terug in bed.


Dingen

september 27, 2016

Die ik zou nu eens echt zou moeten onthouden:

– Koffie in de morgen smaakt beter als ik de avond ervoor geen alcohol heb gedronken.

– Hardlopen is comfortabeler met een sportbeha dan met een gewone beha.

– Mijn gezicht wassen met hars-handen zorgt voor een urenlang trekkerig gevoel.

– Die vrachtwagen kan ik beter op de snelweg inhalen om er niet de hele provinciale weg lang achter te moeten blijven hangen.

– Het tweede kopje koffie is lang niet zo lekker als het eerste.

– Mijn moeder komt niet meer terug.

– Ik heb echt genoeg Gunne Sax jurken.

 


Samenwerken

september 26, 2016

“Maar mevrouw, wij kunnen veel beter samenwerken als we het risico lopen nat te worden.”

boomstam


Interesse

september 25, 2016

“Stofzuigers,” zegt hij. “Tussen mijn vijf en acht jaar was mijn interesse stofzuigers.” Het is even stil. “Hoe werkte dat dan?” vraag ik. “Kende je alle verschillende merken?” “Nee,” antwoordt hij. “Als ik met papa en mama naar de winkel ging en mijn papa naar de audio keek, dan ging ik naar de stofzuigers. Ze zuigen allemaal verschillend. En dat vond ik interessant. En ook die klepjes met die extra onderdelen erachter. Die vond ik ook leuk. Maar toen ik acht was kreeg ik een andere interesse.


Garnalen

juli 27, 2016

In de rij bij de kassa zie ik dat een van mijn verse Noordzee-garnalen groen is. Fel groen. Schimmelgroen. Als ik aan de beurt ben geef ik het bakje garnalen aan de kassière. “Ik weet niet of garnalen groen worden als ze slecht zijn, maar ik durf het risico niet te nemen,” zeg ik. “Het zijn waarschijnlijk de kleurstoffen,” antwoordt ze. “Op verse garnalen?” vraag ik. “Om ze langer te kunnen bewaren,” zegt de kassière.


Voor de kast

juni 21, 2016

voor de kast
wat doe ik hier?
ik moest iets
maar wat?

ik ben vergeten
wat
dat

in de tuin
mijn voeten nat
mijn haren nat
mijn rug
nat

ik ga terug
en onthoud
ik weet
ik weet dat
je schoenen
je mag ze niet wassen
onder de kraan
want als
de aarde
in de afvoer komt
krijg je verstoppingen
dan moet de man komen
de man die de afvoer
uit moet breken
schoon moet maken
waar heb ik dat gehoord?

ik sta voor de kast
ik sta voor de kast
wat moest ik hebben?
wat is er in de kast?

ik ga naar de tuin
ik was in de tuin
ik ben nat
nat van de tuin

terug binnen
mijn schoenen
niet wassen
ik ga naar de tuin
ik heb geen schoenen
ik ga op blote voeten
en als ik terugkom
maak ik mijn voeten droog
aan de theedoek
de theedoek
die ligt te wachten
in de wasmand
die ligt te wachten
om gewassen te worden
de theedoek
die nu op de grond ligt
een theedoek die op de grond ligt
dat is niet hygiënisch
dat is niet zoals het hoort
wie zei dat dat niet was zoals het hoort?

ik hoorde dat je een tas
niet op de tafel mag zetten
en zeker niet op het aanrecht
een tas die op de grond heeft gestaan
een tas met bacteriën
mag niet op de tafel
en niet op het aanrecht

ik sta voor de kast
ik sta voor de kast